Europese Unie De EU-ministers van Financiën en de Commissie laten een merkwaardige verandering van toon horen.

Van onze redacteur

Bernard Bulcke

BRUSSEL. Voor zowel de voorzitter van de eurogroeplanden, Jean-Claude Juncker, als de Duitse EU-voorzitter, minister van Financiën Peer Steinbrück en EU-commissaris voor Economie Joaquin Almunia, is de huidige scheeftrekking tussen enerzijds de zeer goede economische groei en de stagnerende lonen anderzijds, ,,niet houdbaar''. Er moet volgens hen dringend een debat komen in de EU over de herverdeling van de vruchten van de economische groei. Ze zegden dat gisteren na afloop van de Ministerraad Economie en Financiën in Brussel.

Het is de eerste keer sinds jaren dat er op Europees niveau dergelijke taal gesproken wordt. Het nieuwe discours hangt vast aan de verwachting van de EU-ministers en de Commissie dat de groei in de eurozone en de Unie zeer goed blijven. De Duitse minister Steinbrück sprak de duidelijkste taal. De effecten van de groei zijn zodanig dat niet alleen meer naar de competitiviteit aan de kostenzijde gekeken moet worden maar ook naar de vraagzijde van de economie om de groei op peil te houden. Er moet gekeken worden naar de manier waarop iedereen kan deelhebben aan de vruchten van de groei. Steinbrüch verwees naar het corrigeren van het ,,Europees sociaal model''. ,,Voor de lage en de middeninkomens is er de jongste jaren een relatief verlies geweest terwijl de winsten stijgen. Dat is niet legitiem. We moeten een legitimiteitscrisis daarover vermijden'', zei hij. Steinbrüch legde ook een band tussen de daling van de interne vraag en een relatieve daling van de lonen.

Ook commissaris Almunia zei gisterenmiddag dat er nagedacht moet worden over een betere verdeling nadat er jaren matiging gevraagd is aan de vakbonden. Maar hij was genuanceerder. Hij wil geen algemene salarisverhoging maar de salarissen moeten parallel lopen met de productiviteit in de sectoren en de bedrijven.

In een technische nota die de Europese Commissie opstelde met het oog op het debat onder de ministers van Financiën, staat dat de groei van de lonen ,,significant lager'' was dan de inflatie en dat de loonevolutie in sommige lidstaten een ,,historisch laag'' niveau heeft bereikt. Volgens het document is de gemiddelde loongroei per werknemer in de eurozone voor de periode 1999-2005 niet hoger dan 2,6%.

De kwestie wordt verder besproken.