,,Dit is een uiterst delicaat en complex dossier'', zegt Victor Dauginet. ,,Ik pleit er dus voor dat het dossier als dusdanig behandeld wordt en niet het voorwerp wordt van politieke slogantaal.'' De Antwerpse fiscalist is niet aan zijn proefstuk toe voor wat fiscale amnestie betreft. In 1997 werkte hij al op vraag van Paul Hatry, de toenmalige voorzitter van de senaatscommissie Financiën, een amnestievoorstel uit. Het dossier haalde toen echter de eindstreep niet. Dauginet is ook nu gevraagd door de minister van Financiën Didier Reynders om zijn licht op de zaak te werpen.

Het ideetje van Reynders om met verschillende tarieven te werken naargelang de bestemming van het geld, is volgens Dauginet moeilijk haalbaar.

,,Het is een zeer eerbaar voorstel, maar de ervaring leert dat zulke dingen niet werken. Zo'n systeem is niet te controleren. Het gaat om zeer veel geld en er zullen dus onvermijdelijk slimmeriken opduiken die het systeem uithollen. Er zijn 101 trucs denkbaar om zo'n systeem te ontwijken.''

,,Het tweede probleem is dat de amnestie anoniem moet gebeuren. Dat is een essentiële voorwaarde voor succes. Maar een strenge controle op de besteding van het geld is moeilijk te rijmen met die anonimiteit.''

De anonimiteit die Dauginet voor ogen heeft, is echter niet absoluut. Hij pleit voor een systeem waarbij de banken ingeschakeld worden. Het zwarte of grijze geld wordt aan de bank overgemaakt, die houdt er de nodige belasting op in en reikt een attest op naam uit. Als het geld achteraf geïnvesteerd wordt in onroerend goed of in een vennootschap en de fiscus vragen stelt bij de oorsprong van het geld, moet de belastingplichtige gewoonweg zijn attest voorleggen.

Over een tarief spreekt Dauginet zich niet uit. ,,Dat is een politieke beslissing.'' Hij vindt wel dat het systeem eenvoudig moet blijven. ,,Ik pleit voor één tarief, bijvoorbeeld vijf procent, op alle zwarte kapitalen van voor 1 januari 1999. Aan die kapitalen kan de fiscus toch niet meer. De controle bij fraude loopt maximum vijf jaar terug. Bovendien moet op de opbrengsten van dat kapitaal de laatste vijf jaar de roerende voorheffing worden betaald.''

Voor het zwart geld dat de afgelopen jaren in het buitenland werd geplaatst, geld waarnaar de fiscus wel nog controles kan doen, kan Dauginet minder begrip opbrengen. ,,We kunnen ervoor kiezen om de controleurs hun werk te laten doen. Als we er toch voor kiezen om ook die gelden te regulariseren, moet dat gebeuren tegen een fors tarief. Dat mag voor mij vijftig procent zijn. Er is niets zo frustrerend en demotiverend voor een fiscale ambtenaar die zich al jarenlang in een zaak vastgebeten heeft, dan te worden geconfronteerd met een boterbriefje waarbij de fiscale zondaar zijn zonden afkoopt tegen een laag percentage.''

,,Er moet ook duidelijk in de wetgeving staan welke belastingen door de eenmalige boete allemaal gedekt zijn. Die kapitalen zijn dikwijls vererfd zonder successierechten. Op in het zwart verdiend geld werd dikwijls ook geen btw betaald, enzovoort. Zo'n amnestieregeling is dus veel meer dan één wetsartikeltje.''

De vraag is maar of de fiscale zondaars geïnteresseerd zullen zijn in zo'n regeling. Aan de zwarte kapitalen van voor 1999 kan de fiscus toch niet meer en de roerende voorheffing op die kapitalen tijdens de laatste vijf jaar kunnen ze gemakkelijk ontlopen door hun geld in een beleggingsfonds met kapitalisatie te stoppen. Daarop is geen roerende voorheffing verschuldigd en na vijf jaar is ook dat geld gewit.

,,Ja, maar dat ontslaat hen nog niet van strafrechtelijke vervolging. Ze dreigen immers onder de witwaswetgeving te vallen en daarvoor loopt geen verjaring. Ze kunnen tot drie jaar gevangenisstraf oplopen en wie daarbij valse stukken gebruikt, riskeert zelfs vijf jaar. Die objectieve mogelijkheid om een veroordeling op te lopen, weegt zeer zwaar. Ik heb tijdens mijn uitgebreide praktijkervaring in dergelijke dossiers, zoals KB-Lux, vastgesteld dat heel wat mensen daar echt onder lijden. Die mensen zijn maar al te blij dat ze met een belasting van 5 tot 10 procent op hun kapitaal hun vrijheid kunnen terugkopen.''

,,Bovendien is de tijdgeest helemaal veranderd. Zwart is niet meer in. De generatie van onder de 35 jaar moet van al dat zwart geld niet meer weten. Er zijn natuurlijk altijd uitzonderingen. Maar velen vinden zo'n zwarte erfenis een vergiftigd geschenk. Ze zijn niet vrij om met dat geld te doen wat ze willen. Bovendien zien de mensen ook dat het nooit weer wordt zoals vroeger. Vanaf 2005 gaan ze nu ook al informatie uitwisselen over de inkomsten, stel u voor.''

Volgens Dauginet zal er geen misdaadgeld in het systeem binnensijpelen en langs deze weg gewit worden. ,,In het systeem wordt een cruciale rol weggelegd voor de banken. Daar functioneren nu al cellen die verdachte transacties moeten opsporen. Alleen banken die voldoende garanties geven dat zij die taak aankunnen, zullen worden gemachtigd om de attesten af te leveren. Een crimineel heeft er trouwens geen enkel belang bij om in het systeem te stappen. Hij loopt alleen maar een groter risico. Wat is hij met een papiertje voor de fiscus? Hij wordt niet vrijgesteld van vervolging voor de criminele feiten die hij heeft begaan.''

Het argument, dat een amnestieregeling de burgers die altijd netjes hun belastingplicht hebben voldaan, een neus zet, vindt geen gehoor bij Dauginet. ,,We moeten realistisch zijn. Het geld van voor 1999 is anders sowieso verloren. Door deze maatregel slaan we twee vliegen in een klap. De staatsfinanciën worden er beter van en er wordt een bom geld geïnjecteerd in de Belgische economie. Het is niet mogelijk om dergelijke operaties te doen zonder krassen op de ziel.''

,,Er moet ook over worden gewaakt dat neveneffecten, zoals oneerlijke concurrentie, worden opgevangen. Neem bijvoorbeeld twee opstartende informaticabedrijfjes die elkaars concurrent zijn. Het is goed mogelijk dat bij een van die bedrijfjes nu plots een oom opduikt met een fikse som geld die voorheen nutteloos in Luxemburg geparkeerd stond.''