BRUSSEL -- Steeds meer vrouwen gaan na hun 50ste uit werken. Ze doen dat nog heel wat minder dan mannen -- 24 procent van de 50- tot 65-jarige vrouwen werkt, tegenover 55 procent bij de mannen -- maar hun aantal neemt gestaag toe. In 1998 kwamen er in Vlaanderen 6.444 werkende vrouwen boven de 50 jaar bij. Méér dan de stijging bij de ,,oudere'' werkende mannen: plus 5.024.

Dat blijkt uit cijfers van het Steunpunt Werkgelegenheid, Arbeid en Vorming (WAV), uit Leuven. Ze werden gisteren bekendgemaakt op een studiedag over de arbeidsmarkt in de vijf Vlaamse provincies.

Volgens het WAV telt Vlaanderen nog altijd relatief weinig ,,oudere werknemers'' tussen 50 en 65 jaar. De arbeidsparticipatie ligt in die leeftijdsgroep op amper 40 procent, een van de laagste cijfers in Europa. Ter vergelijking: bij de 25- tot 50 jarigen werkt 87 procent.

Tegenover de 15.000 50-plussers die in de officiële arbeidsreserve zitten -- zonder baan maar op zoek naar werk -- staan er 150.000, of tien keer meer, 50-plussers die zijn afgeschreven voor de arbeidsmarkt. Het gaat onder meer over bruggepensioneerden.

Die grote groep ,,ongewenste'' ouderen bestaat vooral uit mannen. Ze werden in de afgelopen twintig jaar door de bedrijven uitgestoten. Te duur, niet flexibel genoeg.

Maar die trend is aan het keren, meent het WAV. De beroepsloopbaan bij vrouwen duurt langer en de vervroegde uittrede bij mannen lijkt ook al geminderd. De cijfers bewijzen dat: in 1998 telde Vlaanderen 3 procent werkende 50-plussers meer dan een jaar voordien. In Limburg bedroeg de stijging zelfs 4,4 procent.

De toename valt in alle provincies te noteren. En in alle sectoren. Het grootste aantal oudere werknemers is te vinden in het onderwijs en de overheidsadministratie, maar ook in de metaalnijverheid, de energiebedijven, de post- en telecommunicatiesector.

Opmerkelijk is de vervrouwelijking van de oudere beroepsbevolking. Steeds meer vrouwen blijven werken na hun 50ste. Ze hebben hun eigen beroepsloopbaan niet opgegeven voor het gezin, zoals in vorige generaties nog de regel was. Of ze zijn na een tijdelijke onderbreking op latere leeftijd weer gaan werken.

In de jongere leeftijdsgroepen zitten er beduidend meer buitenhuis werkende vrouwen. Ruim zes op tien van de jongere Vlaamse vrouwen hebben een baan. En die jongere generaties gaan steeds massaler langer blijven werken, meent het WAV. In 2010 zou 38 procent van de vrouwen boven de 50 jaar nog een baan hebben. En dat zal de lage arbeidsparticipatie van de Vlaamse 50- tot 65-jarigen al een stuk verbeteren.