BRUSSEL -- Het vertrouwen van de Belgische bedrijfsleiders in de verdere evolutie van de economie is afgelopen maand spectaculair gestegen. Daarmee deed de conjunctuurbarometer echter niet veel meer dan het grootste deel van het terrein terugwinnen dat in juni verloren werd. Toen belandde de indicator op het laagste peil in tien jaar. De neerwaartse trend is dus niet omgebogen. Zelfs van een stabilisatie is nog geen sprake.

Klik op het beeld voor een grotere versie.
 
De stijging van de conjunctuurindicator is het gevolg van de evolutie van alle sectoren die voor de berekening ervan worden gebruikt. Zowel de verwerkende nijverheid als de bouw en de handel verbeterden, zonder evenwel uit het rood te geraken.

De verwerkende nijverheid klom van -26,5 in juni naar -19,3 deze maand, de bouwnijverheid van -8,3 naar -7,3 en de handel van -11,5 naar -9,5.

De conjunctuurbarometer van de Nationale Bank is gebaseerd op een enquête bij ongeveer 5.000 ondernemers en geeft een beeld van de verwachte economische ontwikkeling. De individuele indicatoren geven de verhouding weer tussen de optimistische en de pessimistische bedrijfsleiders. Een positief getal duidt op meer optimisten, een negatief op een overwicht aan pessimisten.

Dat de fundamentele trend neerwaarts gericht blijft, blijkt uit de evolutie van de afgevlakte algemene synthetische indicator die de conjuncturele evolutie weergeeft met enkele maanden vertraging. Tussen februari en maart, zo blijkt, ging het economisch klimaat zowel in de verwerkende nijverheid als in de handel nog stevig achteruit. De bouwnijverheid stabiliseerde maar blijft negatief georiënteerd.

De afgevlakte indicatoren worden berekend zonder rekening te houden met de meest extreme (opwaartse en neerwaartse) waarnemingen. Al die indicatoren samen vormen een synthetische curve. Daaruit ontstaat een gelijkmatiger -- afgevlakt -- beeld van de fundamentele evolutie van de Belgische economie.

Ook in het buitenland wordt met argusogen naar de evolutie van de Belgische verwerkende industrie gekeken. Ons land produceert zeer veel onderdelen voor andere bedrijfstakken. Omdat België twee derde daarvan uitvoert naar andere landen van de Europese Unie, wordt ons land beschouwd als een goede barometer voor het klimaat in de hele Unie.

Analisten maken zich vooral zorgen over de voortdurend afnemende benutting van het machinepark in de verwerkende industrie. Van 78,6 procent in april ging de benuttingsgraad er op achteruit tot 77,7 procent deze maand. Tijdens de eerste drie maanden van 2000 werd een historisch maximum gehaald met een bezettingsgraad van 84,6 procent.