In Azië gingen zowat alle belangrijke beurzen licht omlaag. De Kospi index in Zuid-Korea gaf 0,8 % prijs. In Taiwan leed de TWSE index 1,3 % verlies, in Hong Kong verloor de Hang Seng 0,5 %. De Japanse beursen bleven dicht door een feestdag.

In Europa keken bijna alle markten tegen verlies aan, voor de vijfde opeenvolgende dag. De Dow Jones Stoxx 50 index verloor 1,1 %. Het negatieve sentiment werd veroorzaakt door de verwachting van analisten dat nogal wat bedrijven minder winst hebben geboekt in het tweede kwartaal dan gedacht of gehoopt.

Dat slaat bijvoorbeeld op grote Duitse namen als DaimlerChrysler en Siemens. DaimlerChrysler maakt pas donderdag resultaten bekend, maar ging in afwachting 4 % lager. Concurrenten Volkswagen en BMW gingen mee achteruit, met resp. 3,8 en 1,1 %.

Ook de mededeling van de Bundesbank dat de Duitse economie in het tweede kwartaal geen opleving heeft gekend, en dat er nog geen herstel in zicht is, was slecht nieuws voor de beleggers.

Op Euronext in Brussel verloor de Bel20 0,6 % tot 1.969,60 punten. Verklaringen van ECB-bestuurder Ernst Welteke dat er geen renteverlaging op komst is, deed vooral de financiële waarden pijn. Het verlies was het grootste voor Fortis (min 3,4 %), maar evenzeer voor andere kredietverschaffers als ABN Amro (1,9 %), Dexia (1,5 %) en ING (1,9 %).

Winst was er wel voor CMB. Na de bekendmaking van goede resultaten, afgelopen vrijdag, ging de Belgische reder 2,4 % vooruit.

In Amerika stonden de Dow Jones Industrial Average en de Nasdaq Composite Index tegen de middag in het rood, met een verlies van 1,2 en 1,9 %. Tegenvallende verkoopsprognoses voor grote farmaceutische groepen als Merck waren de oorzaak (min 2,6 %).

De dalende trend is een reactie op de kwartaalresultaten in de VS. Die zijn niet slecht, maar iets minder goed dan verwacht. De correctie op de noteringen is een logisch gevolg, heet het.

Zowat een derde van de S&P 500's bedrijven heeft cijfers voor het tweede kwartaal bekendgemaakt, met een gemiddelde winst van 6,9 %. Te danken aan kostenbesparingen, toegenomen consumentenvertrouwen en de lage dollarkoers. De winstverwachtingen voor het derde en vierde kwartaal staan op gemiddeld 13 en 21 %.

De index van de zgn. voorspellende indicatoren in de VS is in de maand juni met 0,1 % vooruit gegaan. Een derde openvolgende stijging na de 0,1 % van april en de 1,1 van mei. Dat voedt het geloof van Amerikaanse analisten op ,,modeste economische groei voor de tweede jaarhelft''.