Handelsconflicten tussen de VS en de Europese Unie zijn niets nieuws. Maar geen enkel ander conflict dreigt zoveel politieke en economische schade aan te richten als de ruzie over de Foreign Sales Corporation- wet in de VS, die de belastingen op export versoepelt. De EU heeft die wet met succes aangevochten bij de Wereld Handelsorganisatie (WTO).

De risico's zijn nog toegenomen sinds Brussel afgelopen vrijdag heeft meegedeeld dat een voorstel om de wet te amenderen in het Amerikaans Congres nog steeds niet voldoet aan de regels van de WTO.

Washington heeft prompt de bezwaren van de EU van de hand gewezen en beloofd om er hoe dan ook mee door te gaan. De impasse zal de hele zaak bijna zeker opnieuw bij de WTO doen belanden, waardoor die organisatie nog maar eens het toneel van een bitter transatlantisch gladiatorengevecht zal worden.

Het doemscenario is dat de EU sancties zal opleggen voor niet minder dan 4 miljard dollar aan export uit de VS, misschien zelfs zonder het verdict van de WTO over de wettigheid van de Amerikaanse wetgeving af te wachten. Sancties zouden niet alleen op massale schaal de handelsbetrekkingen verstoren, maar ook een krachtige tegenzet van de VS uitlokken.

De VS hebben al laten verstaan dat ze bij de WTO klacht zullen indienen tegen de EU over de Europese belastingwetten. De procedureregels van de WTO voor het oplossen van conflicten, die de basis vormen van het handelssysteem, zouden het onder al die druk wel eens kunnen begeven.

Misschien komt het niet zo ver: misschien kan er op het laatste nippertje nog een uitweg worden gevonden. Maar het feit dat het zo ver kon komen, is een zware aanklacht voor zowel het Amerikaanse als het Europese handelsbeleid. Deze keer is vooral Brussel over de schreef gegaan. De klacht bij de WTO was bedoeld om een niet echt groot handelsvergrijp te laten rechtzetten en ze kon maar op lauwe steun van de Europese industrie rekenen. Het was vooral de bedoeling om de VS met gelijke munt terug te betalen omdat ze hen hadden gekoeioneerd in handelsconflicten over bananen en vlees. De EU, die gelijk heeft gekregen, lijkt nu vastbesloten -- in naam van de naleving van handelsregels -- om de VS in verlegenheid te brengen.

Ten gunste van de VS moet worden aangestipt dat ze geprobeerd hebben om de deadline van de WTO om de wet te wijzigen te halen, terwijl de EU nog altijd de regels voor bananen en vlees negeert. Maar de palmares van de VS inzake gewonnen conflicten bij de WTO is allesbehalve schitterend. Al te vaak zijn ze het slachtoffer geworden van enge belangen en grote campagnebijdragen van bedrijven. Ze zijn er net als de EU op uit om het apparaat van de WTO te manipuleren zowel om rekeningen te vereffenen als om nieuwe markten aan te boren.

Dat soort gedrag van de twee grootste leden van de organisatie is op z'n minst betreurenswaardig. Dat is het nu nog meer na de catastrofe vorig jaar in Seattle, waar de WTO intern verdeeld is uitgekomen en bergen kritiek van buitenstaanders te verduren heeft gekregen. De VS en de EU spelen met vuur als ze de organisatie blijven behandelen zoals bakkeleiende advocaten in een ordinaire assisenzaak.

Beide partijen moeten leren verder te kijken dan hun banale, nietszeggende conflictjes en bekrompen belangetjes en oog hebben voor het ruimere belang van een systeem van wereldhandel. Als ze dat niet doen, dan lopen ze het risico om een fatale slag toe te brengen aan de organisatie die ze grotendeels zelf mee hebben helpen oprichten.

© The Financial Times