BRUSSEL -- Hoogspanningsmasten en -draden knakten als lucifers toen twee orkanen tussen Kerstmis en nieuwjaar over Frankrijk raasden. Maar het is geen voldoende reden om zware stroomlijnen ondergronds te brengen. Technisch lijkt het wel een haalbare kaart, ook al vergt het een minutieuze koeling van de leidingen. Maar elektriciteitsbedrijven zien vooral de zware financiële aderlating niet zitten, luidt het bij Electrabel.

Een kilometer hoogspanningslijn van 380 of 400 kilovolt ondergronds aanleggen kost 500 en 600 miljoen frank. Diezelfde lijn bovengronds aanleggen kost twintig keer minder, schat de woordvoerder van Electrabel, Patrick De Vos.

Elektriciteitsbedrijven her en der in Europa investeren al wel in het ondergronds brengen van minder zware hoogspanningslijnen, ook al ligt de rekening van dergelijk elektriciteitstransport vier tot vijf keer hoger dan een bovengrondse stroomlijn.

De afkoeling van de elektriciteitsleidingen maakt het ondergrondse transport onbetaalbaar. Bovendien is een bovengrondse leiding veel makkelijk te bereiken dan een ondergronds. ,,Je moet weten dat een hoogspanningslijn onder Berlijn -- één van 's werelds weinig zware ondergrondse stroomlijnen -- door een tunnel loopt en bovendien over een heel beperkte afstand.''

De Franse elektriciteitsbedrijf Electricité de France -- de grootste stroomproducent ter wereld -- raamt de kosten voor de noodherstelling van de bovengrondse leidingen alleen al op 4 tot 5 miljard Franse frank (24,5 tot 30,7 miljard frank). De Franse stroomreus waarschuwde alvast dat de herstellingen nog jaren zullen duren. Volgens de Britse zakenkrant Financial Times kan de uiteindelijke factuur oplopen tot 16 á 17 miljard F.fr. (98 á 104 miljard frank).

Ter vergelijking: EDF haalde in 1998 een omzet van 185 miljard F.fr. en een nettowinst van 2,1 miljard F.fr.

Voor het noodherstel kon EDF alvast rekenen op de hulp van andere Europese stroombedrijven. Het Italiaanse Enel heeft 650 km hoogspanningsleidingen aangeboden. Het Belgische Electrabel stuurde totnogtoe 250 eigen werknemers en personeel van onderaannemers naar verscheidene getroffen Franse regio's. Negentig naar Normandië, voor de herstelling van hoogspanningslijnen, zeventien naar Châlons-sur-Marne en veertien naar Reims. De meest spectaculaire klus die Electrabel klaart is de heropbouw van de pylonen op de hoogspanningsverbinding tussen Lyon en Dijon. Die herstelling alleen al duurt een week.

Deze verbinding vormt bovendien een illustratie van het onvermijdelijke van een bovengrondse leiding. De pylonen worden opgetrokken in een heel moerassig gebied met steile hellingen. De pylonen zijn afkomstig uit de voorraad van Electrabel zelf.

Wij hebben ervaring met de verhuizing van hoogspanningslijnen, verklaart woordvoerder De Vos. Die kennis werd opgedaan tijdens de voorjaarsstormen van 1990 toen zeventien hoogspanningslijnen tegen de grond gingen.

De pylonen bleven toen gespaard. ,,Ze zijn bestand tegen windsnelheden van 150 km per uur. Maar de weersomstandigheden in Frankrijk waren zeer uitzonderlijk. Zo'n orkaan is onuitgegeven.'' Volgens De Vos is er in het verleden al veel studiewerk verzet, maar uiteindelijk is bij de mastkeuze maar één argument dat de doorslag geeft, stelt De Vos. Electrabel kiest voor pylonen die de minste visuele hinder veroorzaken.