Textielgroep Sofitex (Sofinal-Cotesa) voert haar laatste grote strijd. Deze keer gaat het niet om het zoveelste familiedrama, maar om de economische overleving van de groep. Gisteren voerde Sofitex een veldslag met de banken. Het resultaat is pas vandaag bekend en zal bepalen of het gerechtelijk akkoord een kans krijgt of het bedrijf integendeel failliet gaat.

De groep Sofitex, de nieuwe overkoepelende naam van Sofinal-Cotesa, spreekt tot de verbeelding in West-Vlaanderen. De opvallende piramide langs de E17 symboliseert het wat excentrieke en vooruitstrevende karakter dat de groep ooit had.

De vlaggen voor het gebouw worden nog steeds met de regelmaat van de klok vervangen. De wissels vroeger werden geïnspireerd door maatschappelijke gebeurtenissen. Wat wel al een tijdje verdwenen is, is het metershoge bord met de boodschap ,,Sofinal werft aan''.

Het verdwijnen van die borden heeft te maken met de tol van een overambitieus beleid dat vastliep op aanhoudende familiedrama's. Die zaten vrijwel van bij de oprichting in de structuur van het bedrijf ingebakken.

In 1928 richtte Valère Devos voeringwever Cotesa-Devos op met de steun van enkele familieleden. Toen Devos tijdens de oorlog zaken deed met de Duitse bezetter, zetten zijn familieleden hem uit de groep. Verbitterd, maar niet verslagen richtte Valère Devos in 1946 concurrent Sofinal op. Beide groepen -- met het Concordia van Albert Tuytens als derde speler -- joegen elkaar op in hun expansie. Dit trio zorgde ervoor dat Waregem een belangrijk centrum van stoffenproductie werd in Europa.

De zonen Benoît en Bernard Devos werden door Valère aangemoedigd om het expansiebeleid voort te zetten. In 1987 kwam het tot een hereniging van de familiebelangen in heuse Dallas-stijl. Een buitenlandse groep bood 1,25 miljard frank (29,5 miljoen euro) op Cotesa en de familie Devos leek geneigd het bod te aanvaarden. In extremis meldde Kredietbank dat een partij 1,5 miljard frank (35,4 miljoen euro) wou betalen. Het bod was slechts 48 uur geldig.

Cotesa piekert er niet te lang over en hapt toe. Groot was de consternatie toen bleek dat achter de Kredietbank de groep Sofinal van Valère Devos schuilging. De deal ontbinden bleek niet mogelijk, de hereniging was een feit.

Heel lang zou die niet duren, want een ander drama loerde al om de hoek. De twee zonen Bernard en Benoît Devos blijken erg verschillend van karakter. Bernard is de flamboyante commercieel gedreven societyfiguur, Benoît de eerder stugge textielingenieur die veel minder dan zijn broer mensen weet aan te sturen.

Sofinal investeerde in de periode 1985-1991 jaarlijks één miljard frank in expansie om voldoende schaalgrootte te krijgen. Uit die periode dateert de piramide langs de E17, een idee van Bernard Devos. In 1991 stond Sofinal-Cotesa op het hoogtepunt van zijn macht: bijna 1.400 medewerkers, 7 miljard frank omzet (165 miljoen euro), een operationele cashflow van goed 1 miljard frank (23 miljoen euro) en 1.200 hypermoderne weefgetouwen. Daartegenover stonden ook ettelijke miljarden franken schulden, die op een bepaald ogenblik opliepen tot 7 miljard frank (165 miljoen euro).

Tussen de broers boterde het steeds minder. Bernard werd steeds vaker gesignaleerd in de tennisclub Waregem Happy, die hij samen met de lokale Mercedes-dealer 50-50 in eigendom had. Bernard Devos wilde Sofinal-Cotesa verkopen aan een Aziatische groep, maar zijn broer Benoît was tegen.

