LEUVEN -- Marcia De Wachter, vice-gouverneur van de Nationale Bank, ziet in de Verenigde Staten een ,,infernale spiraal'' opdoemen. De noodzakelijke correcties worden uitgesteld omdat de kapitaalinstroom tegen elke prijs in stand moet worden gehouden.

In een uiteenzetting voor het Financieel Forum Vlaams-Brabant betwijfelde ze of de Amerikaanse overheid wel voldoende aandacht besteedt aan haar ,,gevarendriehoek'', met name (1) de excessieve groei van de privé-consumptie, met een bijna onbestaande spaarquote; (2) de hoge schuldenlast van particulieren en ondernemingen; en (3) het zeer hoge tekort op de lopende betalingsbalans.

Ze begrijpt niet waarom de marktanalisten zo weinig aandacht besteden aan het geweldige lopende tekort (440 miljard dollar), dat in de afgelopen vier jaar met 100 miljard dollar per jaar toenam. De VS hebben nu per week 9 miljard dollar nodig om dat te financieren. Bovendien veroorzaken de oplopende kosten van de externe financiering een sneeuwbaleffect. Het deficit heeft nu het niveau bereikt waarop landen zoals België, Argentinië en Mexico substantieel moesten devalueren.

De Amerikaanse overheid is volgens De Wachter gedoemd om de economische groei boven die van Europa te houden, omdat anders de aantrekkingskracht van de dollar en van de expansieve economie op de buitenlandse investeerders wegvalt en de onontbeerlijke kapitaalinstroom opdroogt. Dit wordt in haar ogen een infernale spiraal: een expansief begrotingsbeleid (via massale belastingverminderingen) leidt weliswaar tot een hogere groei, maar ook tot meer import, onvoldoende sparen (door overheid en particulieren samen) en een verdere verslechtering van de betalingsbalans.

De vertraging van de Amerikaanse economie is volgens haar het gevolg van vijf factoren: de gestegen olieprijzen, de uitgestelde effecten van het restrictievere monetaire beleid, de koersstijging van de dollar, de te hoge groei van het gezinsverbruik en van de investeringen in informatica-apparatuur en software in vergelijking met het productievermogen, en de correctie van vooral de technologieaandelen die te exuberant waren gestegen.

De neerwaartse correctie van de Amerikaanse beurskoersen zal het consumenten- en producentenvertrouwen verder aantasten. Het IMF verwacht voor dit jaar een groei van de Amerikaanse economie met 1,7 procent, tegen 2,8 procent in het eurogebied.

De Wachter ziet geen betekenisvolle risico's voor de interne dynamiek in de eurozone. De weerslag van de Amerikaanse groeivertraging is beheersbaar: de groei van de Belgische economie zou er slechts 0,3 procent lager door uitvallen. De potentiële groei in het eurogebied kan volgens haar worden opgetrokken tot rond de 3 procent per jaar. Het macro-economisch kader daartoe is aanwezig.

De Europese centrale bankiers houden vast aan een ,,beleid van de rustige hand'': ze staan sceptisch tegenover een monetaire fijnregeling die tegelijkertijd de financiële markten psychologisch gunstig zou moeten stemmen, de groei zou moeten stimuleren en de munt zou moeten ondersteunen om kapitaalstromen te genereren.

De externe omgeving van het eurogebied, die volgens de vice-gouverneur onhoudbaar was geworden, is in enkele maanden totaal omgeslagen. ,,We hadden vóór Kerstmis naar Sinterklaas geschreven om een vertraging van de Amerikaanse groei te vragen, lagere olieprijzen, een correctie van de beurzen en een stabielere wisselkoers,'' zei ze. ,,We zouden nu moeten schrijven om hem te bedanken, maar er misschien aan toevoegen dat het nu wel genoeg is...''

Wat België betreft, stelt het IMF vast dat het ,,structurele'' begrotingssaldo vorig jaar verslechterde. Dit wijst er volgens De Wachter op dat de regering geen bijkomende impuls gaf aan de verdere sanering van de overheidsfinanciën: de conjuncturele meevallers werden volledig opgesoupeerd.

Ze prees de wijsheid van de sociale partners die een gematigd centraal akkoord voor de periode 2001-2002 hebben gesloten, ,,dat in schril contrast staat met het budgettaire opbod in sommige andere kringen''. De sterke banengroei in het afgelopen jaar toont volgens haar aan dat het huidige loonniveau geen handicap van betekenis is voor de werkgelegenheid. En de gelijktijdige toename van het aantal gewerkte uren per persoon bewijst dat de lineaire 35-urenweek naar Frans voorbeeld verder af staat dan ooit.

De werkgelegenheid had nog sterker kunnen stijgen als vraag en aanbod op de arbeidsmarkt beter op elkaar waren afgestemd, zo stelde ze vast. De hoogste werkloosheidscijfers in de Vlaamse arrondissementen zijn nog altijd lager dan de laagste in Wallonië.