BRUSSEL -- De dalende omzetcijfers op de uitzendmarkt lijken geschiedenis te zijn. Tenminste als de voorspelling uitkomt van Michel Bodart, general manager van Manpower België. Bodart is optimistischer dan de meeste van zijn collega's en ziet de vraag naar uitzendarbeid sinds kort weer toenemen. Voor juni heeft hij het over een ,,lichte stijging'' (minder dan 1 procent) tegenover de maand mei. Die stijging, de eerste in meer dan een jaar, geeft Manpower ,,vertrouwen voor de tweede jaarhelft. En 2003 zal ongetwijfeld goed zijn.''

De 59-jarige Michel Bodart verlaat begin volgend jaar Manpower België. Na 28 jaar gaat de general manager met pensioen. Bodart is om meer dan een reden een opmerkelijke figuur in de Belgische uitzendwereld. Hij is veruit de langstdienende uitzend-baas én al enkele jaren de enige Franstalige nummer één bij de zogenaamde Big Six : de zes grote uitzendbedrijven (naast Manpower zijn dat Randstad, Vedior, Adecco, Creyf's en United Services).

Manpower is bovendien uniek omdat het -- als enige van de groten -- geen meerderheid van zijn omzet in Vlaanderen behaalt. Maar daar komt stilaan verandering in.

Met Bodart verdwijnt de laatste van de oude generatie -- zeg maar van de pioniers -- van de uitzendarbeid in België. Dertig jaar geleden begon hij met 4 medewerkers de Belgische afdeling van Manpower uit te bouwen. Toen, in 1972, was er van enige (wetgevende) erkenning van uitzendwerk nog geen sprake.

Pionierswerk is het bedrijf niet vreemd. Wereldwijd is Manpower de uitvinder van uitzendarbeid. In 1948 hadden twee advocaten uit het Amerikaanse Milwaukee het geniale idee om tijdelijke arbeidskrachten te verhuren aan bedrijven in de buurt. Een nieuwe bedrijfssector was geboren.

Uitzendarbeid evolueerde in die tijdspanne van pure dépannage (zieke arbeiders vervangen) en van noodzakelijke tijdelijke hulp bij productiepieken, tot een instrument van flexibel personeelsbeheer. De uitzendbedrijven evolueerden mee: van leverancier van uitzendkrachten, de jongste jaren in steeds meer gespecialiseerde branches en beroepen, tot bevoorrecht human resources-adviseur van bedrijven. Zo is Manpower, net als zijn concurrenten, uitgegroeid tot een ,,loket waar de bedrijven terecht kunnen voor uitzendarbeid, werving en selectie, outplacement, consultancy.''

Manpower stond mee aan de wieg van de zgn. inhouse-kantoren, waarbij het uitzendbedrijf een vaste stek heeft in een groot bedrijf waar tientallen of zelfs honderden uitzendkrachten rondlopen, vaak van verschillende uitzendbedrijven. In zo'n geval is er sprake van mastervendoring : Manpower beheert het beheer van alle uitzendkrachten, ook van niet-Manpower-personeel.

Bodart geeft de fakkel door aan Philippe Lacroix, vroeger nog actief bij concurrent Vedior en de laatste tijd bij luchthavenuitbater Biac. De machtswissel zal geen breuk geven, benadrukt Bodart. ,,De bedrijfsstrategie wordt aangehouden.''

Manpower staat voor een wat apart profiel in het uitzendwereldje. Professioneel, correct, betrouwbaar. Maar ook: niet altijd even goedkoop en inzake marketing weinig agressief. Michel Bodart onderschrijft die beeldvorming: ,,Onze bedrijfscultuur laat kwaliteit van dienstverlening en de rendabiliteit van onze werking vóórgaan op het veroveren van marktaandeel. Dat geldt wereldwijd en bij ons in België. Jarenlang was Manpower de nummer een in de wereld. Door allerlei fusieoperaties is dat enkele jaren geleden Adecco geworden. We hebben nooit als zot gevochten om die eerste plaats in omzet terug te halen. Wel in gedegen, winstgevende bedrijfsgroei.''

Wereldwijd staat Manpower voor een jaaromzet van 11,8 miljard dollar, 22.000 vaste personeelsleden en 1,9 miljoen tewerkgestelde uitzendkrachten (cijfers van 2001). De belangrijkste markten zijn -- in die volgorde -- Frankrijk, de VS en het Verenigd Koninkrijk.

In België komt Manpower pas op de vijfde plaats, met een marktaandeel van zowat 5 á 6 procent (121 miljoen euro in 2001). Ver achter Creyf's (Solvus), Randstad, Adecco en Vedior. United Services -- met onder meer Unique Interim -- is vergelijkbaar in grootte.

Bodart geeft toe dat de winstmarges op de Belgische uitzendmarkt, waar al jaren een zware prijzenslag woedt, erg klein zijn. En de sector is erg conjunctuurgevoelig. Maar dat maakt hem niet pessimistisch.

,,Manpower doet niet mee aan die prijspolitiek. Om de eenvoudige reden dat wij geen klanten moeten lokken met dumpingprijzen maar met kwaliteit. Wij trekken meer dan anderen tijd en geld uit voor de selectie en opleiding van onze uitzendkrachten. Dat brengt op termijn op, wanneer klanten hun tevredenheid tonen door extra bestellingen te plaatsen. Wij moeten niet als zot almaar meer klanten lokken. Wij verliezen nooit klanten. Elke die erbij komt is pure winst. Maar we streven er niet naar nummer één te worden. Dat laten we aan anderen.''

De cijfers steunen de politiek van Bodart. Manpower België heeft drie jaar na elkaar, tussen 1998 en 2000, 35 procent groei gekend, en ging van 20 naar 52 kantoren. In het economisch zwakke 2001 ging de omzet licht achteruit en werd een beetje verlies geleden. ,,Zoals iedereen'', zegt Bodart filosofisch.

Maar de bedrijfsleider van 260 vaste personeelsleden en bijna 21.000 uitzendkrachten is erg optimistisch over het najaar. ,,In juni lagen de cijfers hoger dan in de voorgaande maand, mei. De stijging was niet erg groot. Minder dan 1 procent. Maar ze was een feit. Voor het eerst sinds vorig jaar ging het weer beter. Dat betekent waarschijnlijk dat de opleving van de uitzendmarkt onderweg is.''

Bodart zegt veel vertrouwen te hebben in de tweede jaarhelft, en nog veel meer in 2003. ,,Volgend jaar zal ongetwijfeld goed zijn. Als de economie opleeft, is uitzendarbeid daar als eerste sector bij gebaat. De eerste budgetten die bij een economische malaise verdwijnen zijn die van marketing en uitzendwerk. Het zijn ook de eerste die bij een reprise weer omhoog gaan. Onze collega's van Manpower in de VS zien het herstel ook op gang komen. De vraag naar uitzendkrachten in de lichte industrie in Amerika nam in het tweede kwartaal toe. En vergeet het natuurlijke groeipotentieel van de uitzendarbeid niet: in de bouw, bij de overheid, in de kmo's. Nu zijn 1,9 procent van alle jobs in België uitzendcontracten. Alle studies wijzen erop dat dat tegen 2010 4,1 procent kan zijn, een verdubbeling.''