,,Bedrijven beseffen te weinig dat het niet alleen om geld gaat. Een aangenaam werkkader aanbieden met interessante uitdagingen is belangrijker dan het puur monetaire. Ik ken bedrijfsleiders die zeggen dat ze het voor een derde of zelfs de helft minder willen doen'', zegt Jean Van den Eynde, partner bij het executive search kantoor Russell Reynolds Associates in de tweede aflevering van de reeks over de poenscheppers.

Executive search kantoren, kortweg headhunters of koppensnellers, staan zeer dicht bij het wereldje van de CEO's. Hoe ervaart zo'n kantoor de kritiek op zijn grondstof? Wat zijn de opvallende trends?

,,De media speelden een belangrijke rol in de vedettencultus van de CEO. Toplui liepen er graag in mee, want het streelde hun ego'', merkt Jean Van den Eynde op, één van de senior partners van de Brusselse vestiging van Russell Reynolds Associates. Van den Eynde kent het Belgische CEO-wereldje erg goed en loodste bijvoorbeeld Bert De Graeve destijds naar de VRT, en samen met zijn collega's, Martin De Prycker (ex-Alcatel) naar Barco.

De roep naar transparantie betekende dat de lonen van de managers meer en meer publiek gemaakt werden, maar dat stimuleerde de loonspiraal nog, meent Van den Eynde. ,,De CEO duwde de raad van bestuur de persknipsels onder de neus over wat hun evenknieën elders kregen.''

Tijdens de wilde periode, die een hoogtepunt bereikte rond de millenniumwissel, stond alles in het teken van de korte termijn, lees een hoge beurskoers. Vooral in sectoren als informatica en telecom sloegen de excessen toe. In een poging om de juiste man op de juiste plaats te hebben, werden topmanagers aangetrokken tegen exorbitante voorwaarden.

,,Dat fenomeen creëerde een prijsonelastische omgeving. Bedrijven gaven hun onderhandelingsmarge uit handen. Ze moesten absoluut manager X of Y hebben, want dat was wat de markt wilde. De aankondiging dat een manager eruit gestuurd werd of dat een manager zou aantreden, had soms een abnormale impact op de beurskoers'', zegt Van den Eynde.

Van de mythe van de CEO als superman is weinig overgebleven. Verschillende toplui vielen van hun voetstuk als gevolg van hun hebzucht en egoïsme. De hoge lonen en afscheidspremies staken het publiek de ogen uit.

Van den Eynde: ,,Zolang de beurskoersen stegen, stoorden slechts weinigen zich aan de exorbitante vergoedingen. Veel beleggers hebben de jongste jaren zware verliezen geleden op de beurs en nemen het niet dat de CEO buiten schot blijft. Er komt opnieuw een gezonder evenwicht tussen de raad van bestuur die de aandeelhouders vertegenwoordigt en de gedelegeerd bestuurder die het management vertegenwoordigt.''

Dat sommige afscheidspremies zo onredelijk hoog werden dat het haast verleidelijk werd om die uit te lokken, spreekt Van den Eynde tegen. ,,CEO's hebben een groot ego. Ze willen dingen realiseren en als succesvol beschouwd worden. In een situatie komen dat ze afscheid moeten nemen, geeft hun ego een grote deuk.''

Van den Eynde heeft bedenkingen bij afscheidsregelingen á la Jack Welch, de voormalige topman van GE die onderhandelde dat hij ook na zijn pensioen over tal van vennootschapsgoederen zou kunnen beschikken zodat hij niets moest inleveren op zijn levensstijl.

Welch kreeg dat van GE gedaan op een ogenblik dat de onderneming absoluut wou dat hij nog enkele jaren zou blijven. Daar zit volgens Van den Eynde precies veel kwaad in. Bedrijven onderhandelen slecht. Vaak manoeuvreren ze zich in zo'n situatie dat de gedelegeerd bestuurder zijn eisen kan doordrukken.

