BRUSSEL -- Goed nieuws voor wie op vakantie gaat in Groot-Brittannië: de koers van het pond is na een maandenlange klim tegenover de euro eindelijk aan afkoeling toe. Voor de Britse exporteurs is er zelfs dubbel goed nieuws, want uitgedrukt in Amerikaanse dollar staat hun munt op een zesjarig dieptepunt.

Als je de ,,krachtsverhoudingen'' tussen de drie belangrijkste westerse munten bekijkt, dan staat het pond ergens tussen de Amerikaanse dollar en de euro in. De voorbije 10 maanden, en vooral sinds het begin van dit jaar, won de Britse munt sterk aan waarde tegenover de euro, maar zakte hij tegelijk tegenover de dollar (zie grafiek).

De koers van het pond weerspiegelt daarmee de evolutie op de rentemarkten. De Britse centrale bank trok de kortetermijnrente sinds september al met een vol procentpunt op tot 6 procent. Dat is een stuk meer dan de 3,75 procent in continentaal Europa, maar het blijft ook minder dan de 6,5 procent die je momenteel op dollardeposito's krijgt.

De hevige waardedaling die de jongste weken plaatsvond tegenover zowel dollar als euro, heeft dan weer te maken met de toekomstverwachtingen over de rente. De markt gaat ervan uit dat de Britse rentecyclus zijn toppunt nadert, terwijl er in de eurozone en de VS nieuwe renteverhogingen op stapel staan. Die indruk werd versterkt toen Eddie George, de gouverneur van de Britse centrale bank, gisteren voor een parlementaire commissie geen indicatie gaf over een nakende renteverhoging.

Voor een pond betaalde je gisterenmiddag 65,5 frank, tegenover ruim 70 frank begin mei. Valutahandelaars verwachten een verdere daling van het pond, al zal die meer uitgesproken zijn tegenover de dollar dan tegenover de euro. Uitgedrukt in dollar staat het pond nu al op het laagste peil in zes jaar.