De Amerikaanse economie stuurt steeds meer signalen uit dat het ergste achter de rug is. In Wall Street worden die heel nauwkeurig opgevangen, en ook beleggers in het Verre Oosten blijken gevoelige antennes te hebben. Europa blijft voorzichtig en kiest voor een defensieve strategie.

In Azië hadden de beleggers twee redenen om een feestje te bouwen. Enerzijds was er de beslissing van de Japanse centrale bank om meer overheidsobligaties af te kopen van banken en andere financiële instellingen om zo meer geld in de economie te pompen, en anderzijds het bericht dat in november in de Verenigde Staten 8,2 procent meer nieuwe huizen in de steigers werden gezet. Dat is het hoogste stijgingspercentage in vier maanden.

Twee groepen haalden daar voordeel uit: de banken en de bedrijven die een belangrijk deel van hun winst en/of omzet in de Verenigde Staten boeken. Bij de financiële waarden knalde Sumitomo Mitsui 7,6 procent omhoog en Mizuho Holdings presteerde 5,1 procent beter. In de exporthoek klom Honda 1,2 procent, en Nintendo -- twee derde van de nettowinst komt uit het buitenland -- ging een half procent hoger.

In Europa werd aanvankelijk redelijk wat verlies geleden. Motorola, de nummer twee op de wereldmarkt voor mobilofonie, maakte dinsdag na beurs bekend dat nog eens 9.400 banen zullen sneuvelen. Bovendien zullen de inkomsten volgend jaar tegenvallen omdat de vraag van de consumenten maar niet herneemt. De technologie- en telecomwaarden kregen prompt klappen.

Maar toen bij de opening van Wall Street bleek dat de Amerikaanse vastgoedmarkt in erg goede doen is, verbeterde de stemming. Is het ergste dan toch achter de rug, vroegen analisten zich hardop af.

Per saldo moest Ericsson in de telecomsector 4,3 procent prijsgeven, met in zijn kielzog Nokia dat 2,6 procent verlies leed en Alcatel met één procent koersdaling.

Bedrijven als Pechiney en Rio Tinto zakten respectievelijk 1,1 en 1,8 procent als reactie op het nieuws dat Alcoa zijn doelstellingen voor het vierde kwartaal niet zal halen omdat enkele belangrijke klanten over de kop zijn gegaan.

Defensieve waarden haalden voordeel uit de situatie. Nogal wat beleggers namen hun winst in de TMT-sector (technologie, media en telecom) en stopten (een deel van) de opbrengst in waarden als Allied Domecq en Pernod Ricard die respectievelijk 3 en 2 procent klommen.

In eigen land was Glaverbel de blikvanger. Het bericht dat hoofdaandeelhouder Asahi Glas een bod uitbrengt op alle uitstaande aandelen, zorgde voor een koersstijging van 27 procent. Aluminiumproducent Remi Claeys leek geen last te hebben van het slechte Amerikaanse nieuws en klom ruim 5,25 procent.

In de technologiehoek vielen, zoals te verwachten was, de klappen. Unitronics zakte 10,25 procent, Quest For Growth dook 7,94 procent, Ubizen ruim 4 procent en Mobistar 2,65 procent.

In Amerika gingen zowel de technologiewaarden als de meer traditionele aandelen stevig van start. Vooral de sterke markt voor nieuwbouwwoningen stak de beleggers een hart onder de riem.

Maar na enkele uren begon de twijfel te knagen rond de technologiewaarden. Het zwaarder dan verwachte verlies van Motorola zat daar voor veel tussen.

Anderhalf uur voor slot stond de Nasdaq een half procent in het rood, terwijl de Dow Jones nog een winst van driekwart procent te zien gaf.

Wat doen de beurzen nu ?

  • www.beurs24.be toont het u
  • www.beurs24.be , de beurssite van De Standaard en European Investor.