,,Je ziet nu dat bedrijven het slimmer spelen en tot in de eindfase twee tot drie kandidaten in de race houden. Als headhunter breng je vijf tot zes kandidaten aan. Het zit echter in de menselijke natuur dat bedrijven een voorkeur hebben voor één persoon en dat vroegtijdig aan de kandidaat laten weten zodat de onderhandelingsmarge verdwijnt.''

Volgens Van den Eynde is het zaak om te vertrekken vanuit de functie. ,,Wat is de functie waard, wat willen we ervoor betalen.'' Perverse situaties bij het afscheid van de CEO kunnen vermeden worden door bedrijfsleiders geen pot geld mee te geven maar bijvoorbeeld een pakket aandelen die ze pas drie jaar na hun vertrek kunnen verzilveren. ,,Het is een garantie dat ze tot op de laatste dag dat ze in functie zijn, zullen proberen de lange termijn voorop te stellen'', zegt de executive search specialist.

Van den Eynde heeft ook zijn bedenkingen bij bedrijven die de details van een afscheidspremie volledig publiceren, maar waar de mensen die zelf nog in het zadel zitten hun eigen remuneratie en voordelen niet volledig bekend maken. Soms lijkt dat op natrappen en dat is voor niemand goed op de lange termijn, zegt hij.

België is gespaard gebleven van excessen á la Jean-Marie Messier (Vivendi Universal) die zich god waande. ,,Hier heerst een cultuur van gezond verstand. Een Belg heeft niet snel last van een buiten proportie geblazen ego'', zegt Van den Eynde. De Belgische economie is ook minder beïnvloed door de informatica- en telecomgekte. De meerderheid van de bedrijven is in handen van families die van nature conservatief zijn in hun remuneratiebeleid.

Twee door families gecontroleerde groepen, weken recent van die regel af. Interbrew toen het Hugo Powell aanstelde, de man die ondertussen vervangen werd door John Brock en die in Canada de grootste privéranch aan het neerpoten is, en Bekaert. Daar werd Carl Decaluwé vervangen door Julien De Wilde en Bert De Graeve. Over de vergoeding waarop ze konden rekenen, is weinig bekend.

Het publiek kreeg recent wel kennis van de afscheidspremie waarop de voormalige bankier Marc Gedopt bij zijn afscheid van NIB Capital kon rekenen. Gedopt ging eerder dit jaar aan de slag bij Agfa-Gevaert als financieel directeur als gevolg van de overstap van André Bergen naar KBC Bank. Hij apprecieerde het maar weinig dat de gouden handdruk bekendgemaakt werd. NIB Capital was niet beursgenoteerd. Daartegenover staat dat NIB in handen is van de twee grootste pensioenfondsen in Nederland.

De roep om meer inkomenstransparantie is niet te stoppen meent de directeur van Russell Reynolds. Maar hij reageert voorzichtig op het fenomeen. ,,De vraag naar transparantie is een reactie op de misbruiken die er geweest zijn. Ik begrijp de schroom die bepaalde CEO's hebben om op dergelijke vragen te antwoorden. Wil de modale Belg wel dat de buren weten wat hij of zij verdient. In de Verenigde Staten praat bijna iedereen over zijn inkomen maar dat ligt bij ons wel even anders. Dat Joanne Kathleen Rowling met Harry Potter rijk is geworden, aanvaarden we. Van een voetballer aanvaarden we dat ook, op voorwaarde dat hij scoort.''

,,Ik raad bedrijven aan om als ze de verloning uitleggen, dat op een transparante manier te doen. Geef ook aan of een privéchauffeur en de beschikking over een villa tot het pakket behoren. Leg ook uit hoe het loon geëvolueerd is en vergelijk het met vergelijkbare bedrijven. Dat lijkt me typisch een materie voor een aandeelhoudersvergadering.''

Over bonussen is Van den Eynde genuanceerder. ,,Soms is men er te gul mee. Men deelt al bonussen uit omwille van het afsluiten van een overnamecontract. Het lijkt me beter te wachten met de bonus tot het duidelijk is dat een overname succesvol is. Je betaalt een voetballer toch ook niet voor het aantal kilometers dat hij gelopen heeft. Het resultaat telt.''

