DIGITALE TV. Kijken naar wat je wilt, wanneer je wilt... of toch bijna
Foto: © An Nelissen
ANDERHALF jaar nadat Belgacom TV ons land liet kennismaken met digitale televisie, kijken minstens 300.000 Belgische gezinnen al digitaal. De basis is daarmee stevig gelegd, nu nog wachten op de echte doorbraak bij het brede publiek.

Belgacom, dat eind juni vorig jaar van start ging met Belgacom TV, had eind september 2006 - dus vijftien maanden later - net geen 103.000 televisieklanten. Dat waren er al meer dan de 100.000 die het hoopte te bereiken tegen eind dit jaar.

Bij Telenet, dat in september 2005 van start ging met zijn digitale aanbod, stond de teller eind september op 182.000. Maar Telenet vertrok dan ook vanuit een stevige beginpositie: het heeft in Vlaanderen al 1,6 miljoen klanten voor analoge kabeltelevisie. Die laten omschakelen naar een digitaal sein, is gemakkelijker dan volledig nieuwe klanten werven, zoals Belgacom moest doen.

Toch viel dat resultaat voor Telenet wat tegen. De bedoeling was dat tegen eind dit jaar ongeveer een vijfde van de analoge televisieklanten omgeschakeld zou zijn naar digitale tv, maar in de zomer moest Telenet toegeven dat die doelstelling niet gehaald zal worden. Het WK Voetbal had, zo bleek, de verkoop van digitale tv niet dat extra zetje gegeven waarop het bedrijf gerekend had.

Belgacom en Telenet zijn niet de enige aanbieders van digitale televisie in ons land, maar wel de enige die er al in geslaagd zijn een betekenisvolle omvang te bereiken. Dat komt omdat alleen zij al interactieve digitale tv aanbieden. Hun concurrenten - TV Vlaanderen, dat digitale televisie aanbiedt via de satelliet, en iN.Di, het digitale platform van de zuivere intercommunales die verenigd zijn in Interkabel - beschikken (nog) niet over die mogelijkheid. Toepassingen zoals films opvragen, programma's die je gemist hebt later bekijken, en meespelen met spelletjes op televisie zijn er dus bij hen niet bij. Bij TV Vlaanderen is interactiviteit technisch niet mogelijk. iN.Di, dat kabeltelevisie levert aan ongeveer één Vlaams gezin op de drie, mikt erop in de loop van volgend jaar met een interactief aanbod te komen.

Interactiviteit is onmisbaar om van de echte voordelen van digitale televisie gebruik te kunnen maken. Maar inmiddels kampen ook Belgacom TV en Telenet Digital TV nog met beperkingen die hun echte doorbraak voorlopig nog afremmen.

Voor Telenet is dat vooral een geografische beperking. Telenet levert kabel-tv bij twee derde van de Vlaamse gezinnen, maar kan dat geografisch gebied niet uitbreiden. Onlangs nam het van zijn grootste aandeelhouder, Liberty, weliswaar de kabelmaatschappij UPC België over, die actief is in Brussel en Leuven, maar daarmee voegt het maar 125.000 kabelklanten - en dus 125.000 potentiële klanten voor digitale tv - toe aan zijn netwerk.

Daarmee lijkt de geografische expansie van Telenet ten einde. Gesprekken over een samenwerking met iN.Di liepen afgelopen zomer vast. Dat betekent dat kabeltelevisiekijkers in Limburg (Interelectra), en grote stukken van Antwerpen (Integan), Vlaams-Brabant (PBE) en West-Vlaanderen (WVEM) onbereikbaar blijven voor Telenet, ook al kan het hen internet en telefonie leveren.

Telenet slaagde er ook niet in de Waalse kabelmaatschappijen aan boord te halen. De acht Waalse kabelintercommunales die dit jaar verkocht werden, worden overgenomen door ALE en Brutélé, twee zuivere intercommunales uit de regio Brussel-Charleroi en Luik.

Als die overname doorgaat - er is nog wat juridisch gehakketak rond, onder meer omdat Telenet naar de Raad van State stapte - ontstaat er één groot Waals kabelbedrijf. De Waalse kabelmaatschappijen staan nog zo goed als nergens met de ontwikkeling van digitale televisie. Maar enigszins verontrustend voor Telenet is alvast dat ALE en Brutélé daarvoor een samenwerkingsakkoord hebben gezocht bij iN.Di. Dat zou er dus uiteindelijk toe kunnen leiden dat het speelveld van Telenet definitief beperkt blijft tot ongeveer twee derde van Vlaanderen.

Dat betekent dat Telenet Digital TV zijn groei vooral ,,uit de diepte'' moet halen, door meer van zijn bestaande klanten te overtuigen naar digitale televisie over te schakelen, én door zijn bestaande digitale televisieklanten meer betalende diensten te laten afnemen. Daartoe trekt Telenet volop de kaart van de interactiviteit, met toepassingen zoals video on demand , Net Gemist van de VRT, CMore van VT4 en iWatch van VTM, en de Rode Knop om mee te doen met spelletjes en televoting. Met succes, zegt het bedrijf.

Belgacom TV kampt niet met dezelfde geografische beperking als Telenet omdat het in heel België actief is, maar stoot voorlopig nog wel op technische belemmeringen. Zo is Belgacom TV om technische redenen nog niet in heel het land beschikbaar.

Die blinde vlekken worden weggewerkt, maar voorlopig kan een aantal potentiële klanten nog niet geholpen worden.

Ook de technologie zelf - Belgacom TV zendt uit via de ADSL-breedbandkabel - beperkt de mogelijkheden. Op twee televisietoestellen tegelijk verschillende programma's bekijken kan bijvoorbeeld alleen als men extra betaalt.

Daarmee stoot men op een laatste beperking, die zowel geldt voor Telenet als voor Belgacom, en dat is het prijskaartje. Digitaal tv-kijken is voorlopig nog een dure aangelegenheid, of het wordt toch zeker als dusdanig ervaren in een land waar goedkope analoge kabeltelevisie met een goede kwaliteit al jarenlang een evidentie is.

De twee grote aanbieders mogen dan al geregeld serieuze kortingen aanbieden op de decoders en installatiekosten voor nieuwe klanten, dan nog moet er voor veel extra toepassingen ook extra betaald worden. Pas als Jan Modaal vindt dat die toepassingen de moeite waard zijn, zal hij bereid zijn daarvoor in zijn portemonnee te tasten en zal digitale televisie echt doorbreken.