BRUSSEL -- De conclusies van het rapport van zogenaamde gerechtelijke experts over de boekhouding van L&H is allesbehalve verrassend. ,,De raad van bestuur had al lang erkend dat de boekhouding gemanipuleerd werd en correcties laten doorvoeren'', zei een betrokkene gisteren.

L&H gaf in november vorig jaar al toe dat de boekhouding over 1998 tot half 2000 fouten en onregelmatigheden bevatte. Het intern auditcomité maakte voor maximaal 272 miljoen dollar of 12,5 miljard frank correcties bekend.

In een volgende fase werden alle contracten van minstens 250.000 dollar die L&H over de jaren 1998, 1999 en de eerste helft van 2000 afsloot, opnieuw geanalyseerd. PriceWaterhouseCoopers werkte daaraan mee.

Voor de moedermaatschappij ging het om 170 contracten, 25 voor Azië en meer dan 40 voor de US. In Korea werd alle omzet teruggedraaid. Meer dan 80 procent van de omzet van het moederbedrijf werd opnieuw geanalyseerd. De conclusie was dat voor 373 miljoen dollar (17,16 miljard frank) omzet moest teruggedraaid worden.

In functie van het boekjaar ging het om 52 procent tot 67 procent van de omzet (exclusief Mendez, Dictaphone en Dragon). Eén van de conclusies was dat het systeem van de zogenaamde LDC's frauduleus toegepast werd door het vorig management. Dit gebeurde via side letters zeg maar geheime verbintenissen of ,,contracten onder tafel''.

De Financieel Economische Tijd opende afgelopen weekend de krant met het nieuws dat een college van experts tot de conclusie was gekomen dat L&H in het verleden onterecht een aantal inkomsten als omzet boekte volgens de Belgische boekhoudwetgeving.

Volgens betrokkenen is de conclusie weinig verrassend. ,,Bedrijf en raad van bestuur hadden al lang toegegeven dat de boekhouding in het verleden gemanipuleerd werd. Contracten onder tafel zijn onwettig. Het is een beetje vreemd dat blijkbaar sommigen een verschillende conclusie verwachtten volgens Belgische of Amerikaanse boekhoudregels.'' De ingeschakelde experts zijn onder meer commissarissen van het kantoor Ernst & Young.