De economie veert op, zowel in Europa als in de Verenigde Staten. Dat was gisteren tenminste de vaste overtuiging van een pak beleggers, nauwelijks enkele dagen nadat ze hun winst namen omdat ze een snelle herneming van de economie niet zagen zitten.

De Aziatische beurzen deelden niet in het optimisme. De Japanse Topix zakte zelfs naar het laagste peil in meer dan drie jaar. Vooral de banken en de holdings waren zwak nadat bleek dat de binnenlandse economie nog steeds verzwakt. De schrik zit er weer in dat kredietrisico's een aantal financiële instellingen fataal zouden kunnen worden.

Mizuho Holdings, de grootste Japanse bank, gaf 8,9 procent prijs en UFJ Holdings, de nummer vijf, dook 6,5 procent. Ook de beurshuizen zakten. Beleggers reageren teleurgesteld nu blijkt dat ze bijna allemaal in het nagenoeg failliete Enron hebben geïnvesteerd.

In andere Aziatische markten was de toestand nauwelijks beter. De Koreaanse Kopsi zakte 2,5 procent. Vooral bedrijven als Hyundai Motor deden het slecht (-3,8 procent) omdat de yen naar het laagste peil in drie jaar is gezakt tegen de dollar en op die manier de Japanse producten relatief aantrekkelijker maakt in het buitenland. De overige markten leden kleine verliezen of trappelden ter plaatse.

In Europa haalden de beleggers veel kracht uit de Ifo-indicator. Die gaf gisteren aan dat het vertrouwen van het Duitse bedrijfsleven in november voor het eerst in vier maanden verbeterd is. De Dow Jones Stoxx 50 van de de Europese steraandelen, ging 2,6 procent hoger.

Vooral de technologiewaarden lieten zich positief opmerken. Siemens klom 7 procent, Nokia 5,1 procent, Philips 3,5 procent. Het nieuws dat de prijs voor de toonaangevende 128-megabit DRAM computerchips gisteren met 8,2 procent is gestegen zat daar uiteraard voor veel tussen. Deze maand is de prijs nu met al 36 procent geklommen.

ARM Holding, de grootste ontwerper van computerchips in Europa, ging er 10 procent op vooruit, gevolgd door sectorgenoot Infineon, de Europese nummer twee, die 4,9 procent hoger afvlagde.

Ook Vivendi liet zich positief opmerken met een klim van 6,8 procent. Het Parijse mediaconcern maakte een lang verwachte overeenkomst met USA Networks bekend. Daardoor krijgt Vivendi toegang tot meer dan 80 miljoen gezinnen in de Verenigde Staten.

In de financiële sector klom CGNU 5 procent, gevolgd door Royal Bank of Scotland (4,6 procent) en Allianz (3,4 procent). Telkens lagen positieve winstvooruitzichten aan de basis. En in de chemiehoek kreeg Bayer de wind in de zeilen met een winst van 2,7 procent, maar GlaxoSmithKline moest evenveel omlaag nadat het bedrijf geen goedkeuring kreeg van de Amerikaanse Food and Drug Administration voor een nieuwe versie van zijn antibioticum Augmentin.

In eigen land was het uitkijken naar de officiële fusie van de Nederlandse en de Belgische Fortis-aandelen. De koers van de financiële zwaargewicht zakte met 1,82 procent.

Ook in Amerika waren de beleggers optimistisch. General Electric -- naar beurskapitalisatie gemeten de grootste Amerikaanse onderneming -- kondigde aan dat de winstvooruitzichten voor 2002 onveranderd blijven. En biotechnologiebedrijf Immunex nam concurrent Amgen over. Beleggers zien daarin een teken van vertrouwen in de toekomst.

De Nasdaq stond iets na de middag al bijna 1,75 procent hoger en flirtte opnieuw met de 2.000 punten, terwijl de Dow Jones ruim een procent winst liet optekenen en weer boven de 9.900 punten noteerde.