Johan Sauwens
© ep
Ondanks het politiek akkoord over de regionalisering van buitenlandse handel, bestaat op het terrein -- bedrijven, sectoren, ambtenaren, vertegenwoordigers in het buitenland, ambassades, het Hof -- nog heel wat onduidelijkheid. Wie mag wat waar doen? Hoe Belgisch is de Vlaamse, Waalse en Brusselse Buitenlandse Handel? De federale lobby draait op volle toeren, met of zonder voorman Pierre Chevalier.

Premier Guy Verhofstadt leest vandaag zijn beleidsnota voor. De staatshervorming speelt daarin een centrale rol. Waar geen discussie over bestaat, is de regionalisering van buitenlandse handel. Die is, samen met die van landbouw, beslecht in het Hermes-akkoord begin dit jaar.

Toch is lang niet iedereen gelukkig met de regeling. Vooral de verdwijning van de BDBH, de Belgische Dienst voor Buitenlandse Handel, zit onder andere het VBO, het Verbond van Belgische Ondernemingen, en het Hof, dat traditioneel handelsmissies leidt, hoog. Niet direct van de minsten. Zij hopen in de praktische afhandeling van het dossier in de Costa, de conferentie over de staatshervorming, de komende weken toch nog zoveel mogelijk invloed federaal te houden.

Een politiek akkoord is één zaak, de praktische regeling iets anders, zo blijkt.

,,De druk vanuit het federale neemt toe'', merkt de Vlaamse Minister voor Buitenlandse Handel, Johan Sauwens (VU-ID), op. In een gesprek met De Standaard zet de drijvende kracht achter de regionalisering graag de puntjes op de i.

,,Ik ben er altijd voorstander van geweest om zoiets als de staatshervorming op voorhand tot in de details te regelen tijdens de regeringsonderhandeling en niet vooruit te schuiven. Ik ben niet akkoord met Verhofstadt om de lange weg van de Costa te volgen.''

In het dossier Buitenlandse Handel merk je daar volgens Sauwens duidelijk de gevolgen van. ,,Je krijgt een federale excellentie met een bevoegdheid die strikt genomen niet veel meer te betekenen heeft. Toch is een kabinet gestart, dat samenwerkt met de administratie. Zo creëer je natuurlijk verzetshaarden. Nu er gepraat moet worden, kom je aan tafel met mensen die bevoegdheden moeten afgeven. Mensen die hun job kunnen verliezen.''

,,Buitenlandse handel was federaal beter direct afgeschaft, zonder staatssecretaris.''

-- Het politiek akkoord is er, maar over de invulling heerst onduidelijkheid. De BDBH wordt een Federaal Agentschap, wordt gezegd. Hoe gaat dat eruit zien?

Er komt geen federaal agentschap, wel een nieuw agentschap. De BDBH wordt niet afgeslankt, wel afgeschaft. Het agentschap zal vooral functioneren op vraag van de gewesten. Dat is het politiek akkoord.

Ik weet dat een aantal federale kringen via het agentschap de BDBH tracht terug te krijgen. Die fase is volop bezig.

Voor mij is het belangrijk dat het agentschap zo klein mogelijk is. Als je te veel mensen gaat samenbrengen, ontwikkelt zo'n instelling een eigen dynamiek. Je kan beter klein beginnen. Indien later blijkt dat Vlaanderen en Wallonië omwille van de schaalvoordelen zeggen 'samen kunnen we veel meer bereiken dan door elk een eigen instrument uit te bouwen', dan kan het worden uitgebreid.

-- Neem de organisatie van economische zendingen. Het initiatief daartoe komt uitsluitend nog van de gewesten?

Dat initiatief is een punt van discussie. Volgens het politiek akkoord is het op initiatief van de gewesten of op vraag van de federale overheid.

-- Kan zo'n vraag worden geregeld binnen zo'n beperkte BDBH? Hebben die daar de middelen wel voor?

