WASHINGTON/BRUSSEL (bloomberg, eigen berichtgeving) -- De Amerikaanse begroting is in amper drie jaar van het grootste overschot naar het grootste tekort uit de geschiedenis gekatapulteerd. Het gat van bijna 400 miljard dollar wordt in de komende presidentsverkiezingen een van de belangrijkste troefkaarten van de Democratische oppositie.

Dat het tekort voor het begrotingsjaar 2003 (dat vorige maand september afliep) op een record afstevende, was al langer bekend. Sinds maandagavond weten we ook hoe groot het precies is: 374,2 miljard dollar of omgerekend 320 miljard euro. De volledige jaarproductie van een land als Australië zou maar net volstaan om het gat in de begroting te financieren.

De uiteindelijke omvang van het tekort valt nog mee in vergelijking met eerdere voorspellingen. Zo werd afgelopen juli nog uitgegaan van een tekort van 455 miljard dollar. Het gaat overigens alleen om een record in absolute cijfers. Uitgedrukt in verhouding tot het bruto binnenlands product (bbp) -- en dat blijft toch de relevantste graadmeter -- gaat het om een tekort van 3,5 procent. In 1992, onder de vorige president Bill Clinton, was er een gat van 4,6 % in de begroting (260 miljard dollar in absolute cijfers ); onder Ronald Reagan beliep het tekort in 1983 zelfs 5,9 % van het bbp.

Het neemt niet weg dat de kloof in de staatshuishouding een negatief punt vormt op het palmares van de zittende president, George Bush. Op een ogenblik dat de overheidsuitgaven bijna ongeremd stegen (mede door de militaire operaties in Afghanistan en Irak) verlaagde Bush de belastingdruk met 1.700 miljard dollar.

Veel economen vrezen dat Bush daarmee de toekomst heeft gehypothekeerd. Het Witte Huis zelf geeft toe dat er volgend jaar een kloof tussen inkomsten en uitgaven zal gapen van meer dan 500 miljard dollar. Zelfs met een economisch groei van 4 % spreken we dan al over een tekort van minstens 4,5 % van het bbp.

Het recorddeficit is des te opmerkelijker omdat het amper drie jaar komt na het grootste begrotingsoverschot uit de Amerikaanse geschiedenis. In het conjuncturele topjaar 2000 kon de Amerikaanse regering liefst 237 miljard dollar sparen.