De Europese beurzen stevenden vrijdagavond af op een tweede opeenvolgende positieve week, geholpen door beter dan verwachte resultaten bij verschillende ondernemingen. De voorbije dagen won ook de indruk veld dat de VS dan toch uit het economische dal aan het kruipen zijn.

Azië teerde voort op de goede prestatie van de halfgeleider- en computeraandelen van donderdag. Nieuwe rapporten wezen ook op een geleidelijk herstel van de export in landen als Zuid-Korea en Taiwan, typische productielanden van elektronica.

De Japanse beurs sloot 1,2 procent hoger af en tekende daarmee de sterkste weekwinst op sinds een maand. Taiwan boekte 2,8 procent winst. Zuid-Korea beperkte de vooruitgang tot 0,4 procent, maar exporteurs zoals Samsung Electronics stegen het meest. Ook de andere indexen in de regio sloten hoger af.

In Europa stond de Stoxx 50 index rond zes uur vrijdagavond op een verlies van 0,2 procent, maar dat kon de goede sfeer niet deren. In de voorbije vijf beursdagen ging de Europese sterindex er immers met 3,5 procent op vooruit, na een winst van 3,2 procent in de week daarvoor. Sinds het dieptepunt van 9 oktober staat de bredere Stoxx 600 index nu op 17 procent winst.

De markt werd in grote mate geleid door herstructureringsverhalen, vooral in de technologie- en financiële sector. De volgehouden sanering bij verschillende grote bedrijven, zoals het Nederlandse Philips, hebben duidelijk hun vruchten afgeworpen. De beter dan verwachte financiële toestand van die bedrijven verhoogt ook de kans op een herstel van de bedrijfsinvesteringen.

Datzelfde Philips steeg vrijdag nog eens met 3,4 procent tot 21,3 euro, goed voor een weekwinst van 18 procent. Nog in Amsterdam werd bankverzekeraar ING 0,8 procent duurder tot 18,9 euro, wat over de week 14 procent winst opleverde.

Maar ondernemingen die de verwachtingen niet invullen, worden nog altijd afgestraft door de markt. dat overkwam vrijdag het Belgisch-Nederlandse bankaandeel Fortis. Na de publicatie van een kwartaalverlies daalde het aandeel met 4,8 procent tot 18,35 euro. En in Duitsland moest chipfabrikant Infineon 1,1 procent inleveren tot 10,24 euro nadat de Financial Times Deutschland had geschreven dat het bedrijf dit jaar een operationeel verlies zal boeken van minstens 200 miljoen euro.

Ook de consumptiegerichte aandelen doen het de jongste tijd minder goed. De Franse warenhuisgroep Carrefour verloor vrijdag 3,7 procent tot 44,76 euro en de Britse tabaksgroep Imperial Tobacco 2,6 procent tot 972 pence. Beide aandelen werden getroffen door een downgrade bij Goldman Sachs.

In Londen boekte verzekeraar Royal & Sun Alliance Insurance Group een winst van 10 procent tot 141 pence. Het Zwitserse Baloise betaalt 90 miljoen pond voor een Duitse dochter van de Britse verzekeraar.

Behalve naar Fortis ging de aandacht in Brussel vooral naar Interbrew, dat 3,43 procent verloor. Handelaars verwezen naar de juridische onzekerheid rond de overname van de Duitse brouwer Gilde. Een andere opvallende stijger was de monoholding Financière D'Obourg, eigenaar van bijna 40 % van UCB. Een toevloed aan kooporders stuwde het aandeel meer dan 11 procent hoger naar 45 euro, bij een volume dat bijna 26 keer groter was dan normaal.

Amerika moest een stapje terug doen na de vooruitgang van de vorige twee dagen. De technologieaandelen leverden wat van hun winst in nadat het data-opslagbedrijf Brocade Communications met slechte vooruitzichten uitpakte. De Nasdaq verloor rond de middag 0,8 procent, de Dow 0,4 procent. Daarmee zaten beide indexen wel op koers voor een zevende opeenvolgende positieve week. Binnen de Dow Jones waren Honeywell International en de chemiegroep DuPont de grootste verliezers -- allebei daalden ze met meer dan twee procent.