Bernard liet zich tegen het volle pond uitkopen. Zijn pakket, slechts één zevende van alle aandelen, ging voor 600 miljoen frank over de toonbank. Met een deel van de opbrengst koop hij een groot natuurgebied in Zuid-Spanje. De andere aandelen bleven gelijk verdeeld over de vier zussen, een schoonzus die weduwe was geworden en Benoît Devos.

De uitkoop zorgt zowel voor een financiële aderlating als een uittocht van kaderleden die samen met Bernard het bedrijf verlaten. De groep heeft ook verschillende miljarden franken schuld als gevolg van de sterke expansie. De renteopstoot en de terugvallende conjunctuur nemen de groep in de tang.

Benoît blijkt geen geboren manager en heeft zijn handen vol om het bedrijf draaiende te houden. De groep gaat gestaag achteruit. De confectiesector, waar de klanten te vinden zijn, verplaatst zich naar het buitenland. Pogingen om minder afhankelijk te worden van de laagwaardige volumemarkt en meer producten met hoge toegevoegde waarde te ontwikkelen, hebben slechts gedeeltelijk succes.

De groep werkt jarenlang voor haar bankiers. Terzelfder tijd krijgt Benoît het steeds moeilijker met zijn zussen en in het bijzonder met zijn schoonzus. Onder druk van de banken zoekt hij een uitweg. In 1999 wordt het voorlaatste hoofdstuk in het familiedrama geschreven. De vijf vrouwen worden uitgekocht en de investeringsmaatschappij Gimv stapt in het kapitaal. Het ondernemersduo Luc Geuten en Leon Seynave (Carpetland, Brantano, Netfund) stappen mee in het bedrijf. Ook het veredelingsbedrijf Vanmarcke rond Koen Buyse, familiaal verwant aan Luc Geuten, wordt ingebracht.

Het is een gedurfde stap, want veel andere partijen zien het dossier niet zitten wegens de torenhoge schulden en de omzet die onder druk staat. Ondanks ingrepen aan de top komt er geen fundamentele verbetering. Eind 1999 komt de katoenpoot (de weverij Gevaco) in nauwe schoentjes als gevolg van druk op de markt en afnemende overheidsopdrachten (Gevaco levert onder meer legerkledij).

De groep komt steeds meer in liquiditeitsproblemen. Geld voor investeringen is er niet meer. Pannes aan weefgetouwen worden hersteld met onderdelen van andere machines.

In 2000 onderhandelt de groep over een schuldherschikking met de banken en stoppen de Gimv en Geuten-Seynave opnieuw 8,9 miljoen euro (375 miljoen frank) in de groep. Benoît Devos wordt gedwongen uit het management te stappen. Edwin Vandermeulen, voorheen actief bij het Gentse prepressbedrijf Artwork Systems, neemt zijn plaats in. Al bij al blijft het een zachte herstructurering. Met de banken wordt slechts een moratorium van één jaar afgesproken.

De organisatie bij Sofinal-Cotesa blijkt niet rond te draaien. Bij de commerciële diensten en de productie nemen de frustraties toe. De omzet blijft dalen. Het personeelsverloop van de jongste jaren en de diverse wissels worden door de klanten maar moeilijk verteerd.

Op de vloer leeft het gevoel dat ,,financiers'' de macht overgenomen hebben. Concurrent en aartsrivaal Concordia haalt voordeel uit de malaise. De verslechterende conjunctuur voert de druk nog op. Een desinvesteringsprogramma moet de nood lenigen, maar komt te laat. Het bedrijf beseft dat het dieper moet snijden en bedrijfsonderdelen die geen toekomst meer hebben, moet afstoten. Parallel moet er meer op producten met hoge toegevoegde waarde gemikt worden. De stoffen voor airbags en medisch textiel zijn daar al een voorbeeld van.

