BRUSSEL -- De financiële markten schakelden zichzelf de voorbije week in ,,wachtstand'', in voorbereiding op de waarschijnlijke Amerikaanse renteverhoging van volgende week. Rustig was het niet op de beurs, maar met een goed gediversifieerde portefeuille hoeft u daar niet veel van te merken.

Aandelen of niet, en zo ja, uit welke sector, in welke markt en hoeveel? U bent niet de enige die met deze prangende vragen zit, maar de meeste grote beleggers besloten deze week om er voorlopig hun hoofd niet over te breken. Naar alle verwachting verhoogt de Fed, de Amerikaanse centrale bank, volgende week haar basisrentevoet met een half procentpunt om de recente inflatoire dreigingen in de VS te bezweren. De vraag die iedereen zich stelt, is of we het dan weer voor een tijdje gehad zullen hebben. Koelt de Amerikaanse economie verder zonder blazen, of zal de Fed nog harder op de rem moeten gaan staan?

In afwachting van antwoorden kijken institutionele en professionele spelers de kat uit de boom. Makelaars op alle grote beurzen melden dezer dagen dan ook een fikse daling van de handelsvolumes. Intussen is de markt overgeleverd aan -- al dan niet professionele -- gokkers die de volgende grote golf niet willen missen, die jagen op de nieuwste trend.

De enige duidelijke trend blijft voorlopig de ondermaatse prestatie van enkele sectoren die het in de eerste twee maanden van het jaar zo goed deden. In Europa hebben met name de telecomaandelen nogal wat last van pessimistische vlagen onder de beleggers. De euforie over ,,groei zonder grenzen'' heeft stilaan plaats gemaakt voor een meer realistische inschatting: de Europese telecomoperatoren zitten in een uiterst concurrentiële omgeving waar leiderschap loont, maar ook heel duur betaald wordt.

Kijk maar naar de commotie rond de reusachtige bedragen die in Groot-Brittannië betaald werden voor de mobilofonielicenties van de zogenaamde ,,derde generatie'' (de breedbandtechnologie die nieuwe perspectieven opent voor internet-gsm's). Marktleider Vodafone betaalde liefst 6 miljard pond of bijna tien keer zijn winst van vorig jaar. Het bedrijf moet nu nog in infrastructuur investeren vooraleer het zijn eerste pence inkomsten uit de licentie kan halen. En het moet allemaal snel gaan, want voor je het weet is er alweer een vierde-generatie-gsm's op komst.

De producenten van telecomapparatuur hebben van dat hele verhaal natuurlijk geen last: voor hen kan de technologische vernieuwing niet snel genoeg gaan, want telkens opent zich weer een markt voor nieuwe toepassingen en gadgets. Dat verklaart dat gsm-producenten als Nokia of Ericsson veel minder last hebben van de malaise bij de telecomoperatoren.

Laatstgenoemde aandelen zijn momenteel de sterkhouders in de portefeuille van heel wat grote en kleine beleggers. Niemand wil ze verkopen ,,omdat het zo'n goede bedrijven zijn''. Velen vergeten echter dat ook een steengoed aandeel soms te duur kan zijn.

Beleggers op de Amerikaanse Nasdaq ondervinden dat de jongste tijd ook: steeds meer beleggers maken zich zorgen over de torenhoge waarderingen van gedoodverfde ,,kwaliteitsaandelen'' uit de technologiesector, á la Cisco Systems, Qualcomm of Oracle. Het is alvast een teken aan de wand dat hierover een hevig debat gevoerd wordt in allerlei gezaghebbende financiële kranten en tijdschriften. Zelfs ons eigen Lernout & Hauspie haalde vrijdag de kolommen van de Wall Street Journal Europe met een pro-contra-analyse van de jongste kwartaalcijfers.

Kortom, ook grote namen zijn niet tegen alles bestand. Een beetje cash opzij zetten om nieuwe koopkansen af te wachten, is in dat opzicht niet zo'n slechte beursstrategie.

De rasechte ,,momentum''-beleggers die hun geld dag in dag uit aan het werk willen zetten, moeten voorlopig terecht bij minder flitsende namen uit de ,,oude economie''. In defensieve sectoren als voeding en distributie worden steeds meer aandelen opgepikt na een maandenlange daling.

In eigen land kende vooral Delhaize een kortstondige opleving, maar echte internationale favorieten kent de Brusselse beurs voorlopig niet. Heel wat grote Europese voedingsaandelen staan wel nog op de kooplijstjes van analisten, hoewel ze al een flinke stijging achter de rug hebben: Nutreco, Numico, Unilever, Cadbury en Nestlé vormen een greep uit het aanbod. Volgens sommige analisten is het stijgingspotentieel van deze aandelen nu bijna uitgeput, maar de trend hebben ze voorlopig nog wel mee.