Van den Eynde verkiest CEO's die met hun voeten op de grond staan en in teamverband werken. ,,Belgische CEO's staan erop dicht bij hun team te staan. Het aantal CEO's dat zich graag individueel profileert, is een minderheid.''

,,Gedelegeerd bestuurders die kiezen voor egotripperij, zullen in tijden van problemen ondervinden dat ze er alleen voor staan'', waarschuwt hij, verwijzend naar Jean-Marie Messier die dacht Vivendi te moeten besturen vanuit New York, bij de financiële markten en niet bij zijn mensen.

Anno 2003 verkiest de financiële wereld opnieuw CEO's die vooral met hun onderneming bezig zijn in plaats van van de ene lezing naar de andere te hollen.

Van den Eynde heeft ook zijn vragen bij de inflatie aan allerlei prijzen. Managementbladen, scholen en kranten lopen elkaar voor de voeten met kreten als ondernemers en managers van het jaar. Dat draagt bij tot de personencultus en de mogelijke vervreemding van de CEO van zijn bedrijf.

,,Je moet er toch voorzichtig mee zijn. We zijn geen volk dat daar echt in gelooft'', meent Van den Eynde.

Volgens Van den Eynde zijn de krachtverhoudingen tussen bedrijf en gedelegeerd bestuurder grondig gewijzigd. ,,Vandaag ontmoeten we CEO's die zonder job vallen en is de boodschap die we ze geven dat ze het met veel minder zullen moeten doen.''

,,Onze rol is om realistisch te zijn. De meeste genoegdoening heb je als je iemand kunt plaatsen die nog relatief weinig verdient en straks beter af is maar goedkoper is dan wat een bedrijf wou betalen. Als je met een dure vogel zit, heb je altijd het probleem dat achteruit krabbelen het ego schaadt. Dan moet je met variabele formules werken. De ervaring leert dat wie het voor het geld doet, niet de juiste persoon is.''

Van den Eynde zegt enorme verschillen te zien in lonen tussen bijvoorbeeld personen die in de productiesfeer leiding geven aan 400 tot 500 mensen en jonge broekjes actief bij informaticabedrijven en zakenbanken. Soms moesten die eersten het met de helft of minder stellen.

,,Te veel betalen wreekt zich op lange termijn. Je kunt het geld niet elders investeren en je klanten moeten bereid zijn om je dure facturen te betalen. Bovendien kan het de bedrijfscultuur aantasten.''

Een oud grapje bij bankbedienden was dat je het best bij Fortis (toen nog Generale Bank) kon werken en beter aandelen kocht van Kredietbank. Dat grapje heeft nog niet veel aan actualiteit ingeboet. Zo verdient de Fortis-baas Anton van Rossum een veelvoud van de KBC-topman, bleek uit cijfers die de ex-KBC-topman Remi Vermeiren recent bekend maakte.

Hoe groot mag de spanning zijn tussen top en basis? Van den Eynde: ,,Het is toch uitkijken. Te grote verschillen zijn nefast. Het personeel kan een houding krijgen van mijnheer de directeur, als u dan toch zoveel verdient, doe het maar zelf . Vlamingen zijn nuchter en laten zich sturen door hun gezond verstand. Te grote verschillen kunnen destructief zijn.''

Headhunters krijgen wel eens de kritiek dat ze er belang bij hebben dat de CEO's die ze plaatsen veel geld verdienen omdat hun vergoeding daar in functie van is. Een hoge rotatie van CEO's is ook niet onmiddellijk tegen het belang van de sector in.

Van den Eynde: ,,Ik sluit niet uit dat sommige headhunters een beetje opportunistisch zijn geweest tijdens de hoogconjunctuur en bedrijfsleiders aanzetten om bij hun overstap een zo hoog mogelijk bedrag te onderhandelen. Zo'n mentaliteit raakt snel bekend en druist in tegen de langetermijnaanpak. Het schaadt de relatie met de opdrachtgever en het bedrijf, en is dus ook niet verstandig.''

  • Dit is het tweede deel van de reeks ,,poenscheppers''. Morgen: professioneel loonbeleid.