BRUSSEL -- De aankondiging van Wim Duisenberg dat hij volgend jaar weg gaat als voorzitter van de Europese Centrale Bank, komt op een uitgelezen moment. Ze past perfect in het compromis dat Frankrijk en Duitsland volgende week moeten vinden over het Duitse Stabiliteitspact.

De aankondiging van Wim Duisenberg van een exacte datum waarop hij ,,omwille van de leeftijd'' vertrekt, maakt het voor de Spaanse EU-voorzitter heel wat makkelijker om een oplossing te vinden voor het probleem dat zich in mei stelt, rond de vervanging van Philippe Noyer, de Franse ondervoorzitter van de ECB. Die heeft er dan zijn termijn van vier

jaar onherroepelijk opzitten en moet vervangen worden.

Frankrijk heeft al bekend gemaakt af te zien van een vervanger voor het ondervoorzitterschap om de handen vrij te houden voor de opvolging van Duisenberg, volgend jaar. Dat kan nu ordentelijker georganiseerd worden.

Duisenbergs verhouding met het politieke Europa is de voorbije vier jaar nooit goed geweest. Al meteen bij zijn aanstelling, in mei 1998, trotseerde hij met steun van Helmut Kohl en het merendeel van de vijftien regeringen, de toorn van Jacques Chirac die alleen wilde instemmen met ,,de Duitse'' kandidaat als hij terug kon naar Parijs met de publieke belofte van Duisenberg dat hij na vier jaar zou aftreden. Maar die weigerde. De staats- en regeringsleiders hielden er hun langste ,,lunch'' aan over uit de geschiedenis.

Nu doet Duisenberg wel de toegift aan de Franse partners. Alles kan in gereedheid worden gebracht om zijn opvolging door een Franse kandidaat te regelen. En die geruststelling kan de eerstkomende dagen belangrijk zijn. De regering van kanselier Gerhard Schröder staat volgende week dinsdag immers voor een groot probleem waarbij het erop aankomt Parijs zeker niet voor het hoofd te stoten en, meer nog, zelfs te vriend te houden.

Het gaat om de verwittiging die Schröders regering van de Commissie heeft gekregen voor haar begrotingsplan. Het Duitse overheidstekort zit immers dicht bij de bovengrens van 3% van het bbp en de Commissie kon niet anders dan volgens de regels, haar vinger op te steken. De kanselier die voor verkiezingen staat en met slechte werkloosheidscijfers heeft af te rekenen, heeft er veel voor over om van die vernedering af te geraken. Volgende week dinsdag zullen de ministers van Financiën in Brussel het eindoordeel moeten vellen: volgen ze de Commissie of niet.

Belangrijk is dat dit gebeurt met een gekwalificeerde meerderheidsstemming waarbij dus ook een blokkeringsminderheid kan spelen. De grote drie hebben voldoende gewicht om dat voor mekaar te krijgen. Daarvoor is de Franse steun voor Berlijn dus van doorslaggevend belang. Ook het strenge Verenigd Koninkrijk, Denemarken en Zweden, die nog geen deel uitmaken van de eurogroep, stemmen immers mee en kunnen afhaken. De Spaanse voorzitter twijfelt, net als Portugel, dat ook een verwittiging kreeg. En, Duitsland zelf mag ook meestemmen.

Het Franse stemmengewicht is dus cruciaal.

En dat komt ook Frankrijk misschien goed uit. Duitsland heeft vorige week officieel laten weten dat de toestand zo ernstig is, dat het onmogelijk tegen 2004 de begroting in evenwicht kan krijgen en -- volgens het meest realistische scenario -- twee jaar langer nodig zal hebben: tot 2006.

Welnu, ook bij de Franse regering wordt steeds meer toegegeven dat 2004 wellicht onhaalbaar wordt.

Beide kunnen mekaar volgende dinsdag dus vinden, welke ,,systeemschade'' dat voor de euro en het stabiliteitspact ook moge meebrengen. En wat de andere lidstaten er ook mogen over denken. Wellicht heeft iedereen in die omstandigheden dus meer belang in een compromis dan in een hevige ruzie die de geloofwaardigheid van de euro helemaal kan ondergraven.

U wil onze betalende artikels lezen maar nog geen abonnement nemen? Meld u aan en proef gratis van  plus-artikels.

Lees gratis ›

Geen betaalgegevens nodig