BRUSSEL -- Het aantal en de soort knelpuntberoepen zijn in de laagconjunctuur van 2001 nagenoeg onveranderd gebleven in vergelijking met de economische hoogconjunctuur van het jaar voordien, in 2000. De stijging van de werkloosheidscijfers, sinds september vorig jaar, heeft vooralsnog niet voor een daling van het aantal knelpuntberoepen gezorgd.

Dat blijkt uit de vijfde editie van het jaarlijkse onderzoek naar de 'knelpunten op de Belgische arbeidsmarkt', gezamenlijk uitgevoerd door Federgon (het vroegere Upedi, de federatie van uitzendbedrijven) en Cevora, het vormingscentrum voor bedienden.

De conjunctuurmalaise heeft alleszins geen invloed op het aantal knelpuntberoepen. Op de lijst van beroepen waarvoor vacatures moeilijk of niet in te vullen zijn, prijken voor 2001 29 arbeidersfuncties en 24 bediendenfuncties. In 2000 waren er dat resp. 23 en 26. Bovendien gaat het vaak om dezelfde beroepen: elektromechanicien en elektricien, lasser en vrachtwagenbestuurder; boekhouder, directiesecretaresse, (analist-)programmeur en ingenieur.

Volgens Herwig Muyldermans, directeur van Federgon, is de veeleer kwantitatieve oorzaak voor veel knelpuntberoepen (een puur gebrek aan kandidaat-sollicitanten) vorig jaar verschoven naar een meer kwalitatieve oorzaak (voldoende kandidaten, maar niet geschikt door een gebrek aan ervaring, scholingsniveau of verkeerde attitudes of vaardigheden).

Voor bediendenfuncties geldt in een op de vijf gevallen van de vacatures een bijna-totaal gebrek aan sollicitanten. Bij arbeiders is dat bij een op de vier vacatures.

Cevora en Federgon leggen de oplossing bij een doorgedreven aanbod van vorming en opleiding voor werkzoekenden, en van stageplaatsen ,,om ervaring te kunnen opdoen''. Het mag niet verbazen dat volgens Muyldermans ,,uitzendarbeid een belangrijke rol kan spelen in de aanpak van knelpunten op de arbeidsmarkt''.