BRUSSEL -- De vorige vrijdag in Monaco vermoorde bankier Edmond Safra haalde zich de woede op de hals van topfiguren uit ,,Russiagate'', de schandalenreeks rond het witwassen van Russisch smeer- en misdaadgeld. Daardoor is Russiagate een van de mogelijke sporen die de speurders onderzoeken.

Safra had in mei zijn aandeel in de Republic National Bank of New York voor 3,3 miljard dollar (130 miljard frank) verkocht aan de Hong Kong & Shanghai Bank (HSBC). Die Republic National Bank had nogal wat geld verloren bij de financiële crisis van augustus 1998 in Rusland, waar ze veel activiteiten had.

Maar de bank had in diezelfde periode de speurders materiaal verstrekt voor hun onderzoek naar het witwassen van Russisch misdaadgeld via de Bank of New York. Het gaat om minstens 7 miljard dollar (280 miljard frank), maar vermoedelijk om meer dan het dubbele hiervan. Dat gebeurde op grote schaal via de firma Benex van Semion Mogilevitsj, een Oekraïense maffiabaas die ook in ons land goed bekend is.

De onthullingen vanuit de Republic National Bank betekenden een ramp voor de betrokkenen, onder wie heel wat hoofdfiguren uit het Kremlin (zoals de schatbewaarder, een schoonzoon van president Jeltsin).

Laurent Kasper Ansermet, de procureur van Genève die in Zwitserland het uitgebreide Zwitserse luik van Russiagate onderzoekt, had graag een uitvoerig gesprek met de vermoorde Safra gehad. Safra's dood is voor hem zeer slecht nieuws, zei de procureur.

De procureur van Monaco gelooft niet in het Russische spoor. Een door de krant Le Monde geciteerde kenner van de grote misdadigheid zei echter dat ,,alleen het Russisch milieu gek genoeg is om een dergelijke operatie in Monaco uit te voeren''.

De moord op Safra vestigt intussen weer de aandacht op de rol van Monaco als verzamelpunt voor verdachte kapitalen en personen. In Frankrijk en Italië wordt herinnerd aan een parlementair rapport van 1993 waarin werd blootgelegd hoe vertakkingen van de Italiaanse maffia in Monaco en via Monaco in het zuiden van Frankrijk misdaadkapitalen witwassen en beleggen. Volgens dat rapport waren hooggeplaatste personaliteiten uit het prinsdom daarbij medeplichtig.

Al in 1963 dreigde toenmalig Frans president Charles de Gaulle met een interventie tegen Monaco. Begin dit jaar riep de Franse krant Le Monde zelfs in een commentaar op tot sancties tegen Monaco indien het voort medewerking zou weigeren bij de bestrijding van de grote financiële delinquentie. De krant publiceerde daarbij een lang dossier om die aanklacht te staven.