BRUSSEL - Vlaams minister van Binnenlands Bestuur Marino Keulen heeft een geactualiseerde versie klaar van de omzendbrieven-Peeters en -Martens, die onder meer regelen welke taal de faciliteitengemeenten moeten gebruiken in hun contact met de inwoners. De brieven bevestigen uitdrukkelijk dat de zes gemeenten de individuele briefwisseling in het Nederlands moeten voeren.

Over de rondzendbrieven die de toenmalige Vlaamse ministers Leo Peeters en Luc Martens eind jaren '90 uitvaardigden, wordt al jaren met de Franstaligen gebakkeleid. De Franstaligen beschouwen het als een pesterij dat ze in de faciliteitengemeenten - waar een bijzonder taalregime heerst - telkens opnieuw de gemeente of het OCMW moeten vragen om hun briefwisseling in het Frans te laten verlopen. De Raad van State gaf de Vlaamse overheid eind vorig jaar in vijf arresten echter gelijk.

Nadat de federale regering er in mei niet in slaagde om de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde te splitsen, kondigde de Vlaamse regering een pakket maatregelen aan om de verfransing in de Vlaamse rand tegen te gaan. De actualisering van de rondzendbrieven maken daar deel van uit.

De circulaires bevestigen de vorige versies en verduidelijken een aantal dingen. Zo wordt duidelijk vermeld dat de oproepingsbrieven voor verkiezingen of voor het afhalen van de identiteitskaart en de aanslagbiljetten voor de huisvuil- en milieutaks in het Nederlands moeten worden verstuurd.

De brieven bepalen ook dat er geen taalregisters meer mogen worden bijgehouden. De Raad van State beschouwde dat als onwettelijk. Volgens Keulen komt zo een eind aan een praktijk die 40 jaar lang bestond. De faciliteitengemeenten hielden lijsten bij van Franstaligen die dan ook automatisch in het Frans werden aangeschreven.

,,Het uitgangspunt van de Raad van State is dat Vlaanderen principieel ééntalig is. In de faciliteitengemeenten bestaat een bijzonder taalregime. Berichten en mededelingen aan de inwoners moeten tweetalig zijn. Geïndividualiseerde briefwisseling moet uitsluitend in het Nederlands zijn. Als een Franstalige een brief in zijn taal wil, moet hij daar telkens weer om vragen. Wij bevestigen die praktijk nu'', verklaarde Keulen vanmiddag. Keulen benadrukte wel dat Franstaligen die zelf naar de gemeente of het OCMW stappen altijd meteen in het Frans worden geholpen.

De VLD-minister werkte dus verder op de bestaande rondzendbrieven en besliste om er geen nieuwe op te stellen. ,,Anders bestaat het risico dat de Franstaligen dit aangrijpen als een nieuw gegeven en opnieuw naar de Raad van State stappen'', verduidelijkte Keulen.

De brieven worden in de loop van volgende week aan alle 308 Vlaamse gemeenten en OCMW's bezorgd.