Lonen in orde, toekomst niet
Met de lonen en ook met de werkgelegenheid in onze economie zit het snor. Maar met de productiviteit, de vernieuwingskracht en de internationalisatie ervan en met de investeringen in vorming en onderzoek niet.

Van onze redacteurs



Johan Rasking

Het jaarlijkse loonrapport dat de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven (CRB) straks officieel bekendmaakt, bevat geruststellende informatie op korte termijn en verontrustende op lange termijn.

Het rapport vergelijkt de Belgische lonen met die van de belangrijkste buren en handelspartners - Duitsland, Nederland en Frankrijk - en licht ook de rest van de concurrentiekracht door. De Standaard keek de cijfers al in.

Lonen

De CRB voorspelt dat de lonen dit en volgend jaar (2007-2008) met 5 procent zullen stijgen. Dat stemt exact overeen met de toegelaten stijging, de 'loonnorm'.

In de drie buurlanden stijgen ze gemiddeld met 5,8 procent, iets meer dan de 5,5 procent die de CRB eind vorig jaar verwachtte.

Zoals de vakbonden eind vorige week aangaven (DS 3 november), lopen de Belgische lonen dus mooi in de pas met de buurlanden; meer zelfs: een deel van de ontsporing uit 2005-2006 (de Belgische lonen stegen toen 1,1% meer dan bij de buren) is weer goedgemaakt.

De automatische loonindexering - het 'gevaarlijke' punt voor België - is dit en volgend jaar goed voor 3,4 procent, twee derde van de totale stijging, een beetje minder dan in de vorige periode (2005-2006), toen die 3,8% bedroeg.

Bovenop de index is er een stijging van 0,8 procent door cao-afspraken en 0,8 procent door de 'spontane loondrift' (individuele loonstijgingen in de bedrijven).

Werkgelegenheid

Het CRB-rapport is bijzonder positief over de werkgelegenheid in ons land. Het aantal banen zal dit en volgend jaar met 2,9 procent toenemen; bij de buurlanden gemiddeld maar met 2,2 procent.

Ook in de voorbije jaren (2005-2006) groeide de werkgelegenheid in België sterker dan bij de buren: met 2,7 tegen 1,2 procent. En in 2003-2004 steeg het aantal banen bij ons met 0,3 procent; terwijl het daalde bij de buren (-0,4).

Productiviteit

De rentabiliteit van de ondernemingen verbeterde fors en 'benadert het gemiddelde van het begin van de jaren zeventig'. Maar minder goed nieuws is er over alle elementen die op langere termijn spelen. De arbeidsproductiviteit, gemeten per gewerkt uur, zal met 2,2 procent toenemen in 2007-2008, veel minder dan voordien (2005-2006: 4,4 procent).

Innovatie

Nog minder goed nieuws is er over de vernieuwingskracht van de economie, de innovatie en over de internationalisatie. De ontwikkeling van de kennisintensieve sectoren verloopt in België trager dan elders. Belgische ondernemingen en multinationals creëren nog maar weinig nieuwe activiteiten in België. Er is een groot gebrek aan ondernemersschap in ons land. Ook qua internationalisering lopen de Belgische bedrijven achterop.

België investeert ook weinig in onderzoek en ontwikkeling: 1,86 procent van het bbp (2005), tegen 2,3 procent voor de buurlanden.

Opleiding

Evenzeer bepalend voor de toekomst zijn de investeringen in opleiding. Die zijn benedenmaats. Sinds 1998 gelden afspraken dat de bedrijven 1,9 procent van hun loonmassa moeten investeren in de opleiding van hun werknemers. Dat cijfer wordt niet gehaald. Ook de andere maatstaf hiervoor - het aantal werknemers dat opleidingen volgt - ligt laag.

Merkwaardig is de CRB-passage die zegt dat België echter 'een groot aantal werknemers telt met een job die minder kennis vereist' dan de werknemers in werkelijkheid hebben. Zegt dit dat de bedrijven niet eens ten volle de competenties gebruiken waarover hun personeel beschikt?

Blz. E1 Maaseik realiseerde grootste banengroei.