BRUSSEL -- In maart heette het nog dat Arinso hét beursdossier was van de eerste jaarhelft. Een internationaal actief bedrijf met dynamisch management en bewezen track record , dat bovendien in vergelijking met de concurrentie niet te duur naar de markt gebracht werd. Drie maanden later zitten de beleggers met een stevige kater. Ruim de helft van hun investering ging de mist in. Wat liep er fout?

Over Arinso werd bij de beursgang alleen in superlatieven gesproken. Het bedrijf dat net zijn zesde levensjaar achter de rug had, werd omschreven als een stevig uit de kluiten gewassen IT-bedrijf. Arinso had de jongste jaren telkens zijn omzet verdubbeld en haalde mooie winstmarges.

De cijfers van 1999 toonden een groei van de omzet met 91 procent tot 55,1 miljoen euro (2,2 miljard frank) en een bedrijfsmarge (bedrijfswinst tegenover omzet) van 21,8 procent. Dit jaar zou de omzet verdubbelen tot circa 100 miljoen euro, bij een courante bedrijfswinst van 21 miljoen euro.

Fortis Bank bracht het bedrijf tegen 40 euro naar de beurs, goed voor een marktwaarde van 26 miljard frank of bijna 12 keer de omzet van 1999. Een koers die Arinso nooit meer zou overtreffen, op die ene notering van 40,25 euro na. Het bedrijf bleek naar de markt gebracht op het hoogtepunt van de cyclus.

Normaal zou Arinso in oktober 1999 al de stap naar de markt gedaan hebben, maar de beursgang werd toen uitgesteld omdat het klimaat onvoldoende positief was. In maart 2000 was er geen gebrek aan enthousiasme. Technologie was in. Het bedrijf deed zelf zijn duit in het zakje om een hype rond zich te creëren. In een economisch weekblad verschenen flitsende foto's van oprichter Jos Sluys. Sluys verklaarde ook al naar de Belgische beursindex Bel-20 te lonken.

De bankiers die bij de beursgang betrokken waren -- naast Fortis waren dat KBC en Bank Degroof -- waren erg positief over het bedrijf. Niemand leek zich te storen aan het feit dat bij de beursgang de stichter, Jos Sluys, flink aan de kassa passeerde.

Sluys streek 2,1 miljard frank op en was de dominante verkoper achter het verkoopbod van bestaande aandelen. Er was ook een even grote schijf nieuwe aandelen, waarvan de opbrengst integraal naar het bedrijf ging. De kosten van de beursgang werden integraal afgewenteld op het bedrijf: 160 miljoen frank. Dat was een van de factoren achter het verlies dat het bedrijf gisteren bekend maakte.

Het businessplan van Arinso ging uit van een aanhoudend sterke groei. Het bedrijf leek geen last te hebben van het Y2K-fenomeen (de millenniumbug). Van een groeivertraging leek geen sprake.

Half juni kreeg de markt een verborgen winstwaarschuwing gepresenteerd. Arinso kondigde een overname aan, en maakte van die mededeling gebruik om aan te geven dat de ontwikkelingen in de VS achterbleven op wat begroot was. Beleggers reageerden geschokt en dumpten het aandeel. Het bedrijf verloor meer dan de helft van zijn waarde.

Pas gisteren, 4 september, gaf Arinso gedetailleerde informatie. Daaruit bleek dat het probleem in het tweede kwartaal dieper zat dan sommigen dachten. De winst was ook in Frankrijk, de tweede belangrijkste markt van Arinso, in elkaar geklapt. Ook Engeland, de VS, Argentinië, Italië en enkele andere landen hadden het slecht gedaan. Enkel Nederland zorgde voor een positieve uitschieter.

Jos Sluys zei dat hij niet de managementsystemen in huis had om al zijn activiteiten in die landen naar behoren op te volgen. Daarin is volgens hem ondertussen verandering gekomen. En passant was ook de financieel directeur van de groep onder de druk onderuitgegaan.

Analisten vragen zich af in welke mate de belegger correct ingelicht werd in maart. ,,Op basis van het orderboekje en de ploeg IT-medewerkers kan men zo de rendabiliteit berekenen. Ik snap niet dat men in maart die ordervertraging nog niet zag'', zegt een analist.

Na de slechte cijfers van gisteren zien analisten geen reden om het aandeel te kopen of te verkopen. Het vertrouwen is tot nader order nog steeds geschokt.

Critici verwijzen ondertussen ook naar het hightech-bedrijf CS2, dat in april met het nodige tromgeroffel naar de markt werd gebracht. Ook daar werd kort na de beursgang negatieve informatie uitgestuurd. Alleen valt de schade voor de belegger daar nog flink mee. Ondertussen rijst wel de vraag naar het (te) ongebreideld optimisme waar bankiers bij beursintroducties van getuigen.