BRUSSEL -- Een economische groei van meer dan zeven procent in het derde trimester: meer is er echt niet nodig om zeker te zijn dat de Amerikaanse economie de crisisjaren achter zich heeft gelaten. Maar er zijn nog andere signalen in overvloed. Zo heeft Amerika deze week weer de eerste plaats veroverd in de hitparade van de meest actieve landen in bedrijfsfusies en -overnames.

Herfstvakantie of niet, de sfeer op de aandelenbeurzen was de voorbije dagen allesbehalve herfstig. De stijgende beurstrend van de afgelopen maanden werd niet alleen bevestigd, maar kreeg ook nog eens extra brandstof toegediend: een paar grote fusie- en verkooptransacties bevestigden de indruk dat het bedrijfsleven weer vertrouwen krijgt in de toekomst en bereid is om investeringsrisico's te nemen.

De grootste deal -- niet alleen van deze week, maar ook van het jaar totnogtoe -- was de overname, op maandag, van de regionale Amerikaanse bank FleetBoston Financial door Bank of America. Een transactie met een prijskaartje van omgerekend 35 á 40 miljard euro -- alnaargelang van de beurskoers van de overnemer, die een bod in eigen aandelen uitbrengt. Beide instellingen zullen samen de op een na grootste bank van de Verenigde Staten vormen.

Dezelfde dag nog betaalde Anthem, de vijfde levensverzekeraar in de Verenigde Staten, 14,3 miljard dollar voor het concurrerende WellPoint Health Networks, om samen de grootste te worden op de Amerikaanse markt. En eveneens op maandag legde een andere Amerikaanse levensverzekeraar, UnitedHealth Group, 2,95 miljard dollar op tafel voor zijn sectorgenoot Mid Atlantic Medical Services.

Daarmee was de eerste dag van de week meteen goed voor het grootste bedrag aan bedrijfsfusies en -overnames sinds 17 januari 2000, toen de interneteconomie op haar zenit stond. Oktober 2003 is nu al, met een transactiebedrag van 156 miljard dollar, met zekerheid de drukste fusiemaand in twee jaar. Het vorige record dateert van juli 2001, toen bedrijven voor een slordige 200 miljard dollar op koopjesjacht gingen.

Toch moeten de cijfers ook gerelativeerd worden. Dat enkele grote deals de voorbije dagen samenvielen, betekent nog niet dat er op middellange termijn sprake is van een plotse explosie aan fusies en overnames. Over het hele jaar totnogtoe spreken we vandaag over een bedrag van 940 miljard dollar. Dat is vijf procent meer dan in dezelfde periode vorig jaar, maar nog altijd 64 procent minder dan de 2,58 biljoen dollar die in dezelfde periode van het topjaar 2000 werden betaald.

Een andere nuance is dat het fusiegeweld deze week vooral plaatsvond in de Verenigde Staten, en dan nog uitsluitend in de financiële sector, bij instellingen die niet of weinig actief zijn in de rest van de wereld. De VS hebben Europa daarmee trouwens bijgehaald in de ,,hitlijsten'': beide regio's schreven dit jaar al een goede 400 miljard dollar fusie- en overnametransacties achter hun naam.

Wellicht is hier wel sprake van een trendbreuk. Tijdens de voorbije crisisjaren was vooral Europa het toneel van fusies en overnames, maar die hielden vooral verband met herstructureringen en ,,stroomlijningen'' om kosten te besparen in het bedrijfsleven. Zoals de fusie van de Italiaanse telecomgroep Telecom Italia met haar moederholding Olivetti. Deze week nog was er de verkoop, door het engineeringconcern ABB, van verlieslatende activa annex kapitaalverhoging, ter waarde van 4 miljard dollar.

Ook werden heel wat kleinere en middelgrote Europese bedrijven -- vaak familiale ondernemingen -- verkocht aan gespecialiseerde investeringsmaatschappijen die wilden profiteerden van de relatief lage overnameprijzen. In ons land was de meest opgemerkte deal de verkoop van Ontex aan het Britse fonds Candover, nu een klein jaar geleden.

De transacties die we de voorbije dagen in de Verenigde Staten zagen, zijn van een andere aard. Ze reflecteren het toegenomen economische vertrouwen, dat zelf in grote mate veroorzaakt wordt door het herstel van de beurs. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de financiële sector de eerste is om grote acquisities aan te kondigen.

,,De Verenigde Staten staan ongetwijfeld klaar voor een sneller herstel van de markt voor fusies en overnames dan Europa'', bevestigt Donald Johnston, het Europese hoofd van de afdeling Bedrijfsadvies bij Deutsche Bank. Traditioneel zijn de Amerikaanse bedrijven er trouwens altijd sneller bij wanneer de economie zich herstelt, omdat de drempel voor fusies en overnames er structureel lager ligt. ,,Het is veel eenvoudiger om (na een fusie) synergiebesparingen te boeken in de VS dan in Europa, omdat de wetgeving en de arbeidsmarkt er veel flexibeler zijn'', verklaart Johnston.