BRUSSEL -- Vakbonden en werkgeversfederaties starten midden september de onderhandelingen over een nieuw sociaal akkoord, voor de periode 2001-2002. De omstandigheden zijn in niets te vergelijken met die van de jaren tachtig en negentig. Van crisis is er geen sprake meer. Maar aan uitdagingen ontbreekt het de sociale partners niet. Wat met de krapte op de arbeidsmarkt? Hoever kan de loonsverhoging gaan? En gaan we minder of meer moeten werken?

Jarenlang was de strijd tegen de werkloosheid het dominerende thema aan de onderhandelingstafel. Maar die tijd is voorbij. Studies en statistieken allerhande, en een lange reeks praktijkvoorbeelden hebben afdoende aangetoond dat er -- vooral in Vlaanderen -- een toenemend tekort is aan geschikte werkzoekenden.

Vakbonden en werkgevers zijn het eens dat alleen een betere scholing en beroepsopleiding, gecombineerd met werkervaring in de bedrijven, de overgebleven groep (laaggeschoolde) werklozen kan klaarstomen voor de duizenden openstaande vacatures.

Vorming is evenwel geen federale bevoegdheid, maar een regionale. En dus kan het federale akkoord hoogstens aanbevelingen doen. De uitvoering is een zaak van de Vlaamse sociale partners en regering. Het aflopende sociaal akkoord, voor 1999-2000, bepaalt overigens dat de bedrijven hun vormingsinspanningen tegen 2004 geleidelijk optrekken met 20 miljard frank. Over het effect lopen de meningen fel uiteen.

Niet alleen de schaarste aan werkzoekenden belemmert de bedrijven in hun expansie, zegt het VBO; ook de loonhandicap doet dat. Het loonverschil met de buurlanden is weliswaar gedaald, maar bedraagt nog altijd 8 procent. Daarom eisen de werkgevers dat de regering-Verhofstadt haar politiek van lastenverlagingen doorzet en dat de loonmatiging aangehouden wordt.

VBO en Unizo vinden dat de bedrijven geen hoge loonsverhogingen aankunnen. Maar benadrukken dat een belastingverlaging soelaas kan bieden. Met het plan-Reynders gaat de koopkracht van de werknemers fors omhoog, zonder dat de arbeidskosten van de bedrijven stijgen. Bijgevolg zouden de vakbonden hun looneisen kunnen milderen.

Maar ACV en ABVV hebben al forse kritiek geuit op het plan-Reynders en zijn niet zinnens hun looneisen zomaar in te slikken. Ze willen hun achterban al in 2001 hogere inkomsten kunnen aanbieden. En dat tempo is veel te snel voor een belastingverlaging.

Voorlopige berekeningen hebben het voor de komende twee jaar over een netto-loonmarge (buiten indexeringen) van 2,1 tot 4 procent, als de vergelijking met de buurlanden wordt aangehouden. Rond 15 september is het vergelijkingsrapport hierover, door de Centrale raad voor het Bedrijfsleven, klaar. Dan kan het loondebat echt beginnen. Ook over de loonextra's : winstparticipatie en pensioenfondsen. De twee grote bonden zien die uitlaatklep niet zitten. De kleinere liberale bond ACLVB wel en de werkgevers ook.

De vakbonden pakken nog maar sinds enkele maanden uit met forse looneisen. Lange tijd ging hun aandacht vooral naar een ,,betere kwaliteit van de arbeid'': minder stress, minder werken, via een uitgebreid aanbod van individuele formules van loopbaanplanning en -onderbreking. De collectieve werktijdverkorting -- de 32- of 35-urenweek -- staat niet meer bovenaan de syndicale agenda, ondanks de steun van PS-minister Laurette Onkelinx.

Regering en werkgevers houden intussen een ander discours: dat van meer en langer werken, van minder vroeg met (brug)pensioen gaan. Van bedrijven die oudere werknemers niet meer massaal mogen laten afvloeien, maar aan boord moeten houden, of opnieuw aan boord moeten halen. Het belooft een hard debat te worden, want voor de vakbonden staat elke aantasting van het brugpensioen gelijk aan een oorlogsverklaring.

De sociale partners -- en de regering -- moeten zich in de komende maanden nog over een ander gevoelig dossier buigen: de harmonisatie van het statuut van arbeiders en bedienden.

Als er dit najaar een federaal en/of Vlaams akkoord uit de bus komen, moeten die alleszins nog een concrete vertaling krijgen in afspraken in de bedrijfssectoren. Maar dat is pas voor het voorjaar 2001.