Guido De Padt (Open VLD) wil paal en perk stellen aan het fenomeen dat het vaak dezelfden zijn die als bijzitter in een stem- of telbureau moeten opdraven op verkiezingsdag. Hij lanceert een wetsvoorstel om burgers nog maximaal twee keer op te roepen.

Senator De Padt gaat naar eigen zeggen in op de verzuchting van landgenoten die zich telkens de pineut van het oproepsysteem voelen. 'Ze zijn niet blij, maar doen wel telkens met verve hun plicht. En net daardoor mogen ze bij volgende verkiezingen wéér komen', aldus De Padt. Vrederechters en voorzitters van stembureaus werken graag met geroutineerde mensen. 'Begrijpelijk, maar niet eerlijk', vindt De Padt. Toen hij van 2008 tot 2009 nog minister van Binnenlandse Zaken was, stuurde hij de vrederechters een instructiebrief om geen burgers meer op te roepen die al eerder als voor- of bijzitter zetelden. 'Die werd genegeerd. We moeten zoiets dus wettelijk verankeren.'

De Padt vindt dat wie al twee keer in zijn leven een functie in een kiesbureau uitoefende, een geldige reden tot vrijstelling heeft. Hij diende een wetsvoorstel in in de Senaat. Daarin moet het Rijksregister de identiteit van voor- en bijzitters noteren in de gemeentelijke bevolkingsregisters, net als het aantal keer dat men zetelde en in welke hoedanigheid.

'Het voorstel geldt met terugwerkende kracht en moet bij de volgende verkiezingen van kracht zijn', zegt De Padt. 'Al vrees ik dat we een stembusslag in mei of juni niet meer zullen halen. Let wel, wie graag als voor- of bijzitter wil blijven zetelen, kan dat perfect doen.'