BRUSSEL -- De vier gewezen staatsmonopolisten, Belgacom (ex-RTT), Sabena, de NMBS en De Post, staan voor beslissende maanden. Voor Sabena gaat het noch min of meer om het voortbestaan na de dramatische financiële halfjaarresultaten. De drie autonome overheidsbedrijven moeten zich aanpassen aan de groeiende concurrentie. Omdat het gaat om grote werkgevers met een lange traditie van bevoogding, spelen politiek en vakbonden nog steeds een belangrijke rol.



  • Sabena.
  • De Zwitser Paul Reutlinger heeft Sabena veranderd van een door stakingen en slechte service geplaagde maatschappij tot een kwaliteitsnaam. Maar de rendabiliteit is niet gevolgd. Zijn opvolger Christoph Müller moest vorige maand een halfjaarverlies van bijna 3,4 miljard frank bekend maken.

    In buitenlandse media had hij het zelfs over een ,,levensbedreigende'' toestand. Dat leverde hem een eerste aanvaring met de vakbonden en een snelle correctie van minister Rik Daems op, maar meteen was iedereen wel bij de les. Zonder drastische ingrepen -- lees onder meer verkoop van randactiviteiten, verregaande synergie met Swissair en meer flexibiliteit -- en een kapitaalsverhoging door de nieuwe Zwitserse eigenaar, SAirGroup, zal het niet gaan.

    Deze maand al wil Müller met concrete maatregelen komen. Het totale personeelsbestand zal allicht niet achteruit gaan gezien de groeiende omzet van Sabena, maar veel individuele werknemers zullen wel kunnen uitkijken naar een andere functie.

  • De Post.
  • De Post staat er financieel beter voor, maar de grote schok van de Europese liberalisering in die sector moet ook nog komen. Buitenlandse concurrenten, zoals de Nederlandse en Duitse posterijen, hebben zich via overnames en interne investeringen al omgevormd tot logistieke bedrijven van de eerste orde. De Post in België moet op korte tijd de achterstand goedmaken.

    De nieuwe directie onder leiding van Frans Rombouts (ex-Campina) wil De Post omtoveren tot een concurrentieel communicatiebedrijf, ook op nieuwe terreinen als Internet en spraaktechnologie. Vooraleer die plannen op het terrein kunnen worden waargemaakt, moet er wel eerst een akkoord zijn met de vakbonden. De Post heeft nieuwe mensen nodig (marketeers, informatici, enz.) en tegelijk, bij voorbeeld op de administratie, volk te veel. Ondertusen is er nog het nijpend probleem van tekort aan postbodes in sommige regio's.

  • NMBS.
  • De NMBS moet het met de overheid eens worden over het tienjareninvesteringsplan voor de periode 2001-2010. Dat gaat niet alleen over enkele honderden miljarden frank, maar bevat ook een belangrijke communautaire angel. Buiten Brussel worden de kredieten 60/40 verdeeld tussen Vlaanderen en Wallonië. Sociale onrust is niet uit te sluiten als duidelijk wordt wat de NMBS gaat doen om de oplopende schulden onder controle te houden. In het plan Doelstelling 2005 was een schuldenlast van 200 miljard vooropgesteld, met inbegrip van de financiële lasten van de hst-investeringen. Maar dat bedrag wordt zonder maatregelen zeker overschreden.

  • Belgacom.
  • De openbare telecomoperator is nog steeds voor 50 % + 1 aandeel in handen van de overheid, ondanks de zoektocht van Rik Daems van meer dan een jaar naar een geschikte verdere privatisering. Het bedrijf is, anders dan Sabena, in goede gezondheid. De winst is de voorbije jaren gaandeweg opgekrikt, het marktaandeel in nieuwe sectoren als mobilofonie en internetverkeer is bijzonder stevig. Maar de onrust bij de vakbonden en ,,statutairen'' van de ex-RTT sluimert: wat gaat er gebeuren als de overheid het bedrijf naar de beurs brengt of als een buitenlandse operator de meerderheid neemt? In dat opzicht is de oplossing van Daems voor Sabena met zogezegd ,,sluitende garanties'' geen lichtend voorbeeld.

    De Brusselse beurs kijkt nu al een jaar reikhalzend uit om Belgacom te mogen opnemen in de tabellen. Maar het wordt alsmaar minder waarschijnlijk dat die notering nog dit jaar komt.

    Belangrijk dit najaar voor Belgacom wordt de veiling van de UMTS-licenties, waar het gokken is hoe diep het bedrijf daarvoor in zijn zakken zal moeten tasten. Daarnaast zal de vrijmaking van het aansluitnet (de zogenaamde ,,unbundling'' van de ,,local loop'') voor een verdere liberalisering van de sector zorgen. Belgacom zal verplicht worden om zijn centrales open te stellen voor concurrenten, die hun netwerk zullen kunnen aansluiten op de laatste kilometers koperdraad van Belgacom. Voor nieuwkomers op de markt is het immers te duur om een eigen netwerk dat langs elk huis passeert, aan te leggen. Die unbundling van de local loop zal alleszins voor Belgacom een extra concurrentiële omgeving scheppen.