Disney begraaft strijdbijl
Nadat hij uit de raad van bestuur was gegooid, begon Roy Disney (links) een campagne tegen gedelegeerd bestuurder Michael Eisner. Foto: © EPA
BRUSSEL (bloomberg, eigen berichtgeving) - De Walt Disney Company en haar twee dissidente voormalige bestuurders Stanley Gold en Roy E.Disney, hebben de strijdbijl begraven. Daarmee komt een einde aan de controlestrijd die bijna twee jaar geduurd heeft. De nieuwe gedelegeerd bestuurder van Disney, Robert Iger, kan op 1oktober met een schone lei beginnen.

STANLEY Gold en Roy Disney hebben alle rechtszaken tegen Walt Disney stopgezet, en ze hebben beloofd dat ze op de volgende algemene aandeelhoudersvergadering geen poging meer zullen ondernemen om zelf bestuurders te laten benoemen. Roy Disney, een neef van stichter Walt Disney, wordt in ruil consultant en erebestuurder (,,director emeritus'') van de groep.

De openlijke vijandelijkheden bij Disney begonnen toen Roy Disney in november 2003 uit de raad van bestuur werd gegooid. Daarop begon hij een campagne tegen gedelegeerd bestuurder Michael Eisner. Volgens hem was Eisner, die topman van Walt Disney werd in 1984, op zeven terreinen tekortgeschoten de zeven voorgaande jaren. Zo achtte Disney Eisner verantwoordelijk voor de slechte gang van zaken in de themaparken van de groep, maar ook voor de ,,creatieve brain drain'' bij het concern.

Bestuurder Stanley Gold nam een paar dagen na Disney ontslag, en sloot zich aan bij diens campagne tegen Eisner. Samen zetten ze een website op, savedisney.com, waarin ze steun zochten voor hun campagne. Het was via die website dat ze aandeelhouders mobiliseerden om op de algemene vergadering van maart 2004 Eisner weg te stemmen als bestuurder. Dat lukte gedeeltelijk: Eisner werd weliswaar herkozen tot bestuurder, maar 45 procent van de aanwezige aandeelhouders steunde hem niet. Enkele uren na de algemene vergadering kondigde de raad van bestuur daarom aan dat Eisner als voorzitter opgevolgd zou worden door George Mitchell.

Een half jaar later, in september vorig jaar, kondigde Eisner aan dat hij zou opstappen bij de afloop van zijn mandaat als CEO, eind september 2006. Robert ,,Bob'' Iger, de ,,dauphin'' van Eisner, was de enige interne kandidaat voor de opvolging. De raad van bestuur van Disney nam een headhuntersbureau in de arm om een opvolger te zoeken, maar droeg uiteindelijk toch Iger voor. Eén nuance weliswaar: hij zou Eisner opvolgen met ingang van het boekjaar 2006, dat begint op 1 oktober 2005.

Terwijl Disney en Gold aanvankelijk de zoektocht naar een opvolger voorzichtig gesteund hadden, was de uiteindelijke keuze toch niet naar hun zin. Vooral het feit dat Eisner nog een vinger in de pap had bij de selectieprocedure ,,vervulde hen met afschuw'', schreven ze in een brief op hun website. Uit onvrede met die selectie, dienden ze enkele maanden geleden klacht in tegen de Walt Disney Company en een aantal van haar bestuurders wegens fraude en verkeerde informatieverstrekking in verband met de selectieprocedure van de nieuwe CEO.

Geen van de betrokkenen wilde tot nog toe commentaar leveren bij het akkoord tussen de kemphanen, dat vrijdagavond na beurstijd bekendgemaakt werd. Dat het toch tot een verzoening is gekomen, is volgens waarnemers te danken aan de diplomatieke talenten van Bob Iger. Dat Iger een goede bruggenbouwer is, blijkt ook uit het feit dat hij opnieuw onderhandelt met Steve Jobs van Pixar, de animatiestudie die bekend is van de computeranimatiefilms Toy Story, Monsters Inc., Finding Nemo en the Incredibles. Pixar, jarenlang de sterkhouder van Disney, zegde begin vorig jaar zijn distributieovereenkomst met het concern op, wat allicht heeft bijgedragen tot de val van Eisner. Iger is nu volop bezig de brokken te lijmen.

(kdr)