BRUSSEL (belga) -- De Belgische Vereniging van Bedrijfsjuristen (BVBJ) schaart zich achter de wet die in de oprichting voorziet van een instituut voor bedrijfsjuristen. Die wet werd goedgekeurd in Kamer en Senaat en zou later deze maand van kracht moeten worden.

,,Voor het eerst worden zowel het beroep als de titel van bedrijfsjurist wettelijk erkend'', zei Dirk Deschrijver, voorzitter van de BVBJ, gisteren op een persconferentie.

,,Totnogtoe was het beroep alleen in België en in Finland niet beschermd.''

Het instituut voor bedrijfsjuristen kan de titel van bedrijfsjurist toekennen aan natuurlijke personen die voldoen aan enkele eisen: het bezit van een diploma van doctor of licentiaat in de rechten of in het notariaat of van een gelijkwaardig buitenlands diploma en van een arbeidsovereenkomst met een Belgische openbare of particuliere onderneming.

De aanvrager moet voor zijn werkgever ,,studies opmaken, adviezen verstrekken, akten opstellen, raad geven en bijstand verlenen op juridisch vlak, en in hoofdzaak verantwoordelijkheid dragen op juridisch vlak.''

Alleen de leden van het instituut mogen de titel voeren van bedrijfsjurist, aldus Deschrijver. Het staat bedrijven weliswaar vrij om juridisch advies te vragen aan mensen die geen erkend bedrijfsjurist zijn.

De door een bedrijfsjurist verstrekte adviezen ten gunste van zijn werkgever en in het raam van zijn functie van juridisch raadsman zijn vertrouwelijk. Dat betekent dat schriftelijke documenten niet tegen de bedrijfsjurist kunnen worden gebruikt, niet beschikbaar zijn voor de concurrentieoverheid of voor de belastingdiensten.

België telt momenteel zo'n 1.500 bedrijfsjuristen, van wie zowat de helft lid is van de BVBJ. In Europa zijn er zo'n 20.000 bedrijfsjuristen.