Federale vragen zullen toch de absolute uitzondering zijn. Ik denk dat daar vooral de vragen van het Hof zullen komen, in verband met de rol van de prins. Voor het overige heerst de confederale logica. Die zegt dat Vlaanderen en Wallonië een aantal zaken samen doen omdat ze daar meerwaarde in zien. De raad van bestuur moet vanuit de gewesten worden opgebouwd. Dan zal alle dubbelzinnigheid weg zijn.

-- Wat is de rol van prins Filip? Behoudt die zijn plaats aan het hoofd van missies die uit alle gewesten bestaan? Kan hij ook met aparte gewesten meegaan?

Wat mij betreft wel, natuurlijk. Hij kan met Export Vlaanderen mee, net zoals een Belgische ambassadeur volle medewerking verleent aan missies die georganiseerd worden door Export Vlaanderen.

De prins bewijst zijn meerwaarde in bepaalde Aziatische en Arabische landen. Daar heeft de figuur van een koning een belangrijke rol.

-- Acht u het mogelijk dat de prins de ene keer meegaat met Export Vlaanderen, de volgende keer met het Waalse exportagentschap, Awex? Of eerder met beide samen?

Dat moet u aan de prins vragen. De evenwichten zal men in het paleis van Laken in ieder geval goed in het oog houden.

Ik zou wel vragen dat de prins meegaat in verhouding tot het exportaandeel van de gewesten. Voor 78 procent met Vlaanderen dus.

Ik denk niet dat het nodig is dat een lid van de federale regering hem begeleidt. Dat soort argumenten is steeds ontwikkeld om hervormingen tegen te houden.

-- Hoe is de relatie met Awex?

De samenwerking loopt vlot. Er zijn ook goede afspraken met Waals minister Serge Kubla. Hij houdt natuurlijk rekening met Louis Michel en zal dus niets bruuskeren, hoewel we natuurlijk zouden kunnen omdat de bevoegdheden nu al bij de gewesten liggen.

-- Valt er dan iets te bruuskeren? Wat kan het federale niveau nog tegenhouden?

De bevoegdheid was al in 1988 overgedragen. Toch hebben we vastgesteld dat er op het terrein concurrentie was. Vorig jaar heeft de BDBH nog twee grote zendingen georganiseerd, deelgenomen aan beurzen en Belgische weken. Ik heb het in Keulen meegemaakt dat BDBH en Export Vlaanderen naast elkaar op groepsstands stonden. Ik zeg niet dat dat compleet uitgesloten moet worden, maar dat heeft geen zin.

Ze zijn blijven doen alsof er geen regionalisering was. Het budget is verder opgetrokken, het personeelsbestand is uitgebreid. Al had de BDBH het natuurlijk moeilijk omdat het netwerk van economische correspondenten was overgedragen aan de gewesten. Ook de contacten met de bedrijven zitten duidelijk in de gewesten. In de toekomst zal dat enkel toenemen. De Belgische missie zal een uitzondering worden.

-- Waar moet het personeel van de afgeslankte of afgeschafte BDBH heen?

Wij zijn vragende partij voor een deel van het personeel van de BDBH. Daar zit heel wat capaciteit die we heel goed zouden kunnen gebruiken. De ambtenaren kunnen ook binnen federale diensten verhuizen, bijvoorbeeld naar Buitenlandse Zaken of het Planbureau.

We hebben in Vlaanderen te weinig aandacht besteed aan de uitbouw van onze externe betrekkingen en buitenlandse zaken. Niet alleen bij Export Vlaanderen, ook bij onze administratie externe betrekkingen of onze Europacel (taskforce) kunnen we dringend mensen gebruiken met ervaring op federaal vlak.

Samen met Patrick Dewael hebben we beslist de buitenlandsectie echt uit te bouwen. Hoewel er een algemene personeelsstop is, werven we hier aan.

-- De onderhandelingen zijn volop bezig. Wanneer moet de BDBH afgeschaft zijn, en het nieuwe agentschap gecreëerd?

Het nieuwe agentschap moet er zijn op 1 januari 2001. Hoe vlot het loopt, is de vraag. Het jongste half jaar is de sfeer erg verzuurd. De BDBH was zijn actieprogramma (onder Chevalier) ambitieuzer dan ooit aan het uitbouwen voor 2001. Zolang het samenwerkingsakkoord tussen de gewesten niet rond was voor het nieuw agentschap, zou Chevalier doorgegaan zijn.

