Een simpel systeem voor geldtransfers tussen individuen kan de e-business volledig veranderen en munten en biljetten doen verdwijnen.

Elektronisch geld is de toekomst -- en dat zal altijd zo blijven. Dit standpunt drukt sprekend de mislukking uit van de talrijke pogingen om de consumenten ervan te overtuigen geen kleingeld meer op zak te hebben en in de plaats daarvan de elektronische kaarten te gebruiken. Maar recente ontwikkelingen in Californië lijken aan te tonen dat de verdwijning van de munten en de biljetten dichterbij staat dan we denken.

Vooraleer de mensen massaal overschakelen op een nieuw betaalsysteem, moet het eerst drie tests ondergaan. Ten eerste moet het eenvoudig zijn en gemakkelijk om erin te stappen; het moet ook gratis zijn en ten derde moet het een oplossing bieden voor het kip-en-het-ei probleem. De verzenders noch de ontvangers van het geld zullen in het systeem stappen vooraleer er al een kritische massa bestaat van de andere.

Tot onlangs leek het vanzelfsprekend dat de verzenders van geld waarschijnlijk de consumenten zijn, en de ontvangers waarschijnlijk de winkels. Maar een ondernemer in Californië had een andere kijk op het probleem. Max Levchin, een jonge softwareontwikkelaar die onlangs zijn eerste beginnende bedrijf verkocht, wou een veilig softwaresysteem ontwikkelen. Dat programma zou de mensen in staat stellen om geld te transfereren naar andere individuen door het gebruik van mobiele elektronische apparaten -- zo simpel als het klikken op de afstandsbediening van een garagepoort.

Levchin besprak zijn ideeën met Peter Thiel, een gewezen beleggingsadviseur en optiehandelaar, die hij tijdens zijn studietijd op de Stanford University had leren kennen. Thiel, die zijn eigen aandelenfonds runde, stemde in om de nieuwe onderneming van Levchin te financieren -- en om dan later algemeen directeur te worden.

Tegen het begin van dit jaar was het idee uitgegroeid tot iets anders. Het tweetal had opgemerkt dat met de elektronische agenda's van Palm twee mensen elektronische visitekaarten kunnen uitwisselen wanneer ze met elkaar in contact staan via de infraroodverbindingen op de apparaten. Op die basis bouwden ze een systeem zodat ze ook geld naar elkaar konden sturen.

Maar ze beseften de beperking van het Palm-systeem: het vereiste dat de beide partijen met elkaar in contact staan. En dat was de geboorte van PayPal.com, een systeem dat individuen in staat stelt geld naar elkaar te sturen via e-mail. Om geld naar iemand te sturen, neem je een rekening bij PayPal.com en voer je de gegevens van je kredietkaart in. Je geeft de naam van de ontvanger en zijn e-mailadres, en maakt het bedrag kenbaar. Hierdoor krijgt de ontvanger een e-mail. Deze mail meldt hem dat er geld via PayPal naar hem is gestuurd. Het biedt hem ook twee opties: ofwel kan hij zijn adres geven en een cheque via mail ontvangen, of hij kan een rekening bij PayPal openen. Op die manier kunnen ze het saldo gebruiken om het geld te betalen dat ze andere mensen schuldig zijn.

Dit was een buitengewoon idee. PayPal zou volgens het tweetal op een simpele manier geld kunnen opbrengen: door de intrest op de saldo's die de gebruikers in het systeem achterlaten. Toch zou het met een groot cashflow-probleem te kampen hebben.

De bedrijven van kredietkaarten laten de meeste groothandelaars twee procent of meer op iedere transactie betalen, PayPal was nochtans volledig gratis. Dat betekent dat het bedrijf niet alleen de kosten moet dragen van het schrijven van cheques naar duizenden mensen, maar ook een percentage betaalt op alle eerste transacties die door zijn systeem gingen.

Maar het plan werkte. Binnen enkele weken was het systeem verspreid van vrienden naar vrienden van vrienden.

Thiel en Levchin bemerkten dan iets anders. Hoewel ze een systeem hadden ontwikkeld voor betalingen tussen mensen die elkaar kennen, kon het perfect werken met eBay, het elektronische veilinghuis. Daar moeten miljoenen mensen geld naar andere mensen of naar kleine bedrijven sturen.

EBay heeft zijn eigen betaalsysteem ontwikkeld in samenwerking met Wells Fargo. Het heeft een bedrijf overgenomen dat BillPoint heet. BillPoint gebruikt kredietkaarten voor betalingen tussen personen. Maar er waren twee belangrijke verschillen. Behalve tijdens een promotieperiode in het begin, was het systeem niet gratis: gebruikers moesten 35 cent en dan 3,5 procent van het bedrag van de transactie betalen. Het tweede verschil is dat het gebonden bleef aan de eigenaar en dus voor niets anders kon worden gebruikt dan voor betalingen bij veilingen van eBay. Levchin vergelijkt dat met het verschil tussen een betaalkaart van een winkel en een Visakaart.

Het project loopt nu vier maanden en PayPal heeft 1,5 miljoen rekeninghouders met transacties die gemiddeld 2 miljoen dollar per dag bedragen. Het bedrijf is ook samengegaan met X.com, een on line financieel bedrijf dat een eenvoudige en goedkope bankservice heeft ontwikkeld. Via het samengevoegde bedrijf (bekend als X.com) kunnen mensen intresten krijgen op hun gestorte bedragen en geld afhalen in automaten in heel Amerika.

Het is te vroeg om te zeggen of PayPal de hele wereld kan veroveren. Maar er is een teken aan de wand: het bedrijf haalde onlangs 100 miljoen dollar op aan risicokapitaal. Het biedt een bonus van 5 dollar wanneer mensen hun vrienden inschrijven. Dat budget moet dus de marketingkosten dekken om zowat 20 miljoen personen aan te trekken. Als PayPal die doelstelling kan halen, dan maakt het munten en briefjes misschien overbodig.

(Tim Jackson is stichter van QXL.com en directeur van Carlyle Internet Partners Europe, een fonds voor risicokapitaal.)

© The Financial Times