ROTTERDAM Commissarissen van Ahold hebben vorig jaar, zes weken voordat het boekhoudschandaal openbaar werd, het dringende juridische advies gekregen met de boekhoudproblemen naar buiten te treden. Dat blijkt uit onderzoek van de krant NRC Handelsblad.

Ahold maakte zijn moeilijkheden pas op 24 februari 2003 bekend, nadat meer geheime contracten waren ontdekt en een miljoenenfraude bij dochter US Foodservice aan het licht was gekomen. Huisadvocaat De Brauw Blackstone Westbroek gaf al op 13 januari 2003 het advies om ,,met spoed de noodzaak te overwegen'' een persbericht uit te geven waarin de omzetcijfers van de Scandinavische dochter ICA Ahold werden aangepast. Ook adviseerde De Brauw dat een onmiddellijk' vertrek van financieel bestuurder M. Meurs het meest in het belang van Ahold was. Meurs zou met ,,onoorbaar gedrag'' het bedrijf ,,in gevaar'' hebben gebracht.

Het supermarktconcern bleek omzetcijfers te gunstig te hebben voorgesteld, had te kampen met fraudezaken in de VS en Argentinië en hield informatie achter voor de accountant. Bestuursvoorzitter Cees van der Hoeven en Meurs stapten op 24 februari vorig jaar op.

De Brauw gaf het advies na intern onderzoek naar aanleiding van boekhoudproblemen bij ICA Ahold. Door een contract te verzwijgen voor de accountant kon Ahold de omzet van ICA meetellen. De Brauw verwijst in zijn rapport van 13 januari naar de opinies van geraadpleegde financiële experts. Die concludeerden dat Aholds rapportage niet klopte. Commissarissen gaven in januari geen gevolg aan het advies met een persbericht de cijfers te herroepen. Zij keurden daarentegen wel goed dat Ahold-bestuurders alsnog probeerden het contract met ICA zo aan te passen dat de boekhouding weer zou kloppen. Die pogingen mislukten omdat ze stuitten op een veto van accountant Deloitte.

Een Amerikaanse advocaat adviseerde op 13 januari de Amerikaanse beurstoezichthouder SEC te informeren en sancties te nemen tegen ,,verantwoordelijke individuen''. Ahold, genoteerd aan Wall Street, lichtte pas vijf weken na de adviezen, in de week van 17 februari, de SEC in.

De huidige raad van commissarissen van Ahold is niet bereikbaar voor commentaar. In de visie van voormalig president-commissaris H. de Ruiter is de SEC onmiddellijk' geïnformeerd. Het feit dat er nog minimaal vijf weken tussen het De Brauw-advies en het inlichten van de SEC zat, kan De Ruiter zich ,,niet herinneren''. Verder wenst De Ruiter niet te reageren op naar zijn zeggen ,,oude lulkoek''.

In een later rapport van De Brauw, dat na het opstappen van Van der Hoeven en Meurs werd uitgebracht, wordt geconcludeerd dat Van der Hoeven de onderzoekers van De Brauw, de accountant en commissarissen heeft ,,misleid'' en ,,bewust getracht'' heeft het bestaan van geheime contracten over zeggenschap in joint ventures van Ahold ,,achter te houden''.

© NRC Handelsblad