BRUSSEL -- De Europese Commissie roept de klanten van banken op zelf te ageren tegen de hoge kosten die banken aanrekenen voor verrichtingen. Ze dreigt ook met nog meer gerechtelijke procedures.

Met de resultaten in de hand van een studie over bankkosten die ze zelf bestelden, sporen de Europese commissarissen Frits Bolkestein van Interne Markt en David Byrne van Consumentenzaken, de consumenten aan om zelf meer een beroep te doen op de ombudsdiensten om de hoge kosten voor verrichtingen aan te klagen.

Bolkestein en Byrne vinden het vooral ,,zorgwekkend'' dat kosten vaak nog dubbel aangerekend worden: zowel aan degene die de overschrijving doet als aan de bestemmeling van het geld. Die dubbele aanrekening is nadrukkelijk verboden door de richtlijn die in augustus vorig jaar van kracht werd.

Uit de studie die in de elf landen van de eurozone is uitgevoerd, blijkt dat banken voor een grensoverschrijdende overschrijving van iets meer dan 4.000 frank -- 100 euro -- binnen de eurozone nog gemiddeld 690 frank (17,10 euro) kosten aanrekenen. Een gelijkaardige overschrijving binnen de grenzen van een land uit de eurozone kost gemiddeld 40 frank (1 euro). Er is dus nog lang geen Europese ,,interne markt''. In een kwart van de gevallen moet ook de bestemmeling van het geld kosten betalen, zelfs als degene die de overschrijving doet, expliciet vroeg om de kosten op zich te nemen.

De gemiddelde kosten voor het omwisselen van 100 euro in vreemde munten aan het bankloket bedragen 3,3 procent. Voor het wisselen van 50 euro is dat 7,07 procent.

Geld met de kaart uit de muur halen in het buitenland kost gemiddeld 3,84 procent voor 100 euro. Een verrichting met een kredietkaart kost gemiddeld 0,79 procent, zonder de jaarlijkse kosten voor de kaart mee te rekenen.

De resultaten zijn wel iets beter dan die van een gelijkaardige studie in 1994, maar de kostenvermindering gaat volgens de Commissie niet snel genoeg.

De richtlijn van vorig jaar verbiedt dubbele kostenaanrekening, legt de uitvoering van de verrichting binnen zes dagen op, verplicht de banken hun klanten duidelijk te informeren over de kosten en maant de lidstaten aan een ombudsman aan te stellen bij wie de klanten terechtkunnen. Italië heeft al een inbreukprocedure aan het been omdat het de richtlijn niet correct heeft omgezet in nationale wetgeving.

De studie werd verricht op basis van 352 overschrijvingen van 100 euro, 44 aankopen voor 25 euro (1.000 frank) met een kaart, 44 geldopvragingen van 2.000 frank (50 euro) en evenveel van 4.000 frank (100 euro). Er werden ook 88 geldomwisselingen aan het loket getest.

Belangrijk is dat de kosten sterk verschillen naargelang de betrokken lidstaten, de betrokken banken en de richting van de verrichting.

Over het algemeen komt België rond het gemiddelde uit het onderzoek. Voor de kosten van een overschrijving van 100 euro staan de Belgische banken gemiddeld vierde (op elf), na Luxemburg, Nederland en Oostenrijk. Ierland is het duurst met 25,61 euro aan kosten.

Voor kosten voor verrichtingen binnen ons land zijn de Belgische banken iets duurder. Ook voor het uit de muur halen van 2.000 frank met een Belgische kaart zitten we boven het gemiddelde kostenpercentage (7,88 procent tegenover 6,14 procent gemiddeld). Alleen Oostenrijkse en Italiaanse kaarten zijn duurder. Voor 4.000 frank staan we er iets minder slecht voor (vijfde in rang) met 4,22 procent kosten tegenover gemiddeld 3,84 procent in de 11 eurolanden.