Wim Duisenberg
©blg
WASHINGTON (reuters, bloomberg) -- De kans op een spoedige Europese rentedaling is afgelopen weekeinde wel bijzonder klein geworden. Allicht wordt het wachten tot einde dit jaar, of zelfs begin volgend jaar voor de Europese Centrale Bank (ECB) haar tarief verlaagt. Dat bleek gisteren op een bijeenkomst van de Groep van Zeven (rijkste landen) in Washington.

Voor ECB-voorzitter Wim Duisenberg is het duidelijk dat de Europese inflatie dit jaar niet meer beneden 2 procent zakt, het plafond dat de ECB zichzelf heeft opgelegd. In die omstandigheden de rente verlagen zou volgens hem de geloofwaardigheid van de ECB aantasten.

Ernst Welteke, voorzitter van de Bundesbank en lid van de bestuursraad van de ECB, bracht een kleine pleister aan op de wonde. Volgens hem kan de Bank het risico op prijsstijgingen inschatten en hoeft ze niet te wachten tot de inflatie effectief beneden 2 procent is gezakt.

Maar ook volgens Welteke zal het nog ,,enige tijd'' duren vooraleer de inflatie tot een aanvaardbaar peil is teruggevallen. Overigens is de Europese rente volgens hem laag in historisch perspectief en staat ze de economische groei niet in de weg.

Verwacht werd dat de Verenigde Staten van de bijeenkomst van de Groep van Zeven zouden gebruikmaken om Europa onder druk te zetten om het voorbeeld van de Federal Reserve te volgen en de rente te verlagen. Maar in de slotverklaring kwam het Europees rentebeleid niet ter sprake. De Groep stelt zelfs vast dat de basis voor internationale economische groei sterk blijft, ondanks de recente vertraging.