De overname van Legrand door Schneider gaat voorlopig niet door. De kleine aandeelhouders in Legrand haalden voor de rechtbank hun slag thuis.

De Franse elektronicafabrikant Schneider bracht enige tijd geleden een overnamebod van meer dan 300 miljard frank uit op concurrent Legrand. De bevoegde instanties hadden die overname al goedgekeurd, maar eergisteren ging een Franse rechtbank daar tegenin. De rechtbank had oren naar de klacht van een aantal eigenaars van preferente aandelen in Legrand.

Het is nog niet helemaal duidelijk of Schneider een heel nieuw bod moet uitbrengen, of dat een bijgeschaafd bod volstaat, zoals in een van de bepalingen van het vonnis staat.

,,Schneider Electric en Legrand nemen akte van de beslissing van het hof van beroep van Parijs en onderzoeken samen de verschillende mogelijkheden die na deze beslissing overblijven'', staat te lezen in een gezamenlijke verklaring van de twee bedrijven.

De aandelenkoers van beide bedrijven zakte na de bekendmaking, en de handel in Schneider en Legrand werd opgeschort tot gisteren. Het aandeel-Schneider daalde met 1,8 procent tot 73,90 euro, dat van Legrand zakte met 5,7 procent tot 239,50 euro.

Vertegenwoordigers van de ontevreden kleine aandeelhouders van Legrand juichten de beslissing toe en hadden het over een mijlpaal in de geschiedenis van het Franse corporate governance .

Schneider bracht in januari een totaalbod uit op Legrand. Maar sommige bezitters van preferente aandelen in Legrand waren het er niet mee eens dat zij 43 procent minder aandelen in Schneider zouden krijgen dan de eigenaars van gewone aandelen. Preferente aandelen geven minder stemrecht dan gewone aandelen, maar genereren meer dividend. De kleine aandeelhouders stapten meteen naar de rechtbank.

Colette Neuville behartigde de zaak. Zij is directrice van Adam, een vereniging die de belangen van minderheidsaandeelhouders verdedigt. Ze kreeg de steun van Franse en buitenlandse fondsenbeheerders. Ze verwacht dat Schneider nu een nieuw bod uitbrengt dat gunstiger is voor de preferente aandeelhouders.

,,Ik voer deze strijd al tien jaar en ik was mijn vertrouwen in de Frans justitie bijna kwijt'', zei Neuville. ,,Dit is waarlijk een grote dag. Dankzij deze uitspraak wint de financiële markt van Parijs wereldwijd aan geloofwaardigheid bij de beleggers.''

Schneider en Legrand argumenteerden dat de preferente aandeelhouders hun participatie goedkoper hadden gekocht dan de gewone aandeelhouders. Het was dan ook normaal dat ze nu minder uitbetaald kregen voor hun aandelen. Ze beschuldigden de burgerlijke partij ervan speculanten te vertegenwoordigen.

Beide bedrijven wilden de handen in elkaar slaan om sterker te staan op de markt van het elektrisch installatiemateriaal en zo de harde concurrentie aan te kunnen met rivalen als ABB, General Electric en Siemens. Het fusiebedrijf zou jaarlijks een verkoopcijfer halen van 500 miljard frank en zou heel wat marktaandeel hebben in productcategorieën als stopcontacten en schakelaars. De Europese concurrentie-autoriteiten onderzoeken de voorgestelde fusie nog.