Sensaties


DE TELEFOON gaat heel lang, het is onuitstaanbaar, alsof ik in een kasteel woon. Ik zie op de display dat het onze bejaarde vriendin S. is en met S. kun je geen korte gesprekken voeren, dus neem ik niet op. S. is op een stille manier dwingend, ze vraagt nooit of ze stoort, ze begint gewoon langzaam te praten en als je wat wilt zeggen, dan gaat ze iets harder praten en ze laat je niet aan het woord. Steven en ik zitten voor het raam te kijken naar de mannetjes met de gele helmpjes die aan het graven en bouwen zijn. Ik heb de verrekijker in mijn hand. Ik kijk naar drie mannetjes voor een gat in de grond. De telefoon houdt op. De telefoon gaat opnieuw. Heel lang, het is onuitstaanbaar. Het is opnieuw onze vriendin S., dus neem ik niet op. ,,Misschien is er iets met haar aan de hand.'' Ze is een oude vrouw. ,,Nee, er is nooit iets met haar aan de hand. Ze overleeft ons nog allemaal.'' Ze is vast iets aan het eten, gedachteloos, ze is manisch. De telefoon houdt op. Twee mannetjes dalen af in het gat, de derde ligt op zijn buik en kijkt door het gat. Opnieuw gaat de telefoon, het is weer S. Het is terreur. ,,En nu neem je op.'' Ik zeg: nee (ik moet naar mezelf leren luisteren, mijn eigen weg volgen, grenzen stellen). Steven zegt: opnemen, ik zeg: nee, hij: ja, ik neem op, het is alsof ik mijn handen brand. Ze zegt: ,,O, Oscar.'' Het verbaast haar dat ik opneem. Ik zeg dat ik net was binnengekomen, ik ben buiten adem. Ze zegt: ,,Ik stond met de telefoon in de hand te dromen. Nu ik je toch spreek: hoe is het met jullie?''

Goed.



O, gelukkig gaat het iemand goed.



Wat is er dan?



Weet je wat er is gebeurd in Brussel?



Nee.



Ik ben bestolen.



Hoe kan dat?



Ze hebben een gat in mijn tas gesneden en mijn portefeuille eruit gehaald ...

Niet te missen