Buitenlandse beleggers deden vorige maand, aan het snelste tempo ooit in 10 jaar, hun Japanse aandelen van de hand -- na al de moeite die ze een jaar eerder gedaan hadden om Japanse beleggingen op te drijven, schrijft Gillian Tett.

De netto-verkoop door buitenlandse beleggers bereikte in april 846,2 miljard yen op de beurzen van Tokyo, Osaka en Nagoya. Volgens gegevens van de beurzen was dat het hoogste maandelijkse cijfer sinds februari 1990.

Het was de eerste maand sinds eind 1998 dat buitenlanders netto-verkopers waren, en het duidde op een opvallend contrast met het patroon van vorig jaar, toen buitenlandse fondsmanagers het gewicht van Japan in hun portefeuilles sterk opdreven. In 1999 kochten buitenlandse beleggers netto voor bijna 10.000 miljard yen Japanse aandelen.

De plotse verandering in de trend brengt waarschijnlijk bezorgdheid teweeg onder regeringsambtenaren over de vooruitzichten voor de Japanse aandelenmarkt, die gedurende de laatste weken snel is gedaald. De Nikkei-225, de belangrijkste beursindex, daalde afgelopen woensdag tot 17.393,59 punten en bereikte daarmee zijn laagste niveau in 6 maanden, vooraleer hij weer opveerde en sloot op 17.701,47 punten.

De aanzienlijke verkoop kan ook de vrees doen rijzen dat buitenlandse fondsmanagers hun geloof verliezen in de economische vooruitzichten voor Japan en in het tempo van de hervormingen in de bedrijfswereld. Sommige buitenlandse beleggers zijn vooral teleurgesteld dat de regering op geplande hervormingen terugkomt en dat de herstructurering niet zo snel gebeurt als enkele ondernemingen vorig jaar hadden beloofd.

,,Veel buitenlandse beleggers kenden afgelopen jaar een zeer goed jaar in Japan, maar nu het niet zo goed meer gaat, houden sommigen het voor bekeken'', zei Jonathan Alum, strateeg bij ING Barings. Hij wees er ook op dat buitenlandse fondsmanagers te veel in de informatietechnologie en internetsectoren zitten.

Die sectoren kregen vorig jaar grote belangstelling van beleggers omdat ze vorig jaar een nieuw Japan leken aan te kondigen. Maar gedurende de afgelopen maanden zijn enkele belangrijke internetbedrijven zoals Softbank en Hikari Tsushin gekelderd, temidden van een golf winstnemingen door buitenlandse fondsmanagers en teleurstelling over hun bedrijfsplannen.

Sommige handelaars geloven dat achter de aanzienlijke verkopen door buitenlanders nog een andere belangrijke factor schuilt: de volatiliteit van Wall Street die er veel Amerikaanse beleggers toe heeft aangezet internationaal te gaan snoeien. Sommigen geloven bovendien dat de fondsen, gerund door George Soros en anderen, hun activiteiten hebben teruggeschroefd, wat geleid heeft tot de verkoop van Japanse activa.

Het ministerie van Financiën legt de schuld voor de beursverliezen grotendeels bij de beslissing vorige maand om de Nikkei te herwegen. Die herweging veroorzaakte een aanzienlijke volatiliteit en heeft de Nikkei verder naar beneden geduwd.

Het ministerie verklaart bovendien dat grotere aankopen door de binnenlandse beleggers de verkoop door buitenlandse beleggers gedeeltelijk kunnen compenseren. Veel ambtenaren hopen dat een gedeelte van het geld, dat nu in kasbons op tien jaar bij de postspaarbank zit, belegd zal worden in aandelen. Ongeveer 106.000 miljard yen van deze deposito's vervalt dit en volgend jaar.

Gegevens van de postspaarbank suggereren echter dat de meeste spaarders op hun hoede blijven met beleggingen op de beurs.

Sinds 1 april, of de dag dat de vaste deposito's vervallen, wordt ongeveer 53 procent van de afgelopen deposito's opnieuw vastgezet bij de postspaarbank.

© The Financial Times