NEW YORK (reuters) -- De New Yorkse zakenman Carl Icahn, een door de wol geverfde bedrijfspiraat, is uit de strijd om de voedingsgroep Nabisco gekomen zoals eerder uit andere gevechten: met een pot goud.

Als bedrijfspiraat neemt Carl Icahn, een 64-jarige New Yorker, participaties in bedrijven die het volgens hem niet zo goed doen. Vervolgens probeert hij het management ertoe te dwingen de hele winkel voor veel geld te verkopen.

Hij bezat een belang van 10 procent in Nabisco en probeerde al een verkoop te forceren in 1995, 1996 en 1999. Deze keer lukte het. Philip Morris was bereid Nabisco te kopen, en Carl Icahn verliet het strijdperk met een winst van 600 miljoen dollar, omgerekend zowat 25,5 miljard frank. Ook zonder dat extraatje was de bedrijfspiraat al een van de rijkste Amerikanen. Het magazine Forbes schat zijn fortuin op 4,2 miljard dollar, of zo'n 178 miljard frank.

Icahn is een van de weinige overblijvende bedrijfspiraten die in de jaren tachtig het Amerikaanse bedrijfsleven op stelten zetten met vijandige overnamepogingen. Carl Icahn werd geboren en groeide op in de wijk Queens in New York, als enige zoon van een leraar en synagoge-zanger. Hij studeerde aan de universiteit van Princeton, maar liet een medische carrière links liggen en begon te werken als beursmakelaar bij het kantoor Dreyfus & Co.

In 1968 startte hij zijn eigen makelaarskantoor. In het midden van de jaren zeventig ontpopte hij zich als raider . In die hoedanigheid pakte hij onder meer bedrijven aan als Phillips Petroleum en Texaco. Hij was niet in alle dossiers even succesvol: zo maakte hij zich meester van de luchtvaartmaatschappij TWA, controleerde ze van 1985 tot 1993, maar moest weer vertrekken na bittere disputen met de vakbonden en de politici.

Carl Icahn en zijn praktijken raakten bij het grote publiek bekend door de film Wall Street van regisseur Olivier Stone. De raider Gordon Gekko, een rol gespeeld door Michael Douglas, was min of meer geïnspireerd op de figuur van Carl Icahn.