BRUSSEL -- Over seizoensinvloeden op de beurs is al veel gepalaverd, maar één ding werd de voorbije jaren wel duidelijk: een nieuw jaar -- laat staan een nieuw millennium -- is altijd wel goed voor flink wat actie. Nu de telecom- en hightech-aandelen stoom hebben afgelaten, kan het jaar 2000 pas goed beginnen. Een jaar waarin het geloof in een betere wereld het zal moet afleggen tegen de angst voor oude beursdemonen.

Emoties mogen weer. Het zou de coverstory van een vrouwenblad kunnen zijn, maar net zo goed het editoriaal van een beleggerstijdschrift. Wie kan nog kalm blijven onder de aardbevingen die zich bijna om de haverklap op de financiële markten afspelen?

Vroeger betekende ,,een goed beursjaar'' evenveel als ,,we hebben meer verdiend dan met een spaarboekje''. Tegenwoordig zijn schommelingen van beursindexen met 5 procent per dag -- naar boven en beneden -- allang geen uitzondering meer. En wie niet minstens één aandeel bezit dat in enkele maanden kon verdubbelen of verdriedubbelen, staat met het schaamrood op de wangen.

Het verklaart alvast dat niemand echt wakker ligt van de afslachting die deze week plaatsvond in de sector van de veelbesproken telecom- en technologieaandelen. Een afslachting die nog altijd verbleekt bij de fenomenale winst die die aandelen in 1999 -- en dan nog bijna uitsluitend in de laatste helft van dat jaar -- konden neerzetten.

In zekere zin zijn die hevige koersbewegingen een uiting van het centrale thema in beleggersland: het conflict tussen believers en angsthazen, tussen geloof en vrees.

Het geloof is dat in een ,,nieuwe wereld'' waar technologische vernieuwingen de productiviteit als nooit tevoren opvoeren. Een wereld waarin een fabriek aan de andere kant van de wereld met een muisklik bestuurd wordt en bestellingen dankzij het Internet just in time worden geleverd. Méér produceren met minder mensen en middelen, dat duwt de prijzen omlaag en verhoogt de koopkracht van de (werkende) bevolking. Kortom, een wereld van groei zonder inflatie.

Maar toch nijpt ook de angst: dat die enorme productiviteitsboom slechts een cyclisch fenomeen is waaraan ooit eens een einde moet komen. Dat er een natuurlijke grens is aan de groei, en dat inflatie onvermijdelijk de kop opsteekt wanneer die grens overschreden wordt.

De angst weegt ongetwijfeld het zwaarst in de VS, een land dat volgende maand de langste economische expansie uit zijn geschiedenis zal bereiken. Het nachtmerrie-scenario is dat waarbij aan die expansie een heel abrupt einde komt. Dergelijke schokken zijn nooit goed voor financiële markten en hebben zelfs het potentieel om er een crash te veroorzaken.

Dat niemand echt met dat laatste scenario rekening houdt, is dan weer te danken aan een andere geloofsbelijdenis: die in de stuurmanskunst van de centrale bankiers, met als belangrijkste totem de Amerikaan Alan Greenspan. De 73-jarige opa werd deze week voor vier jaar herbenoemd als voorzitter van de Federal Reserve. De beleggers vertrouwen erop dat hij een crash van de Amerikaanse economie (en beurs) zal kunnen vermijden.

Het geloof was de voorbije jaren sterker dan de angst, en voorlopig blijft dat nog zo. Als je de beurscorrectie van de afgelopen week bekijkt, blijkt immers niet dat de beleggers de aandelenmarkt de rug hebben toegekeerd. Ze hebben wel winst genomen op enkele hoogvliegers en herbeleggen dat geld nu in aandelen uit andere sectoren, zoals industriële en defensieve waarden.

Dergelijke ,,sectorrotatie'' was ook in 1999 een veel belangrijker thema dan de klassieke rotatie tussen aandelen en obligaties. Dat valt samen met de opmerkelijke conclusie -- zoals ook de Financial Times schrijft -- dat er een ontkoppeling is gekomen tussen aandelen en obligaties: de beurskoersen blijven stijgen, ondanks dalende obligatiekoersen (en dus een stijgende rente). Alleen staat nu eens deze sector in de gunst, en dan weer een andere.

Beursvoorspellingen zijn daardoor een erg hachelijke aangelegenheid geworden. We kregen deze week een briefje in de bus van een belegger die de meest voorkomende beurstips in de Belgische pers van begin 1999 heeft geëvalueerd. Resultaat: van de tien meestgenoemde aandelen eindigden acht het jaar met verlies. De beursvennootschap Dierickx, Leys signaleert in zijn nieuwsbrief eenzelfde fenomeen op de Nederlandse beurs.

Je kan daar drie dingen uit leren: spreid je portefeuille tussen verschillende soorten aandelen, evalueer die portefeuille alleen op lange termijn (méér dan een jaar), en koop niet zomaar een aandeel omdat een ander het zegt.

U wil onze betalende artikels lezen maar nog geen abonnement nemen? Meld u aan en proef gratis van  plus-artikels.

Lees gratis ›

Geen betaalgegevens nodig