Op 14 september schrijft de raad van bestuur van Sofitex voorlopig het laatste hoofdstuk in het textieldrama in Zuid-West-Vlaanderen. De raad van bestuur beslist om het gerechtelijk akkoord aan te vragen. Dat gebeurt 's ochtends, maar de banken hebben onraad geroken en proberen stokken in de wielen te steken.

Ze draaien de geldkraan dicht en proberen tot eenheid van rekening te komen: dat betekent dat alle toekomstige opbrengsten van de groep door de banken in beslag worden genomen ter aanzuivering van de rekeningen.

Het lot van Sofinal-Cotesa is nu in handen van bankiers, advocaten en financiers. KBC, BBL, Dexia-Artesia en Fortis beslissen over de toekomst van de groep. Faillissementsspecialist Christian Van Buggenhout (Stibbe) staat het bedrijf bij. BBL heeft advocaat Jef Lievens van Eubelius aangetrokken. KBC had Linklaters De Bandt in de arm genomen, maar onder druk van Van Buggenhout hebben die advocaten hun koffers gepakt wegens belangenconflicten. Het kantoor Laga Leterme (Deloitte) nam gisteren de plaats in van Linklaters De Bandt.

Gisterennamiddag volgde een belangrijk gevecht met de banken. Door het geld van Sofitex af te snijden, is het risico bijzonder groot dat de onderneming naar het faillissement gejaagd wordt. Vandaag moet Gevaco voor de handelsrechtbank van Oudenaarde verschijnen om er het verzoekschrift tot gerechtelijk akkoord te bepleiten. Een dag later is het de beurt aan Sofinal-Cotesa in Kortrijk.

Een voorwaarde voor gerechtelijk akkoord is dat er kans op herstel is en dat het bedrijf de middelen heeft om die periode door te komen. ,,Als de banken het geld niet vrijgeven, heeft het geen zin om een gerechtelijk akkoord te bepleiten'', zei Christian Van Buggenhout, die bij de banken aandrong op een ,,elegante oplossing''.

De bankiers verstopten zich gisteren achter het excuus dat hun kredietcomités nog moesten bijeenkomen. Met andere woorden: ze hebben de afgelopen dagen niets gedaan om de geldkraan opnieuw open te draaien, waardoor het bedrijf razendsnel op de afgrond afstevent.

Normaal was het licht al uitgegaan, maar enkele cruciale leveranciers hebben nog enkele dagen respijt getoond. De aandeelhouders (Gimv, Geuten/Seynave) voelen er niets voor om in het huidig klimaat opnieuw met ,,goed geld'' over de brug te komen. Ze hebben al honderden miljoenen verlies moeten slikken.

Sommige aandeelhouders zijn wel bereid in een volgende fase vers geld in te brengen, als het herstructureringsplan uitgevoerd kan worden. Sofinal-Cotesa onderhandelt over de verkoop van Gevaco, plant ook de verkoop van dochters Sofisilk en Sofispin en wil een reeks gebouwen van de hand doen, waaronder de beruchte piramide. Voorts zou meer lijn gebracht worden in het te versnipperd productieapparaat.

Van de ongeveer 875 werknemers zouden de arbeiders relatief weinig te vrezen hebben, maar in het herstructureringsplan is er wel sprake van een noodzakelijke ontvetting bij de bedienden -- het gevolg van het terugvallen van de groepsomzet tot 100 miljoen euro (4 miljard frank).

Als vandaag de banken de geldkraan niet opnieuw opendraaien, ziet de toestand er zeer somber uit voor het bedrijf. Tenzij juridische procedures de banken tot een soepeler houding kunnen dwingen. De hamvraag is waarmee de banken het meeste voordeel hebben: een onmiddellijke vereffening van de groep en dus een snelle recuperatie van een deel van hun middelen, of een gerechtelijk akkoord waarbij ze na jaren van geduld hun geld -- misschien -- terugzien.

U wil onze betalende artikels lezen maar nog geen abonnement nemen? Meld u aan en proef gratis van  plus-artikels.

Lees gratis ›

Geen betaalgegevens nodig