Louis Verbeke
©fdm
Louis Verbeke
©
BRUSSEL -- De affaire Lernout & Hauspie ontpopt zich als achilleshiel van het advocatenkantoor Loeff Claeys Verbeke en vennoot Louis Verbeke. Advocaten van het kantoor wezen er gisteren op dat de inverdenkingstelling van hun vennoot en het kantoor een logische stap was in het onderzoek, en bedoeld om het beroepsgeheim te doorbreken.

Ik heb eerder al nagegaan welke rol we precies gespeeld hebben in de zaak Lernout & Hauspie en wat onze verantwoordelijkheid is. Er zijn geen fouten gebeurd. Dat is eerder al doorgesproken met Allen & Overy. We blijven achter Louis Verbeke staan'', zei Wim Dejonghe, managing partner van Allen & Overy, dat op 1 januari dit jaar het gros van de advocaten van Loeff Claeys Verbeke opslorpte. Een andere groep advocaten richtte toen het bureau Claeys & Engels op.

Zowel Loeff Claeys Verbeke als de vroegere voorzitter, Louis Verbeke, werd door onderzoeksrechter Vulsteke in verdenking gesteld. Dejonghe bevestigde gisteren het bericht in De Financieel-Economische Tijd. Het Iepers gerecht wou dat niet doen. ,,Wat communicatie betreft, is het hier platte rust'', zei de eerste substituut.

Op 20 juni had het gerecht al eens een huiszoeking gedaan in de gebouwen van Allen & Overy Belgium, maar dat leverde toen weinig of geen resultaat op omdat het kantoor het beroepsgeheim inriep. Er zou ook toen al een huiszoeking bij Verbeke thuis zijn geweest, maar Wim Dejonghe zei daar niet van op de hoogte te zijn. Verbeke zelf was niet bereikbaar voor commentaar.

De huiszoeking op 17 juli in de privé-woning van Louis Verbeke in Sint-Martens-Latem en in de kantoren van Allen & Overy had deze keer wel meer succes. Door zowel Verbeke als LCV in verdenking te stellen, kon Vulsteke documenten opeisen. De huiszoekingen in Sint-Martens-Latem gebeurden in aanwezigheid van de stafhouder of diens vertegenwoordiger. In Brussel waren het de Brusselse structuren die ingeschakeld werden.

De vertegenwoordigers van de Orde van Advocaten wilden op die manier waken over de draagwijdte van het beroepsgeheim. De inverdenkingstelling maakt dat zowel Louis Verbeke als LCV nu kan meewerken aan het onderzoek, zonder dat ze strafrechtelijk vervolgd kunnen worden voor het doorbreken van het beroepsgeheim. ,,Het wettelijk beroepsgeheim is doorbroken, maar niet dat van de plichtenleer'', zei Dejonghe.

Volgens Dejonghe waren Louis Verbeke en LCV niet betrokken bij het opzetten van de Language Development Companies (LDC's) van L&H en ook niet bij de operaties in Korea. ,,De onderzoeksrechter zal dat nu kunnen vaststellen.''

De LDC's waren meestal in Singapore gevestigd, terwijl LCV niet gespecialiseerd was in Koreaans recht. In de praktijk had Lernout & Hauspie twee belangrijke juridisch adviseurs. Naast Loeff Claeys Verbeke, dat alle kapitaalmarktoperaties begeleidde en ook domeinen als intellectueel eigendomsrecht, nam het Amerikaanse Brown Rudnick de internationale regels voor zijn rekening. Dat kantoor opende destijds ook een kantoor in Ieper omwille van de belangrijke relatie met L&H. Ook voor LCV was L&H een vette kluif. De spraakmakers waren gedurende enkele jaren één van de belangrijkste klanten van Loeff Claeys Verbeke.

Vooral LCV-voorzitter Louis Verbeke, tegenwoordig vennoot bij Allen & Overy Belgium, stond via zijn netwerk erg dicht bij Lernout & Hauspie. Het was de persoonlijke overtuiging van Verbeke dat Jo Lernout en Pol Hauspie maximaal gesteund moesten worden in hun ambitie wereldmarktleider in taaltechnologie te worden. Verbeke wierp zich ook op als persoonlijke adviseur van Pol Hauspie en Jo Lernout.

Verbeke schakelde ook actief zakenrelaties in, meestal mensen uit het Vlerick-netwerk. Samen met hen investeerde hij in de L&H Holding met als doel de taaltechnologiegroep te helpen verankeren. Het is deze gedreven aanpak die de zakenadvocaat nu achtervolgt. Verbeke zei eerder ,,dat hij ziek was van de zaak''.

De afgang van Lernout & Hauspie heeft een stevige domper gezet op het netwerk van de betrokken bedrijfsleiders die zich vanuit hun persoonlijk succes opwierpen als de nieuwe economische kracht in Vlaanderen. Een waarnemer merkte gisteren op dat de ontwikkelingen typisch zijn voor een jong ambitieus netwerk dat nog niet gelouterd was door tegenslagen en onvoldoende oog had voor het neerwaarts risico.