-- Export Vlaanderen groeit dus. Hoe groot is de geplande personeelsuitbreiding? En heeft het personeel al een statuut, hier en in het buitenland?

Het statuut van het personeel is eindelijk goedgekeurd op 22 september. Het statuut voor de Vlaamse economische vertegenwoordigers in het buitenland is in voorbereiding. De principiële beslissing volgt voor het einde van het jaar.

Ik pleit voor 50 functies erbij, binnen- en buitenland samen. Die kunnen van de BDBH komen, maar evengoed van elders. Alles verloopt via aanwervingen.

Ik wil, als minister van Ambtenarenzaken, ook meer mobiliteit binnen de administraties, bijvoorbeeld vanuit de afdelingen milieu naar export.

-- Hoe zit het met de samenwerking met de ambassades die u meer wou inschakelen in de Vlaamse exportinspanningen en met de netwerkuitbreiding?

De ambassades geven al hun volle medewerking aan de export van de gewesten. Hoe sterker de export voor Vlaanderen ondersteund wordt, hoe beter de ambassadeur zijn Belgische functie waarneemt. Dat is de logica van de federatie. Er is een enorm positieve evolutie. Vooral de jongere generatie verleent haar volle medewerking. De rol van de ambassadeurs in economische netwerken mag je niet onderschatten.

Ten tweede zijn we ons eigen netwerk aan het uitbouwen. We integreren het netwerk van de Vlaamse economische vertegenwoordigers en exportpromotie, met onze investeringsprospectoren en de mensen van toerisme uit de Gemeenschap.

Zo voorzien we bijvoorbeeld 200 miljoen voor de bouw van het Vlaams huis in Parijs. Dat past in de strategie om goed georganiseerd met onze eigen mensen aanwezig te zijn in het buitenland. Maar ook elders in de wereld hebben we tal van inspanningen gedaan. We hebben in 20 miljoen voorzien voor meer aanwervingen.

-- Maakt Export Vlaanderen zijn diensten betalend?

Tot nu toe gebeurt weinig tegen betaling. We pleiten voor een professionalisering. We willen bepaalde vormen van dienstverlening en kwaliteit waarborgen. Daar zal voor betaald moeten worden. Dat lijkt me niet meer dan logisch.

Ik wil met een aantal beroepssectoren ook zoeken naar cofinanciering om ons netwerk verder te kunnen uitbouwen. Bijvoorbeeld met Febeltex of de voedingsindustrie. Op grote posten als Milaan of Parijs kunnen we dan overgaan tot sectorale, diepgaande begeleiding en specifieke marktinformatie verschaffen.

-- Wat is het prijskaartje van deze uitbreiding en hervorming? Hoeveel extra is uitgetrokken?

Voor Export Vlaanderen is er volgend jaar een dotatie van 900 miljoen frank. We bouwen het rustig uit. Door de hervorming zijn niet enorm veel meer middelen nodig. Als het personeel overkomt, komen in principe ook de beschikbare middelen en de werkingskosten mee. Export Vlaanderen krijgt niet zozeer meer activiteiten, wel meer klanten omdat BDBH-klanten voor een aantal diensten niet meer bij het Agentschap terechtkunnen.

De bijkomende regionalisering, of zo u wil het einde van de concurrentie met het federaal niveau, geeft een extra dimensie aan onze buitenlandse handel, maar dat leidt dus niet onmiddellijk tot honderden miljoenen meer. Het budget stijgt met zes-zeven procent, maar dat is geplande uitbreiding.

-- Voor wanneer is het nieuwe beheerscontract met Export Vlaanderen?

Ik wil de nieuwe leidende ambtenaar, Marc Van Craen, de kans geven om orde op zaken te stellen. Het personeelsluik loopt. Ik hoop dat we naar een nieuw strategisch plan kunnen gaan in de loop van volgend jaar. De volledige ontmanteling en overdracht van de BDBH moeten ook rond zijn. Daarna kunnen we praten over een algemeen beheerscontract.