PARIJS -- De Assemblée begint vandaag haar tweede debat over de openstelling van de elektriciteitsmarkt, waarmee Frankrijk al meer dan een jaar achterop ligt op de Europese richtlijn. De tegenstanders van die richtlijn grijpen de puike prestatie van Electricité de France (EDF) in de catastrofe van de kerststormen aan om le service public te verdedigen.

EDF krijgt niets dan lof voor de snelheid waarmee het na de ravages van de stormen de stroomvoorziening herstelde, tot in de meest afgelegen dorpen en woningen. Blijkens peilingen denken heel wat Fransen dat privé-maatschappijen minder snel tewerkgegaan zouden zijn, zeker voor bescheiden afgelegen klanten. De beelden van ploegen uit hun kerstvakantie teruggeroepen lignards die de kapotte leidingen herstelden, gaven het staatsbedrijf een image van nationale solidariteit en efficiëntie.

De communistische regeringspartner is dan ook meer dan ooit tegen het opgeven van het monopolie van het staatsbedrijf gekant. De vijf grote vakbonden van de energiesector kwamen aan de vooravond van het debat met een gezamenlijke verklaring dat ,,elektriciteit geen koopwaar is'' en dat Frankrijk ,,de lessen moet trekken uit de stormen''. De socialistische premier Lionel Jospin zit daardoor geklemd tussen een linkerzijde die tegen het principe van openstelling gekant is en de rechtse oppositie die in elk geval tegen het regeringsontwerp zal stemmen.

Jospin wil niet terugkeren op de delicate evenwichten die begin vorig jaar in de regerende gauche plurielle afgesproken zijn. De communisten beloofden toen zich te onthouden in de stemming over het ontwerp in ruil voor aanvaarding van enkele van hun amendementen. Eén daarvan erkent het recht op elektriciteit voor iedereen.

Het ontwerp kwam daardoor vorig jaar door de Kamer. Maar de Senaat, waarin rechts de meerderheid heeft, amendeerde het grondig en de twee Kamers konden het niet eens worden over een gezamenlijke tekst. Vandaar dat het ontwerp vandaag zijn tweede mars door het parlement begint.

Frankrijk is door de Europese Commissie al hard op de vingers getikt omdat het de Europese richtlijn niet naleeft.

Ook de voorzitter van EDF, François Roussely, is ongelukkig over de vertraging. Hij vreest dat ze het image van EDF aantast en zijn expansie buiten de grenzen afremt. Nu al klagen Europese concurrenten dat EDF ,,gaat winkelen in het buitenland'' maar de Franse markt voor hen gesloten blijft.

Die markt werd in februari 1999 ten dele geopend. EDF raakte daardoor enkele grote industriële klanten aan Duitse en Spaanse concurrenten kwijt, maar 80 procent bleef het Franse bedrijf trouw. Ook nu zal de verdere opening van de markt alleen de bedrijven betreffen. De privé-klant blijft op EDF aangewezen.

Het vooruitzicht van verscherpte concurrentie maakt dat EDF dit jaar zijn prijzen verder zal reduceren, ondanks de enorme prijskaart van het herstel van de stormschade (zowat 100 miljard frank). Hoewel het, in tegenstelling tot zijn concurrenten, vorig jaar zijn personeel versterkte in de plaats van ,,ontvette'', blijft het ook streven naar een vermindering van zijn kosten met 30 procent over de komende drie jaar.

Roussely oordeelt dat EDF het verlies van het monopolie alleen kan te boven komen door zowel zijn activiteiten als zijn gebied te diversifiëren. Tegen 2003-2005 moet ,,de helft van onze omzet buiten Frankrijk en buiten de elektriciteit liggen'', heeft hij gezegd.

Je wil onze betalende artikels lezen maar nog geen abonnement nemen? Meld je aan en proef gratis van  plus-artikels.

Lees gratis ›

Geen betaalgegevens nodig