BRUSSEL -- Spilfiguren in de Vlaamse bedrijfswereld zijn betrokken partij bij het netwerk rond Lernout & Hauspie. Daar werd afgelopen zaterdag nog eens aan herinnerd door De Financieel Economische Tijd . De krant had het over advocaat Louis Verbeke (Loeff Claeys Verbeke), Luc De Bruyckere (Ter Beke), Johan van Tieghem (ex-Neirynck Textiles) en Christian Dumolin (Trustcapital, Koramic). Het gaat over hun inbreng in semafoonbedrijfjes die naar de naam NDC luisteren.

De NDC-bedrijfjes namen licenties op de commercialisatie van voice pagediensten. De betrokken deelnemingen werden later ingebracht in het bedrijf Omnivoice. ,,Dat men geen personeel ziet bij de NDC's, is normaal. Zij bezitten enkel de licentie'', zei Christian Dumolin zondag in een reactie aan De Standaard .

Dumolin wees er op dat het om een ,,volledig transparante zaak ging''. Ook advocaat Louis Verbeke reageerde verbaasd op het bericht in De Tijd . ,,We hebben die structuur zelf uitgelegd aan de pers, neergelegd bij de autoriteiten, gepubliceerd in het prospectus en nu doet men alsof men met een onthulling komt.''

Verbeke is ook de huisadviseur van Jo Lernout en Pol Hauspie en van het taaltechnologiebedrijf. Ondernemers en managers als Verbeke, Dumolin, De Bruyckere, Michel Sabbe, Johan Van Tieghem en Roland Eveaert (Mercator Noordstar) zijn overigens ook aandeelhouder van L&H. Met hun aandelenbelang helpen ze de stichters -- Jo Lernout en Pol Hauspie -- de controle over het bedrijf veilig te stellen.

Zowel de oorsprong van het NDC-verhaal als het aandelenbelang van de Vlaamse ondernemers in L&H gaan terug naar het bedrijf Turbo Data, van Peter Op de Beeck, schoonbroer van Louis Verbeke. De ondernemers die met Verbeke in Turbo Data waren gestapt, realiseerden bij de verkoop een grote meerwaarde. Die opbrengst werd op twee manieren herbelegd: in de verankering van L&H en in de NDC's. Met die laatste investering steunden ze Peter Op de Beeck, die de paging-technologie hielp lanceren.

Het in herinnering brengen van de NDC-structuur, is van aard om de indruk te versterken dat het gehele L&H-netwerk onvoldoende transparant is.