BRUSSEL -- NMBS-topman Karel Vinck geeft in zijn ondernemingsplan een duidelijke indicatie dat er nog ruimte is om de tarieven voor een treinkaartje te verhogen. In het plan, 95 bladzijden dik, waar De Standaard de hand op kon leggen, staat dat de NMBS haar inkomsten per reiziger-kilometer met 15 procent moet verhogen om op het Europese gemiddelde te komen.

Dat spoortopman Karel Vinck geen voorstander is van de gratis-politiek die SP.A-voorzitter Steve Stevaert aanhangt, is een publiek geheim. Onlangs liet Vinck zich tijdens een lunch-causerie van de werkgeversfederatie VBO nog ontvallen dat gratis mobiliteit niet bestaat. ,,De belastingbetaler betaalt'', voegde hij eraan toe.

De topman van de NMBS wil duidelijk meer greep krijgen op de tariefpolitiek. Zo wil hij in het regeerakkoord lezen dat ,,de overheid de autonomie van de NMBS om een eigen tariefpolitiek te voeren, verhoogt. Elke tariefreductie moet de overheid compenseren''.

Vinck geeft in zijn ondernemingsplan aan dat hij serieus aan de tariefstructuur wil sleutelen. Hij wil af van de wirwar van tarieven en gaan naar een eenvoudiger tariefgamma toegespitst op drie groepen reizigers: de toevallige reizigers, de terugkerende reizigers en de frequente of regelmatige reizigers.

Bovendien ziet de spoorbaas nog heel wat ruimte om de treintarieven te verhogen. De gemiddelde NMBS-tarieven zijn laag tegenover haar Europese collega's, luidt het. De NMBS verdient per reiziger-kilometer zeven eurocent. Alleen Oostenrijk met zes eurocent, Italië en Spanje met vijf eurocent en Portugal met 4 eurocent, verdienen minder aan hun reizigers.

In onze buurlanden zijn de ontvangsten per reiziger-kilometer een pak hoger. Hij besluit dus dat de NMBS haar inkomsten per reiziger-kilometer met 15 procent zou moeten verhogen om op tarifair vlak het Europese gemiddelde te halen.

Vincks ondernemingsplan zet verder gedetailleerd per bedrijfseenheid de stappen uiteen die genomen moeten worden om de productiviteit op te drijven. De algehele productiviteitsverbetering met 30 procent tegen 2007 zal leiden tot een vermindering van het spoorwegpersoneel met tienduizend voltijdse eenheden (DS 6 juni) . Zo zullen de treinbestuurders die de reizigerstreinen bedienen 23 procent meer kilometers per jaar moeten afmalen. Voor de bestuurders die in het goederenvervoer zitten, is dat zelfs 33 procent.

De spoortopman hoopt dankzij die productiviteitsverbetering, samen met de overname van 7,2 miljard euro aan schulden en de vermindering van de investeringen met 700 miljoen euro, de NMBS tegen 2007 opnieuw op het goede spoor te zetten.