BRUSSEL -- De Franse voedingsreus Danone heeft het mes in aanslag. De koekjesafdeling zet zich schrap voor een grootscheepse reorganisatie. Maar of en hoeveel Belgische koekjes moeten sneuvelen -- en mensen die ze maken, natuurlijk -- is nog onduidelijk. De operatie reculer pour mieux sauter klinkt alvast bekend in de oren.

,,Er is nog niets beslist. We hebben een studie besteld. Om te bekijken hoe we ons productieapparaat kunnen optimaliseren.'' Wie in de voedingsindustrie werkt, weet dat studies doorgaans spannende dagen voorspellen. De grootheden van de voedingsindustrie -- die luisteren naar namen als Unilever, Kraft, Nestlé, en ook Danone -- willen kost wat kost hun groeiritme opdrijven. Om aanlokkelijk te blijven op de financiële markten. Om de strijd tegen grote distributiegroepen beter aan te kunnen. En om de gigantische bedragen die ze aan overnames besteedden, terugverdienen.

Buiten het bericht in Le Monde -- dat van de 20 Europese fabrieken er 11 zouden moeten sluiten --, is er nog niets bekend over de voornemens van Danone. Maar het lijkt er alleszins sterk op dat de Franse voedingsreus zich opmaakt voor een Unilever-operatie. Zoals de Nederlandse allesproducent -- van afwasproducten tot soep -- vorig jaar besliste om zijn merkenbestand te decimeren, is ook Danone niet ongevoelig voor de koele ratio van zijn boekhouders. En die vertellen steevast hetzelfde verhaal: goed 20 procent van de producten van het bedrijf leveren meer dan 80 procent van de bedrijfswinst. Daarom mogen de zogeheten powerbrands blijven en moeten de zwakke broertjes eruit.

Zo'n operatie is pijnlijk. Zoals wel vaker als het om voedingsproducten gaat, staan er namen op het spel die in eigen land een groot aaibaarheidsgehalte bezitten. In Herentals worden er onder meer Pim's Cakes gemaakt en de legendarische Choco Prince. En Beveren bevoorraadt Europa met Tuc-aperitiefkoekjes en verschillende soorten speculaas. Stuk voor stuk merken die tot de verbeelding spelen.

Dat de strategen van Danone met sentimentele overwegingen rekening houden, lijkt twijfelachtig. Alles hangt er vanaf of de omzet- en winstgroei gelijke tred kunnen houden met de strenge normen die het concern heeft opgelegd voor zijn koekjes.

De Belgische koekjesfabrieken zijn al jaren het strijdperk van grote internationale groepen. Lu General Biscuits, dat de ,,droge'' belangen van de Franse multinational in België behartigt, is al sinds jaar en dag de marktleider. Oorspronkelijk het product van een Belgisch huwelijk, tussen de familiebedrijven De Beukelaar en Parein, raakte de groep in een geopoliek vaarwater. Om uiteindelijk te belanden bij BSN, het Franse conglomeraat waaruit Danone ontstond.

Daarnaast is er Delacre, dat er een gelijkaardige weg op zitten heeft. In de jaren zestig al werd het bedrijf uit Vilvoorde overgenomen door Campbell, bekend van de gelijknamige soep. Waarna het een tweede thuis vond bij het Britse United Biscuits. Dat vorig jaar op zijn beurt overgenomen werd door Finanrealm, een Frans financieel consortium.

De enige Belgische sterkhouder blijft Corona Lotus. Het Oost-Vlaamse beursgenoteerde bedrijf is een goede tweede in de Belgische markt en heeft er de afgelopen jaren een opgemerkte internationale expansie op zitten. Waardoor het zich in het peloton van middelgrote ondernemingen kan vestigen. Corona Lotus zorgde er vorig jaar voor dat een ander, hoogst aaibaar merk, in Belgische handen bleef: de Suzy-wafels.

Je wil onze betalende artikels lezen maar nog geen abonnement nemen? Meld je aan en proef gratis van  plus-artikels.

Lees gratis ›

Geen betaalgegevens nodig