BRUSSEL (belga)-- Meer dan de helft van de oproepen naar het Europese noodnummer 112 komt van gsm-toestellen. Een door de Europese Commissie goedgekeurde aanbeveling moet de lokalisering van die oproepen verbeteren.

,,In miljoenen noodgevallen wordt kostbare tijd verloren omdat de informatie die de oproepdiensten krijgen, onvolledig of niet correct is'', stelt de Commissie. Sinds vrijdag zijn de operatoren van mobiele telefonie krachtens een richtlijn verplicht aan de 112-oproepcentra informatie te verschaffen over de plaats van waaruit de noodoproep gebeurt. Er wordt dus een uitzondering gemaakt op de wetgeving met betrekking tot de bescherming van persoonlijke gegevens, die vereist dat de betrokken persoon daarvoor toestemming geeft.

De toepassing van die richtlijn botst echter op een gebrek aan de nodige technologie bij de centra die de noodoproepen beheren. De Europese Commissie wil met haar aanbeveling dan ook bereiken dat de noodcentra de nodige toestellen ter beschikking krijgen, ,,zodra zij voldoende betrouwbaarheid garanderen''. De lidstaten worden daarnaast aangemoedigd om hun netwerken op elkaar aan te sluiten, met name om de oproepen uit grensgebieden beter te kunnen behandelen.

Het 112-nummer, een noodnummer voor de hele Europese Unie, is sinds 1993 in werking. Het nummer dient vooral voor mensen die naar een andere lidstaat van de Unie reizen. In verschillende landen (Zweden, Portugal, Finland, Nederland Denemarken en Luxemburg) is het 112-nummer ook het nationale noodnummer. In andere landen bestaat het Europese nummer naast de nationale noodnummers.

U wil onze betalende artikels lezen maar nog geen abonnement nemen? Meld u aan en proef gratis van  plus-artikels.

Lees gratis ›

Geen betaalgegevens nodig