De strijd der seksen kan eind deze maand een nieuwe wending krijgen bij de stemming in Denemarken over de gemeenschappelijke Europese munt.

Als de Deense mannen niet zouden mogen stemmen, dan zou het referendum van eind september over de toetreding tot de Europese muntunie uitdraaien op een klinkende nederlaag voor de Deense voorstanders van de euro. Maar als de vrouwen niet zouden mogen stemmen, dan zou het resultaat net omgekeerd zijn. Eerste minister Poul Nyrup Rasmussen zou dan zeker zijn derde opeenvolgende overwinning behalen in een referendum sinds hij in 1993 aan de macht kwam.

Een vorige zondag gepubliceerde opiniepeiling van Gallup bevestigde dat de uitslag van het referendum nog steeds een dubbeltje op zijn kant is: 44 procent is voor de euro, 43 procent is tegen en 13 procent is nog onbeslist.

Achter die nationale tweespalt schuilt een diepe kloof tussen mannen en vrouwen. Van diegenen die al beslist hebben hoe ze zullen stemmen, zal 59 procent van de mannen voor en 58 procent van de vrouwen tegen de euro stemmen.

Lene Jespersen leidt de ja-campagne van de conservatieve partij. Zij zegt dat de peiling aantoont dat volgens veel vrouwen de Europese politiek weinig te maken heeft met hun dagelijkse leven.

,,Dat is echt een verkeerde opvatting en we onderstrepen dat de EU niet alleen maar een project van mannen is'', zegt ze.

De Conservatieven erkenden als eersten dat het referendum niet kan worden gewonnen zonder speciale inspanningen voor de vrouwelijke kiezers.

De partij heeft haar vroegere campagnebeleid omgegooid en is nu van plan om advertenties die op vrouwelijke kiezers gericht zijn, te plaatsen in bladen met een uitgebreid vrouwelijk lezerspubliek, onder meer in modebladen en de royalty-roddelblaadjes.

Uit straatinterviews met vrouwen in Kopenhagen blijkt dat de vrouwelijke eurosceptici uit verschillende generaties komen en een uiteenlopende sociale afkomst en scholing hebben. ,,Ik ben een voorstander van de Europese Unie, maar ik denk dat het tempo te hoog is geworden'', zegt Inge Lissau, hoofdonderzoeker inzake volksgezondheid.

Haar twijfels over de snelheid van de Europese integratie worden beaamd door Kirsten Greve, een gepensioneerde boekenverkoopster. Zij zegt dat elke stap die de EU heeft gezet sinds Denemarken EU-lid werd in 1973, een stap in de richting van de Verenigde Staten van Europa is geweest. ,,Samenwerking op het vlak van handel en milieubescherming is prima, maar we kunnen niet verder integreren. Europeanen zijn onderling te verschillend om dat goed te laten werken'', zegt Greve.

Heidi Rasmussen is een studente die een centje bijverdient met ploegenwerk in een pompstation aan de rand van de stad. Zij gebruikt de nationale soevereiniteit als argument. ,,Ik vind dat Denemarken onafhankelijk moet blijven. De EU is te dominant geworden'', zegt ze.

De participatiegraad van Deense vrouwen op de arbeidsmarkt ligt hoger dan in alle andere EU-landen. 83 procent van de vrouwen met jonge kinderen heeft ook een voltijdse baan.

Maar desondanks blijven Deense analisten (meestal mannen) in de media beweren dat de vrouwelijke kiezers veeleer met hun hart dan met hun verstand kiezen.

,,Enorm veel vrouwen die zeggen dat ze met hun hart zullen kiezen, beschikken over te weinig informatie om een beslissing op te baseren, omdat ze te weinig interesse hebben om die informatie te vinden'', zegt Jorn Thulstrup, directeur van Ifka, een politiek onderzoeksinstituut.

Die opmerking maakt Ritt Bjerregaard woest. Zij is voormalig EU-commissaris voor het milieu en is momenteel Deens minister van Landbouw en binnen de regering een van de leiders van de pro-eurocampagne. ,,Het is onzin om te beweren dat vrouwen alleen maar met hun hart reageren. Vrouwen laten hun hart spreken, maar zijn ook perfect op de hoogte van de manier waarop macht werkt. Ze weten dat ze moeten participeren en niet alle macht aan de mannen mogen laten.''

Drude Dahlerup is de anti-eurotegenstander van mevrouw Bjerregaard. Zij zit met Bjerregaard op dezelfde golflengte qua misprijzen voor de hart-en-verstand-theorie. ,,Hier wordt gesuggereerd dat vrouwen emotionele en mannen logisch denkende wezens zijn. Een belachelijk argument.''

Mevrouw Dahlerup is de oprichtster van de June-beweging tegen de Europese muntunie, professor politieke wetenschappen en gespecialiseerd in genderonderzoek.

Zij suggereert dat de meeste vrouwelijke kiezers zich in hoofdzaak zorgen maken over de vermeende bedreiging van de Deense welvaartstaat. ,,Uit onderzoek blijkt dat de kloof tussen de geslachten veel te maken heeft met de welvaartsstaat. Het Deense model van de welvaartsstaat is zeer kwetsbaar en staat al onder druk; de euro zal die bedreiging nog vergroten'', zegt ze.

De pro-eurolobby betwist dat met het argument dat de euro de gekoesterde Deense welvaartsstaat veeleer zal ondersteunen dan ondergraven.

Maar over één zaak zijn mevrouw Dahlerup en haar tegenstanders het eens: vrouwen moeten massaal naar buiten komen om hun stem te laten horen op de verkiezingsdag. ,,Laat die beslissing niet aan de mannen over'', roept ze op.

© The Financial Times