Ostentatief heb ik het belastingaangifteformulier midden op mijn bureau gelegd, maar ik kom er maar niet toe de lastige klus aan te vatten. De tijd begint nochtans te dringen. Psychologisch heb ik het er echter moeilijk mee mijn belastingaangifte voor de inkomsten 1999 in te vullen wanneer de fiscus de rekeningen van het voorgaande jaar nog niet heeft vereffend.

Het aanslagbiljet voor de personenbelasting over het jaar 1998 heb ik begin april ontvangen. Daaruit bleek dat de fiscus mij enkele tienduizenden franken te veel afgehouden bedrijfsvoorheffing terug moest storten. Ik had verwacht het geld eind mei op mijn bankrekening te vinden. Maar dat bleek een misrekening. Ik heb het nog eens nagekeken en op het aanslagbiljet staat inderdaad in kleine lettertjes dat het geld mij zal worden gestort ,,ten laatste op het einde van de tweede maand die volgt op de uitvoerbaarverklaring van het kohier''. Het wordt dus hoogstwaarschijnlijk 30 juni.

Stefaan Michielsen
©mh

Ook al kan je tegenwoordig met een computerprogrammaatje gemakkelijk de uitslag voorspellen, het aanslagbiljet in je brievenbus vinden blijft spannend. Een beetje zoals een schoolrapport. Zat mijn voorspelling in de buurt? Moet ik bijbetalen, en hoeveel dan wel? Krijg ik terug?

Het is een jaarlijks weerkerend gespreksthema op het werk. Er zijn winnaars en verliezers. De winnaars jubelen omdat ze geld terugkrijgen van de fiscus, de verliezers lopen mokkend rond omdat ze nog een keer extra diep in hun zakken moeten tasten en daardoor geplande aankopen moeten uitstellen.

Maar de euforie van de winnaars is totaal misplaatst. Want in werkelijkheid zijn zíj de grote verliezers. Stel dat u in april 2000 het aanslagbiljet ontvangt voor de inkomsten '98 dat u meedeelt dat u honderdduizend frank terugkrijgt omdat de afgehouden bedrijfsvoorheffing de uiteindelijk verschuldigde belasting overtreft. U ontvangt het geld dan eind juni 2000. Het betreft belastingen die de fiscus twee jaar vroeger, in 1998, ten onrechte heeft geïnd. U heeft de Schatkist dus twee jaar lang 100.000 frank krediet gegeven. Gratis.

Eigenlijk heeft u recht op een jaarlijkse rentevergoeding van zo'n 7,5 procent: het tarief dat de banken aanrekenen voor kaskrediet. Dankzij u heeft de fiscus 15.000 frank bespaard. Of laten we het even hebben over uw gederfde inkomsten. U had het geld kunnen beleggen in een staatsbon bijvoorbeeld. Dat had u, in de veronderstelling dat de rente vijf procent bedraagt, ongeveer 10.000 frank kunnen opleveren. Maar u had die som ook in aandelen kunnen beleggen. In Europese aandelen bijvoorbeeld. Dan was u 32.000 frank rijker geworden. Of in Nasdaq-aandelen. Dan was uw honderdduizend frank er tweehonderdduizend geworden. Eigenlijk heeft u dus een extra belasting betaald van tussen tienduizend tot honderdduizend frank. Ah zo, u dacht een goede zaak te doen omdat u belastinggeld terugkreeg?

In geen geval is het Belgische belastingsysteem geïnspireerd door christelijke principes. ,,Als ik iemand iets te veel heb afgenomen, geef ik het hem vierdubbel terug'', belooft 'een zekere Zacheüs, hoofdambtenaar bij het tolwezen' in het Nieuwe Testament (Lucas 19, 1-10). Droom even mee: vier maal honderdduizend, dat is vierhonderdduizend frank. Een mens zou met plezier te veel belastingen betalen! Nu, er zijn wel meer aanbevelingen uit de bijbel die niet of niet meer in de praktijk worden gebracht.

Of heb ik het mis en is de fiscus, opportunistisch, van oordeel dat de belastingplichtingen zich moeten laten leiden door een andere passage uit hetzelfde boek? Lucas 6,30: ,,Geef aan ieder die u iets vraagt, en als iemand wegneemt wat u toebehoort, eis het niet terug''.