IMF waarschuwt voor plotse marktcorrectie
De Brit Gordon Brown (l.) liet de verkiezingsstrijd in eigen land even achter om de vergadering voor te zitten. Rodrigo de Rato, de directeur-generaal van het IMF, zit naast hem. Foto: © BELGA/AFP
BRUSSEL - De directeur-generaal van het Internationaal Monetair Fonds, Rodrigo de Rato, waarschuwde zaterdag de in Washington bijeengekomen ministers van Financiën dat de positieve economische vooruitzichten doorkruist kunnen worden door een plotse marktcorrectie, uitgelokt door de verregaande internationale financiële onevenwichten. De ministers gaven toe dat ,,krachtdadig optreden'' vereist is.

HET centrale scenario voor de wereldeconomie is buitengewoon positief, zei Rato op de halfjaarlijkse bijeenkomst van het Internationaal Monetair en Financieel Comité (IMFC), de beleidsgroep waarin een beperkt aantal ministers alle 184 lidstaten vertegenwoordigt. Maar als het beleid niet verandert in reactie op de financiële onevenwichten, bestaat het risico van een ,,abrupte correctie door de markten op een moment waarop het vertrouwen om verschillende redenen zou verdampen''.

Hij verwees daarmee naar het reusachtige tekort op de lopende rekening van de Amerikaanse betalingsbalans en naar de corresponderende overschotten in andere delen van de wereld, vooral in Azië. Zijn waarschuwing werd kracht bijgezet door een daling van de Dow Jones met 191 punten, waarmee Wall Street zijn slechtste week sinds einde maart 2003 afsloot.

In hun slotverklaring riepen de ministers (zichzelf) op tot concrete acties op alle continenten om de internationale onevenwichten geleidelijk terug te dringen. De recepten bestaan uit: begrotingsconsolidatie met het oog op een opvoering van het nationale sparen in de Verenigde Staten; grotere flexiliteit van de wisselkoersen, ondersteund door voortgezette hervormingen van de financiële sector in Azië; voortgezette structurele hervormingen gericht op sterkere groei en een hogere binnenlandse vraag in Europa; en verdere structurele hervormingen, met inbegrip van begrotingsconsolidatie, in Japan.

Ook de aanhoudend hoge olieprijzen een nefaste weerslag kunnen hebben op de groei. ,,We zijn het eens over het belang van een aantal maatregelen'', zei de Britse minister Gordon Brown, die de verkiezingsstrijd in eigen land een etmaal achter zich had gelaten om de vergadering te komen voorzitten. Hij verwees naar het wegwerken van remmen op de investeringen in de olieproductie en in de raffinagecapaciteit, het nastreven van een efficiënter energiegebruik, het aanboren van alternatieve bronnen van energie, een intensere dialoog tussen producenten en verbruikers, betere informatie over de beschikbare reserves en een transparantere werking van de oliemarkt.

Over armoedebestrijding was er schijnbaar weinig toenadering van de standpunten, al bleef Gordon Brown beklemtonen dat geleidelijk vooruitgang wordt geboekt. Over een mogelijke verkoop van IMF-goud om verdere schuldverlichting te financieren, zal tegen de volgende halfjaarlijkse bijeenkomst, in september, met IMF-aandeelhouders worden gepraat. Directeur-generaal Rato gaf de afgelopen week te kennen dat zo'n verkoop te verkiezen zou zijn boven een boekhoudkundige opwaardering. Maar de Amerikaanse minister van Financiën, John Snow, zei niet te geloven dat een verkoop van IMF-goud nodig of gerechtvaardigd is.

De door de Britse regering voorgestelde International Finance Facility - het aangaan van leningen op de internationale obligatiemarkten met de toezeggingen van toekomstige ontwikkelingshulp als onderpand - en de door Frankrijk voorgestane nieuwe internationale belastingen werden in de slotverklaring louter pro memorie aangestipt. Woordvoerders van ngo's reageerden met de vaststelling dat tegen de volgende bijeenkomst weer miljoenen kinderen zullen sterven die gered hadden kunnen worden.

Eerder waren de ministers van Financiën van de G7 bijeengekomen. In een korte slotverklaring gaven ze te kennen dat krachtdadig optreden vereist is om de wereldwijde onevenwichten aan te pakken en de groei in de hand te werken, met analoge voorschriften per continent als in het IMFC-communiqué.

China werd er eens te meer impliciet toe aangezet zijn munt op te waarderen: ,,wisselkoersen moeten de fundamentele economische gegevens weerspiegelen'' en ,,meer flexibiliteit inzake wisselkoersen is wenselijk voor belangrijke landen of gebieden die dergelijke flexibiliteit ontberen''. De VS hadden graag sterkere taal gezien, maar de Japanse minister Tanigaki verzette zich daartegen. Peking zal de vaste band tussen de yuan en de dollar vroeg of laat versoepelen, zei hij, we moeten het zijn eigen tempo laten bepalen.